Wijzigingen Officiële bron
Mandaatbesluit vergunningen, ontheffingen en goedkeuringen Kernenergiewet Mandaatbesluit vergunningen, ontheffingen en goedkeuringen KernenergiewetDe Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, alsmede, voor zover het aan hen toekomende bevoegdheden betreft, de Staatssecretaris van Economische Zaken, de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, de Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat, de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,

Besluiten:

Dit besluit wordt met de toelichting in de Staatscourant geplaatst.

's-Gravenhage26 mei 2003 De Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, P.L.B.A. vanGeelDe Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, M.RutteDe Staatssecretaris van Economische Zaken, J.G.WijnDe Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, C.Ross-van DorpDe Minister van Verkeer en Waterstaat, Roelf H. deBoerDe Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, C.P.Veerman

Aan de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer wordt mandaat verleend om toestemming te geven voor overdracht van een vergunning als bedoeld in artikel 70, derde lid, van de Kernenergiewet.

Aan de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid wordt mandaat verleend om ontheffingen te verlenen krachtens artikel 123 van het Besluit stralingsbescherming.

Aan de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid wordt mandaat verleend om ontheffingen te verlenen krachtens artikel 31, derde lid, van het Besluit stralingsbescherming.

Aan de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid wordt mandaat verleend om goedkeuringen te verlenen krachtens de artikelen 21, tweede lid, onder d, 23, derde lid, onder c en 26, eerste lid, onder a, van het Besluit stralingsbescherming.

Aan de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer wordt mandaat verleend om certificaten van goedkeuring of erkenning van het model van het collo af te geven zoals bedoeld in de artikelen 3, tweede lid, onder h, 5, eerste lid, onder b, en 6, tweede lid, onder b, van het Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen Kernenergiewet.

Aan de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer wordt mandaat verleend om ontheffingen te verlenen zoals bedoeld in de artikelen 8, derde lid, 10, derde lid, 11, 12, 14, tweede lid, 16, tweede lid, 19, tweede lid, en 22, tweede lid, van het Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffenKernenergiewet.

Aan de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer wordt mandaat verleend om vergunningen te verlenen voor de toepassing van de International Maritime Dangerous Goods Code zoals bedoeld in artikel 14, eerste lid, onder b en c, en 16, eerste lid, van het Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffenKernenergiewet.

Aan de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer wordt mandaat verleend om vergunningen te verlenen voor de toepassing van de Technical Instructions for the Safe Transport of Dangerous Goods by Air beschikkingen zoals bedoeld in artikel 18, tweede lid, onder a, en 22, eerste lid, onder a, van het Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffenKernenergiewet.

Vervallen

Aan de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer wordt mandaat verleend om richtlijnen vast te stellen inzake de inhoud van een milieueffectrapport als bedoeld in artikel 7.15 van de Wet milieubeheer, indien een dergelijk rapport ter voorbereiding van een besluit op grond van de Kernenergiewet wordt gemaakt.

Aan de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer wordt mandaat verleend om ontheffingen te verlenen als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Regeling detectie radioactief besmet schroot.

De in de voorgaande artikelen genoemde ministers kunnen de aan hen gemandateerde bevoegdheden mandateren aan onder hen ressorterende ambtenaren.

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

Dit besluit wordt aangehaald als: Mandaatbesluit vergunningen, ontheffingen en goedkeuringen Kernenergiewet.