U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 02-05-2013.

Ministeriële regeling · BWBR0013788

Sanctieregeling Al-Qa’ida 2011

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Minister van Buitenlandse Zaken houdende beperkende maatregelen tegen personen en entiteiten die banden hebben met Osama bin Laden, Al-Qa'ida en de TalibanSanctieregeling Al-Qa’ida 2011De Minister van Buitenlandse Zaken, in overeenstemming met de Minister van Financiën en de Staatssecretaris van Economische Zaken;

Gelet op Gemeenschappelijk Standpunt van de Raad van de Europese Unie van 27 mei 2002 nr. 2002/402/GBVB betreffende beperkende maatregelen tegen Osama bin Laden, de leden van de Al-Qa'ida-organisatie, de Taliban en andere daarmee verbonden personen, groepen, ondernemingen en entiteiten, en tot intrekking van de Gemeenschappelijke Standpunten 96/746/GBVB, 1999/727/GBVB, 2001/154/GBVB en 2001/771/GBVB (Pb EG L 139);

Gelet op Verordening (EG) nr. 881/2002 van de Raad van de Europese Unie van 27 mei 2002 tot vaststelling van bepaalde specifieke beperkende maatregelen tegen sommige personen en entiteiten die banden hebben met Usama bin Laden, het Al-Qa'ida-netwerk en de Taliban, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 467/2001 van de Raad tot instelling van een verbod op de uitvoer van bepaalde goederen en diensten naar Afghanistan, tot versterking van het verbod op vluchten en verlenging van de bevriezing van tegoeden en andere financiële middelen ten aanzien van de Taliban van Afghanistan (Pb EG L 139);

Gelet op artikel 2, tweede lid, en artikel 3 van de Sanctiewet 1977;

Besluit:

De regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Buitenlandse Zaken, J.J. vanAartsen

Het is verboden om wapens en alle soorten aanverwant materiaal, waaronder munitie, militaire voertuigen en militaire uitrusting, dan wel onderdelen daarvan, aangewezen in de Uitvoeringsregeling strategische goederen 2012, en paramilitaire uitrusting en onderdelen daarvan rechtstreeks of middellijk te verkopen of te leveren aan de natuurlijke of rechtspersonen, groepen of entiteiten die vermeld staan op de lijst, vastgesteld door het comité, bedoeld in paragraaf 6 van Resolutie 1267 van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties1.

De artikelen 1, 2, 3 en 4, eerste lid, van Verordening (EG) nr. 881/2002 van de Raad van de Europese Unie van 27 mei 2002 tot vaststelling van beperkende maatregelen tegen sommige personen en entiteiten die banden hebben met het Al-Qa’ida-netwerk (Pb EG L 139) zijn van overeenkomstige toepassing jegens de natuurlijke of rechtspersonen, groepen of entiteiten die zijn vermeld op de lijst, vastgesteld door het comité, bedoeld in paragraaf 6 van Resolutie 1267 van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties, en die niet zijn vermeld in bijlage I van Verordening (EG) nr. 881/2002 van de Raad van de Europese Unie.

Overtreding van de in artikel 2a van overeenkomstige toepassing verklaarde artikelen ten aanzien van de in artikel 2a bedoelde natuurlijke of rechtspersonen, groepen of entiteiten is verboden.

De Sanctieregeling Taliban van Afghanistan 2001 wordt ingetrokken.

Deze regeling wordt aangehaald als: Sanctieregeling Al-Qa’ida 2011.

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.