Regeling · BWBR0012174
Warenwetbesluit Kruidenpreparaten
Op de voordracht van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 25 augustus 2000, kenmerk GZB/VVB 2099119, gedaan in overeenstemming met Onze Minister van Economische Zaken en de Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;
Gelet op de artikelen 4, eerste lid, 8, onder c, 9 onder a, 12 en 14 van de Warenwet;
De Raad van State gehoord (advies van 19 oktober 2000, no. W13.00.0392/III)
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 15 januari 2001, GZB/VVB 2144381, uitgebracht in overeenstemming met Onze Minister van Economische Zaken en de Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
's-Gravenhage19 januari 2001BeatrixDe Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,E. Borst-Eilersde eenendertigste januari 2001De Minister van Justitie,A. H. KorthalsIn dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
- a.
kruidensubstantie: substantie bestaande uit plantenmateriaal;
- b.
kruidenpreparaat: een kruidensubstantie, al dan niet bewerkt, die bestemd is te worden gebruikt door de mens, daaronder begrepen kruidenextracten;
- c.
toxische pyrrolizidine-alkaloïden: esteralkaloïden die zijn afgeleid van necinediol (7-hydroxy-1-hydroxy-methylpyrrolizidine) met een 1,2-onverzadigde binding, inclusief de onderscheiden N-oxides;
- d.
verordening (EG) 1334/2008: verordening (EG) nr. 1334/2008 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 16 december 2008 (PbEU L 354) inzake aroma’s en bepaalde voedselingrediënten met aromatiserende eigenschappen voor gebruik in levensmiddelen en tot wijziging van verordening (EG) nr. 1601/91 van de Raad, verordening nr. (EG)2232/96, verordening (EG) nr. 110/2008 en richtlijn 2000/13/EG.
Dit besluit is niet van toepassing op:
- a.
kruidensubstanties of kruidenpreparaten waarvan aannemelijk gemaakt kan worden dat ze bestemd zijn om te worden bewerkt, onderscheidenlijk verder bewerkt tot geneesmiddelen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Geneesmiddelenwet;
- b.
geneesmiddelen als bedoeld onder a;
- c.
cosmetische producten als bedoeld in het Warenwetbesluit cosmetische producten 2011;
- d.
specerijen en kruiden als genoemd in het Warenwetbesluit Specerijen en kruiden;
- e.
aroma's als bedoeld in verordening (EG) 1334/2008.
Het is verboden kruidenpreparaten of waren die kruidenpreparaten bevatten, te bereiden, te vervaardigen of te verhandelen, indien deze niet voldoen aan de bij of krachtens dit besluit gestelde eisen.
Kruidenpreparaten bevatten slechts kruidensubstanties in hoeveelheden die niet schadelijk zijn voor de volksgezondheid.
De hoeveelheid toxische pyrrolizidine-alkaloïden van kruidenpreparaten die bestaan uit materiaal dat geheel of ten dele afkomstig is van planten, bedoeld in onderdeel I van de bijlage, of van andere planten waarvan wordt aangenomen dat ze toxische pyrrolizidine-alkaloïden bevatten, bedraagt niet meer dan 1 µg per kg, onderscheidenlijk per liter.
Kruidenpreparaten bevatten geen:
- a.
aristolochiazuren of derivaten hiervan; en
- b.
yohimbe-alkaloïden of derivaten hiervan.
Kruidenpreparaten bevatten geen materiaal dat geheel of ten dele afkomstig is van planten bedoeld in onderdeel II van de bijlage.
De verhandelaar die een kruidenpreparaat met een bewering over de werking of eigenschappen daarvan voor de eerste keer in de handel brengt, beschikt over objectieve gegevens waaruit die werking of eigenschappen blijken.
De verhandelaar die een kruidenpreparaat met een bewering over de werking of eigenschappen daarvan op de datum van inwerkingtreding van dit besluit in de handel heeft, beschikt over objectieve gegevens waaruit die werking of eigenschappen blijken.
De in het eerste en tweede lid bedoelde gegevens worden desgevraagd door de daar bedoelde verhandelaar ter beschikking gesteld van de ambtenaar die belast is met het toezicht op de naleving van dit besluit.
Onverminderd Verordening (EU) nr. 1169/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2011 betreffende de verstrekking van voedselinformatie aan consumenten (PbEU 2011, L 304) wordt bij kruidenpreparaten, zijnde eet- of drinkwaren, een vermelding gebezigd inzake een gebruiks- en doseringsadvies.
Bij kruidenpreparaten, niet zijnde eet- of drinkwaren, wordt een vermelding gebezigd inzake een lijst van ingrediënten, een gebruiks- en doseringsadvies en een vermelding van de naam of de handelsnaam en het adres of de vestigingsplaats van de fabrikant of persoon die verantwoordelijk is voor het in de handel brengen van de waar.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 februari 2001, met dien verstande dat artikel 4, eerste en derde lid, in werking treedt op 1 augustus 2001 voor die kruidenpreparaten, niet zijnde eet- of drinkwaren, die uitsluitend bestemd zijn om in aanraking te worden gebracht met de verschillende delen van het menselijk lichaamsoppervlak, en waarin geen andere planten aanwezig zijn dan die welke met cijfer 1 in de laatste kolom van de bijlage zijn aangegeven.
In afwijking van het eerste lid treedt:
- a.
artikel 6 in werking met ingang van 1 januari 2002;
- b.
artikel 5, tweede lid, in werking met ingang van 1 januari 2003.
Dit besluit wordt aangehaald als: Warenwetbesluit Kruidenpreparaten.
Deze bijlage behoort bij artikel 4.
I Ten minste de volgende plantensoorten worden geacht toxische pyrrolizidine-alkaloïden te bevatten.
Familie: | Geslacht: | Soort: | Bijzonderheden: |
Asteraceae | Brachyglottis | Brachyglottis repens | |
Cineraria | Cineraria maritima | ||
Erechtites | Erechtites hieracifolia | ||
Eupatorium | Alle soorten, waaron- | 1 | |
(Leverkruid) | der: Eupatorium aromaticum Eupatorium cannabinum | ||
Eupatorium purpu- | 1 | ||
reumechter met uitzondering van Eupatorium perfoliatum | |||
Petasites (Groot hoefblad) | Petasites hybridus Petasites officinalis | ||
Senecio (Kruiskruid) | Alle soorten, waaronder: Senecio adonidifolius Senecio aureus Senecio bicolor Senecio cineraria Senecio doronicum Senecio incanus Senecio jacobaea Senecio nemorensis Senecio vulgaris | ||
Tussilago (Klein hoefblad) | Tussilago farfara | 1 | |
Tussilago petasites | |||
Boraginaceae | Alkanna | Alkanna tinctoria | 1 |
Anchusa (Ossetong) | Anchusa arvensis Anchusa italica Anchusa officinalis | 1 | |
Anchusa tinctoria | |||
Borago (Bernagie) | Borago officinalis | 1 | |
Cynoglossum (Hondstong) | Cynoglossum officinale | ||
Heliotropium (Heliotroop) | Alle soorten, waaronder: Heliotropium arborescens Heloptropium peruvianum Heliotropium europaeum Heliotropium indicum | ||
Lithospermum (Parelzaad) | Lithospermum officinale | 1 | |
(Glad Parelkruid) | |||
Symphytum (Smeerwortel) | Alle soorten, waaronder: Symphytum officinale | 1 |
Aconitum napellus (Monnikskap of Duivelskruid) | |
Adonis vernalis (Voorjaarsadonis of Duivelsoog) | |
Artemisia cina (Echt wormkruid) | |
Artemisia maritima Zeealsem) | |
Atropa belladonna (Wolfskers) | |
Brassica nigra (Zwarte mosterd), | 1 |
behoudens de toepassing in levensmiddelen van het zaad Bryonia alba (Heggerank) | |
Cephaelis acuminata of Uragoga granatensis (waaronder Ipecacuanhae radix) | |
Chenopodium ambrosioides (var. anthelminthicum) (Welriekende ganzevoet) | |
Chrysanthemum vulgare of Tanacetum vulgare (Boerenwormkruid of Reinvaren) | 1 |
Citrullus colocynthidis (Kolokwint of Kwintappel) | 1 |
Claviceps purpurea (Moederkoorn) | |
Colchicum autumnale (Herfsttijloos) | |
Convallaria majalis (Lelietje-van-dalen) | |
Convolvulus scammonia | |
Croton tiglium | |
Datura stramonium (Doornappel) | |
Digitalis lanata (Wollig vingerhoedskruid) | |
Digitalis purpurea (Vingerhoedskruid) | |
Dryopteris filix-mas (Mannetjesvaren) | 1 |
Exogonium purga of Ipomoea purga (Jalappe) | 1 |
Genista tinctoria (Verfbrem) | |
Hyoscyamus niger (Bilzekruid) | |
Juglans regia (Walnotenboom of Okkernotenboom), behalve de noten | 1 |
Juniperus sabina (Zevenboom) | |
Ledum palustre (Moerasrozemarijn) | 1 |
Lobelia inflata (Lobeliakruid) | |
Lycopus europaeus (Wolfspoot) | |
Mallotus philipinensis of Rottlera tinctoria (Kamala) | |
Mandragora officinalis (alruin) | |
Nerium oleander (Oleander) | 1 |
Pausinystalia yohimbe of Corynanthe yohimbe | |
Piper methysticum (Kava kava) | |
Podophyllum peltatum (Voetblad, Meiappel of Eendvoet), met uitzondering van de vruchten | 1 |
Pulsatilla vulgaris of Anemona pulsatilla (Wildemanskruid of Paarse anemoon) | |
Rauwolfia serpentina (Rauwolfia) | |
Ricinus communis (Kruisboom of Wonderboom) | 1 |
Rubia tinctorum (Meekrap) | 1 |
Sarothamnus scoparius of Cystisus scoparius (Bremkruid) | 1 |
Scopolia carniolica (Klokbilzenkruid) | |
Solanum dulcamara (Bitterzoet) | |
Strophantus kombé (Strofantus) | |
Strychnos nux-vomica (Braaknootboom) | |
Teucrium chamaedrys (Gamander of Wilde salie) | |
Urginea maritima of Scilla maritima (Zeeajuin) | |
Vinca minor (Kleine maagdepalm) | 1 |