Ministeriële regeling · BWBR0015843

Regeling Erfgoedcentrum Nieuw Land

Wijzigingen Officiële bron
Regeling Erfgoedcentrum Nieuw LandRegeling Erfgoedcentrum Nieuw Land De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, M.C. van der LaanProvinciale staten en gedeputeerde staten van Flevoland,De raden en de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Lelystad, Dronten, Urk en Zeewolde,Het algemeen bestuur van het waterschap Zuiderzeeland,Het bestuur van de stichting Nieuw Land, Het bestuur van de stichting voor het Bevolkingsonderzoek in de drooggelegde Zuiderzeepolders,

Gelet op de artikelen 96 en 97 van de Wet gemeenschappelijke regelingen;

Gelet op het Koninklijk Besluit van 4 december 2003, nr. 03.005017;

Besluiten:

tot het treffen van de navolgende gemeenschappelijke regeling tot de instelling van een openbaar lichaam met rechtspersoonlijkheid dat de collecties en archiefbescheiden die berusten in de rijksarchiefbewaarplaats in de provincie Flevoland, de archiefbewaarplaatsen van de gemeenten Lelystad, Dronten, Urk en Zeewolde, het waterschap Zuiderzeeland, het Nieuw Land Poldermuseum en het Sociaal Historisch Centrum voor Flevoland beheert alsmede taken van het archeologisch depot van de provincie Flevoland uitoefent.

Deze regeling zal met de toelichting door de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Onderwijs Cultuur en Wetenschap ,M.C. van der Laan

In deze gemeenschappelijke regeling wordt verstaan onder:

Het algemeen bestuur verstrekt zo spoedig mogelijk schriftelijk aan de minister, provinciale en gedeputeerde staten van de provincie, de raden en colleges burgemeester en wethouders van de gemeenten, het algemeen en dagelijks bestuur van het waterschap en de stichtingen de door hen gevraagde inlichtingen.

De bestuursorganen of besturen bedoeld in artikel 3, tweede tot en met zesde lid, kunnen een door hen aangewezen lid van het algemeen bestuur, dat hun vertrouwen niet meer geniet, ontslag verlenen.

Het dagelijks bestuur vergadert zo dikwijls als één of meer leden van het dagelijks bestuur dit nodig oordelen.

Het dagelijks bestuur stelt regels voor zijn vergaderingen vast.

Het dagelijks bestuur is in ieder geval belast met:

Met betrekking tot wijzigingen van de begroting is artikel 17 zo veel mogelijk van overeenkomstige toepassing.

De partners voldoen de verschuldigde bijdrage bij wijze van voorschot in door hen nader te bepalen termijnen.

Na ontvangst van het financieel verslag en het jaarverslag stellen de minister, provinciale staten van de provincie, de raden van de gemeenten, het algemeen bestuur van het waterschap en de stichtingen de definitieve bijdragen vast. Zij delen dit mede aan het Erfgoedcentrum Nieuw Land.

De partners kunnen gezamenlijk nadere regels stellen over het financieel en materieel beheer, over de inrichting van de begroting, het financieel verslag, jaarverslag en aandachtspunten voor de accountantscontrole.

Het overige personeel wordt in dienst genomen, geschorst of ontslagen door het dagelijks bestuur. Het dagelijks bestuur is bevoegd deze bevoegdheden aan de directeur te mandateren.

De rechtspositieregeling van het rijk, zoals deze thans luidt en in de toekomst na wijziging zal luiden, is op het personeel van overeenkomstige toepassing, tenzij het algemeen bestuur van het Erfgoedcentrum Nieuw Land een op onderdelen anders luidende regeling vaststelt. Een dergelijk afwijkende regeling behoeft de instemming van de centrales voor overheidspersoneel.

Toetreding tot de regeling kan geschieden bij een daartoe strekkend gezamenlijk besluit van de minister, provinciale staten van de provincie, de raden van de gemeenten, het algemeen bestuur van het waterschap en de stichtingen, alsmede de toe te treden bestuursorganen of rechtspersonen.

Deze regeling kan worden gewijzigd bij gezamenlijk besluit van de minister, provinciale staten van de provincie, de raden van de gemeenten, het algemeen bestuur van het waterschap en de stichtingen.

Deze regeling kan worden opgeheven bij gezamenlijk besluit van de minister, provinciale staten van de provincie, de raden van de gemeenten, het algemeen bestuur van het waterschap en de stichtingen. Het algemeen bestuur stelt een liquidatieplan op dat voorziet in de verplichting van de partners om alle rechten en plichten van het openbaar lichaam over de deelnemers te verdelen op een in het plan te bepalen wijze.

Deze regeling treedt in werking met ingang van de eerste dag van de kalendermaand, volgend op die waarin de regeling is ingeschreven overeenkomstig artikel 26 van de Wet gemeenschappelijke regelingen.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling Erfgoedcentrum Nieuw Land.