Wijzigingen Officiële bron
Regeling voorschotverlening op uitkeringen Zfw en AWBZRegeling voorschotverlening op uitkeringen Zfw en AWBZHet College voor zorgverzekeringen,

Gelet op artikel 40, vierde lid van de Wet financiering volksverzekeringen en artikel 19, vierde lid, tweede volzin, en vijfde lid, laatste volzin van de Ziekenfondswet;

Heeft in zijn vergadering van 28 november 2002 besloten:

L. deGraafvoorzitterJ.L.P.G. vanThielalgemeen directeur

In deze regeling wordt onder het jaar t verstaan het kalenderjaar waarop de uitkering betrekking heeft en onder het jaar t +1 het daarop volgende kalenderjaar.

In bijzondere omstandigheden, wanneer een voorschot kennelijk ontoereikend is, kan het College voor zorgverzekeringen op verzoek het voorschot verhogen. Indien het voorschot kennelijk ontoereikend is wegens toename van het aantal verzekerden dat bij het uitvoeringsorgaan is ingeschreven, wordt aan een verzoek om verhoging van een voorschot voldaan wanneer die toename tenminste 5 procent bedraagt, met een minimum van 3000 verzekerden, ten opzichte van het verzekerdenaantal dat aan de berekening van de budgetten ten grondslag heeft gelegen. Bedraagt de toename 25 procent of meer dan geldt het minimum van 3000 verzekerden niet.

Bij de nadere vaststelling van de uitkeringen ingevolge de Ziekenfondswet en de vaststelling van de uitkeringen voor de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten vindt de definitieve afrekening plaats. Daarbij worden de verschillen afgerekend tussen de bedragen waarvan bij de voorlopige afrekening werd uitgegaan en de desbetreffende uitkeringen.

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. De regeling werkt terug tot en met 28 november 2002.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling voorschotverlening op uitkeringen Zfw en AWBZ.