Ministeriële regeling · BWBR0014022

Vrijstellingsregeling gebruik meststoffen

Wijzigingen Officiële bron
Vrijstellingsregeling gebruik meststoffenVrijstellingsregeling gebruik meststoffenDe Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,

Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;

Gelet op artikel 64 van de Wet bodembescherming;

Gezien het advies van de Technische commissie bodembescherming;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, B.J.Odink

In deze regeling wordt verstaan onder grasland, bouwland en braakland hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, van de Meststoffenwet, en wordt verstaan onder niet-beteelde grond hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, van het Besluit gebruik meststoffen.

Van het verbod, gesteld in artikel 4, eerste lid, van het Besluit gebruik meststoffen, wordt vrijstelling verleend voor het gebruik van dierlijke mest op bouwland, op braakland en op niet-beteelde grond, gelegen in de gebieden die zijn aangegeven op de kaarten in bijlage I bij het Besluit gebruik meststoffen en die tevens op de kaarten bij het Besluit zand- en lössgronden zijn aangegeven als klei- of veengrond als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel ab, van de Meststoffenwet.

Van het verbod, gesteld in artikel 4a, eerste lid, van het Besluit gebruik meststoffen, wordt vrijstelling verleend voor:

Van het verbod, gesteld in artikel 4b van het Besluit gebruik meststoffen, wordt vrijstelling verleend:

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling wordt aangehaald als: Vrijstellingsregeling gebruik meststoffen.