U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 13-04-2004.

Ministeriële regeling · BWBR0013506

Regeling verkrijging en verlies Nederlanderschap

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie van 13 maart 2003, nr. 5213867/03/6, ter uitvoering van het Besluit verkrijging en verlies Nederlanderschap, het Besluit optie- en naturalisatiegelden 2002 en het Besluit bewijs omtrent toelating Regeling verkrijging en verlies NederlanderschapDe Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie,

Gelet op de artikelen 5, 11, 17, 23, 29, 57, 61, 68 en 71 van het Besluit verkrijging en verlies Nederlanderschap, de artikelen 4, vijfde lid, en 8, eerste lid, van het Besluit optie- en naturalisatiegelden 2002 en artikel 6, eerste lid van het Besluit bericht omtrent toelating;

Besluit:

Den Haag13 maart 2003 De Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie, H.P.A.Nawijn

In deze regeling wordt verstaan onder:

Tenzij in deze regeling anders is bepaald, oefent de uitvoeringsautoriteit de hem in het Besluit verkrijging en verlies Nederlanderschap, het Besluit optie- en naturalisatiegelden 2002 en het Besluit bericht omtrent toelating opgedragen werkzaamheden uit in overeenstemming met de Handleiding, alsmede met de nadere instructies terzake die in het betreffende Rijksdeel gelden. Hoofden van diplomatieke en consulaire posten oefenen deze werkzaamheden uit in overeenstemming met de Handleiding en de nadere instructies, die in Nederland van kracht zijn, met inachtneming van de bijzondere regels die de Minister van Buitenlandse Zaken daarbij heeft vastgesteld.

De uitvoeringsautoriteit die een optieverklaring heeft bevestigd aan de persoon, die bij hem een optieverklaring heeft afgelegd, of aan wie de verlening van het Nederlanderschap door een persoon, die door zijn tussenkomst is genaturaliseerd, is medegedeeld, kan de betrokken persoon uitnodigen voor een bijeenkomst waarin deze verkrijging of verlening op ceremoniële wijze wordt gevierd. Hij doet daarvan melding aan mijn ministerie ter attentie van het hoofd van de Immigratie- en Naturalisatiedienst.

Onder rechtstreeks betrokken persoon wordt eveneens verstaan, voor zover zij daarbij een rechtstreeks belang hebben, degene die met de persoon op wie het voornemen tot intrekking rechtstreeks betrekking heeft, een duurzame relatie heeft en bij hem duurzaam inwonend is, als ook de bij deze persoon inwonende minderjarige stiefkinderen.

De uitvoeringsautoriteit kan van de in het voorgaande artikel bedoelde bevoegdheden ondermandaat verlenen aan onder hem ressorterende functionarissen, voor zover dat in overeenstemming is met de aard van de werkzaamheden van die functionarissen en de aard van de bevoegdheid zich daartegen niet verzet.

Treedt op een later tijdstip in werking.

Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden

De uitvoeringautoriteiten dienen verzoeken om een bericht omtrent toelating in met gebruikmaking van de modelformulieren die daarvoor in de bijlage bij de Handleiding zijn gegeven.