Ministeriële regeling · BWBR0012800
Regeling vaststelling mede te financieren bedrag MOOZ voor 2000 en voor 2001
Handelende in overeenstemming met de Minister van Financiën, de Minister van Economische Zaken en de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
Gelet op artikel 4, derde lid, van de Wet medefinanciering oververtegenwoordiging oudere ziekenfondsverzekerden en artikel 3, eerste en tweede lid, van het Besluit medefinancieringsregeling;
Gezien het advies van het College voor zorgverzekeringen van 26 april 2001 (SEA/21019775);
Besluit:
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,E.Borst-EilersHet aantal verzekerden per 1 januari 2000, bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de Wet medefinanciering oververtegenwoordiging oudere ziekenfondsverzekerden, hierna te noemen: de wet, wordt vastgesteld op 163.357.
Het bedrag per 1 januari 2000, bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de wet, wordt vastgesteld op € 1.940,61.
Het mede te financieren bedrag voor het jaar 2000, bedoeld in artikel 4, derde lid, van de wet, wordt vastgesteld op € 317.012.846,-.
Vervallen
Tot en met 31 december 2001 worden de bedragen in de artikelen 1 en 2 als volgt gelezen:
f 4.276,55;f 698.604.378,-;f 4.614,96;f 767.366.319,-.Wijzigt de Regeling vaststelling mede te financieren bedrag MOOZ voor 1999 en voor 2000.
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling vaststelling mede te financieren bedrag MOOZ voor 2000 en voor 2001.