Regeling · BWBR0013625

Dierentuinenbesluit

Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 19 april 2002, houdende eisen aan het houden, huisvesten, verzorgen en tonen van wilde dieren in dierentuinen (Dierentuinenbesluit)DierentuinenbesluitWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij van 11 december 2001, no. TRCJZ/2001/17 402, Directie Juridische Zaken;

Gelet op richtlijn nr. 1999/22/EG van de Raad van de Europese Unie van 29 maart 1999 betreffende het houden van wilde dieren in dierentuinen (PbEG L 94) en gelet op de artikelen 35, 38, 45, 65 en 111 van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren en artikel 3, eerste lid en derde tot en met achtste lid, van de Wet op de dierenbescherming;

De Raad van State gehoord (advies van 29 maart 2002, nr. W11.01 0674/V);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, van 15 april 2002, no. TRCJZ/2002/4751, Directie Juridische Zaken;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

's-Gravenhage19 april 2002BeatrixDe Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,L. J. Brinkhorstde zestiende mei 2002De Minister van Justitie,A. H. Korthals

In dit besluit wordt verstaan onder:

Voor de toepassing van dit besluit worden als soorten en categorieën van dieren als bedoeld in de artikelen 35, eerste lid, 38, eerste lid, en 45, eerste lid, van de wet en artikel 3, eerste en vierde lid, van de Wet op de dierenbescherming aangewezen wilde dieren uitsluitend voorzover zij in dierentuinen worden gehouden.

Het is verboden een dierentuin te exploiteren op een wijze die niet overeenstemt met de artikelen 4 en 7 tot en met 13.

De vergunningaanvraag bevat in ieder geval de volgende gegevens:

De dierentuin houdt de dieren op zodanige wijze dat:

Artikel 3 is tot 9 april 2003 niet van toepassing op een dierentuin waarvan de exploitant kan aantonen dat deze voor de datum van inwerkingtreding van dit besluit in gebruik is genomen.

Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. Laatstbedoeld besluit wordt niet genomen voordat 30 dagen zijn verstreken nadat het onderhavige besluit is overgelegd aan beide kamers der Staten-Generaal, en evenmin indien binnen die termijn door of namens een der kamers of door ten minste een vijfde van het grondwettelijke aantal leden van een der kamers de wens te kennen wordt gegeven dat de inwerkingtreding van dit besluit bij wet wordt geregeld.

Dit besluit wordt aangehaald als: Dierentuinenbesluit