Regeling · BWBR0014942

Verordening tuchtrechtspraak PVV 2003

Wijzigingen Officiële bron
Verordening tuchtrechtspraak PVV 2003Verordening tuchtrechtspraak PVV 2003Het bestuur van het Productschap Vee en Vlees heeft,

Gelet op deartikelen 100, derde lid en 104 van de Wet op de bedrijfsorganisatie, artikel 8, eerste lid van de Wet tuchtrechtspraak bedrijfsorganisatie en artikel 8 van de Instellingsverordening Productschap Vee en Vlees 1999-I,

Op 9 april 2003 vastgesteld de navolgende

VERORDENING

Voor het bestuur,J.J. RamekersvoorzitterS.B.M.Jongeriussecretaris

Goedgekeurd door de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij bij beschikking van 11 juni 2003, nr. TRCJZ/2003/4364 en door de Minister van Justitie bij beschikking van 27 mei 2003 nr. 5228302/03/6.

In deze verordening wordt verstaan onder:

Het productschap heeft een tuchtgerecht.

Het tuchtgerecht is gevestigd te Zoetermeer. Het kan ook elders zitting houden.

Het tuchtgerecht heeft een voorzitter, een of meer vice-voorzitter(s), leden en een of meerdere secretaris(sen).

De in het eerste lid bedoelde personen zijn geen lid van het bestuur of van één van de commissies van of werknemer bij het productschap of een lichaam als bedoeld in artikel 110 van de Wet op de bedrijfsorganisatie.

Wanneer de in lid 1 genoemde personen na de functiebenoeming voor het tuchtgerecht lid worden van het bestuur, worden zij door het bestuur ontslagen uit hun functie bij het tuchtgerecht.

Tussen de in het eerste lid genoemde personen mag niet bestaan een duurzaam samenwerkingsverband terzake van ondernemingen die onder het productschap ressorteren of een verhouding van werkgever tot werknemer.

De voorzitter, de vice-voorzitter(s) en de secretaris(sen) voldoen aan de vereisten voor benoeming zoals vermeld in artikel 1d van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren.

De in het eerste lid genoemde personen mogen niet tot in een nadere graad van bloed- of aanverwantschap staan dan in de vierde graad. Indien aanverwantschap eerst mocht ontstaan na benoeming, zal degene die de aanverwantschap veroorzaakt, zijn functie niet kunnen behouden. Aanverwantschap houdt op door ontbinding van het huwelijk.

De in artikel 5, eerste lid genoemde personen, als ook medewerkers van het tuchtgerecht, zijn verplicht tot geheimhouding van de gegevens waarover zij bij de uitoefening van hun taak de beschikking krijgen en waarvan zij het vertrouwelijke karakter kennen of redelijkerwijs moeten vermoeden, behoudens voor zover enig wettelijk voorschrift hen tot mededeling verplicht of uit hun taak de noodzaak tot mededeling voortvloeit.

De artikelen 10 en 18 zijn van overeenkomstige toepassing op de plaatsvervangers van de voorzitter.

Het tuchtgerecht kan aan de betrokkene wiens persoonlijke verschijning is bevolen als bedoeld in artikel 9, eerste lid van de wet, dan wel aan de bestuurder, wiens persoonlijke verschijning is bevolen in het geval als bedoeld in artikel 7, derde lid van de wet, en die zonder geldige redenen niet op de oproeping verschijnt, tuchtrechtelijke maatregelen opleggen.

Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 juli 2003.

Indien het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie waarin deze verordening wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 30 juni 2003, treedt zij in werking op de tweede dag na publicatie en werkt zij terug tot en met 1 juli 2003.

Deze verordening wordt aangehaald als Verordening tuchtrechtspraak PVV 2003.

De Verordening tuchtrechtspraak PVV wordt ingetrokken.