Wijzigingen Officiële bron
Heffingsverordening Groenten en Fruit 2003Heffingsverordening Groenten en Fruit 2003 Het bestuur van het Hoofdbedrijfschap Agrarische Groothandel,

gelet op artikel 126 en artikel 100 lid 3 van de Wet op de Bedrijfsorganisatie en op artikel 13 van het Instellingsbesluit Hoofdbedrijfschap Agrarische Groothandel (Staatsblad 2002 nr.1551),

heeft na advies van de Commissie Groenten en Fruit de volgende verordening vastgesteld:

Aalsmeer9 januari 2003B.J.M. terHaarvoorzitterP.M.M. vanOstaijensecretaris

Goedgekeurd door de Bestuurskamer van de Sociaal-Economische Raad bij besluit van 27 februari 2003 en door de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit bij beschikking van 4 mei 2005, nr. TRCJZ/2005/678.

Deze verordening neemt de terminologie over van de HBAG-Registratie-, enquête- en controleverordening 2003. Het bepaalde in artikel 3, lid 1 en lid 4 van de laatstbedoelde verordening is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande, dat voor de toepassing van de onderhavige verordening onder "omzet" wordt verstaan, de omzet als bedoeld in artikel 3, lid 4 van de HBAG-Registratie-, enquête- en controleverordening 2003 gemiddeld, hetzij over de kalenderjaren 2000 en 2001, hetzij over de boekjaren afgesloten in de kalenderjaren 2000 en 2001. Het voorgaande lijdt uitzondering voor die ondernemers, die in één of beide jaren nog niet registratieplichtig waren. In die gevallen wordt de omzet van het jaar waarin de registratieplicht is ontstaan voor de berekening als uitgangspunt genomen.

Als ondernemer wordt in de zin van deze Heffingsverordening aangemerkt elke groothandelaar, welke op grond van de eerder aangehaalde HBAG-Registratie-, enquête- en controleverordening 2003 dient te zijn geregistreerd.

Ter zake van het op enig tijdstip in het tijdvak van 1 januari 2003 tot en met 31 december 2003 uitoefenen van het bedrijf van groothandelaar in groenten en fruit c.q. fruitpachter wordt aan deze de verplichting opgelegd om aan en ten behoeve van het HBAG, Commissie Groenten en Fruit, te betalen een heffing van:

Terzake van het op enig tijdstip in het tijdvak van 1 januari 2003 tot en met 31 december 2003 uitoefenen van het bedrijf van commissionair en/of tussenpersoon in groenten en fruit, wordt aan deze de verplichting opgelegd om aan en ten behoeve van het HBAG, Commissie Groenten en Fruit, te betalen een heffing van:

Indien een ondernemer in de kalenderjaren 2000 en 2001 dan wel in de boekjaren, afgesloten in de kalenderjaren 2000 en 2001, dan wel het kalenderjaar waarin de registratieplicht is ontstaan, in het kalenderjaar 2003 meer dan één van de in de artikelen 2 en 3 genoemde activiteiten heeft uitgeoefend, wordt zijn gemiddelde jaarlijkse omzet in de voornoemde kalenderjaren, dan wel boekjaren, dan wel dat kalenderjaar bepaald in dier voege dat (voor zover ter zake dienende) worden bijeengevoegd:

De door de ondernemer verschuldigde heffing wordt alsdan bepaald door overeenkomstige toepassing van artikel 2.

Indien een opgave als bedoeld in artikel 3 lid 4 en artikel 6 lid 3 van de HBAG-Registratie-, enquête- en controleverordening 2003 niet tijdig is gedaan, is de voorzitter bevoegd de omzet te schatten en een aanslag op te leggen op basis van de geschatte omzet.

De voorzitter geeft de betrokkene kennis van het bedrag van de geschatte omzet en de daarop gebaseerde aanslag.

Gedurende een termijn van 14 dagen na de verzending van die kennisgeving, wordt de betrokkene in de gelegenheid gesteld alsnog de vereiste opgave te doen. Indien zodanige opgave binnen deze termijn wordt ontvangen en de in deze verstrekte omzetgegevens leiden tot een van de aanvankelijk berekende heffing afwijkend bedrag, wordt de aanvankelijk opgelegde aanslag ingetrokken en een nieuwe aanslag opgelegd op basis van de door de betrokkene gedane opgave, onverminderd het bepaalde in de artikelen 6 en 7. Indien zodanige opgave niet binnen die termijn wordt ontvangen of de bij een binnen die termijn ontvangen opgave verstrekte omzetgegevens niet leiden tot één van de aanvankelijk opgelegde heffing afwijkend bedrag wordt de aanvankelijk opgelegde aanslag definitief, onverminderd het bepaalde in artikel 7.

Indien de door een ondernemer verstrekte gegevens over zijn omzet naar het oordeel van de voorzitter onjuist blijken te zijn, legt de voorzitter een aanslag op basis van de door de voorzitter juist geachte omzet, behoudens een beroepsmogelijkheid van de ondernemer ingevolge de Wet Administratieve Rechtspraak Bedrijfsorganisatie.

Een opgelegde aanslag kan binnen uiterlijk 3 jaar na afloop van het boekjaar, waarop de heffing betrekking heeft, worden herzien, indien op enigerlei wijze naar het oordeel van de voorzitter komt vast te staan, dat de door de ondernemer verstrekte gegevens c.q. de schatting van de voorzitter onjuist zijn geweest. In dit geval wordt een nieuwe aanslag opgelegd, waaromtrent het bepaalde in artikel 6 van overeenkomstige toepassing is.

De heffing moet worden voldaan binnen 1 maand, nadat de op deze heffing betrekking hebbende aanslag is verzonden.

Deze verordening kan worden aangehaald als Heffingsverordening Groenten en Fruit 2003.

Deze verordening wordt afgekondigd in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie.