Ministeriële regeling · BWBR0012666

Meetregeling luchtkwaliteit

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer houdende vaststelling van de wijze van meten en berekenen van luchtverontreiniging ingevolge het Besluit luchtkwaliteitMeetregeling luchtkwaliteitDe Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

Gelet op richtlijn nr. 1999/30/EG van de Raad van de Europese Unie van 22 april 1999 betreffende grenswaarden voor zwaveldioxide, stikstofdioxide en stikstofoxiden, zwevende deeltjes en lood in de lucht (PbEG L 163), alsmede op artikel 6 van richtlijn nr. 96/62/EG van de Raad van de Europese Unie van 27 september 1996 inzake de beoordeling en het beheer van de luchtkwaliteit (PbEG L 296), artikel 59, vijfde lid, van de Wet inzake de luchtverontreiniging, artikel 5.3, tweede lid, van de Wet milieubeheer en de artikelen 2, eerste lid, en 4, van het Besluit luchtkwaliteit;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

's-Gravenhage9 juli 2001De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,J.P.Pronk

In deze regeling wordt verstaan onder:

besluit: Besluit luchtkwaliteit.

Voor de toepassing van het besluit worden als agglomeraties aangewezen:

Voor de toepassing van het besluit worden als zones aangewezen:

Meetstations voor de meting van concentraties zwaveldioxide en stikstofoxiden ter controle van de naleving van het bepaalde in artikel 6 onderscheidenlijk 12 van het besluit worden geplaatst:

Meetstations voor de meting van concentraties zwaveldioxide, stikstofdioxide, zwevende deeltjes (PM10) en lood ter controle van de naleving van het bepaalde in de artikelen 5, 7, 8, 9, 10, 11, 13, 14 en 15 van het besluit worden zodanig geplaatst dat:

Monsterneming bij de in de artikelen 6 en 7 bedoelde meetpunten gebeurt zodanig dat:

Deze regeling treedt in werking met ingang van 19 juli 2001.

Deze regeling wordt aangehaald als: Meetregeling luchtkwaliteit.