U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 20-07-2010.

Ministeriële regeling · BWBR0016097

Regeling op de consulaire tarieven

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Minister van Buitenlandse Zaken van 12 december 2003, nr. DJZ/BR-1003/2003 tot vaststelling van de tarieven voor consulaire dienstverlening (Regeling op de consulaire tarieven)Regeling op de consulaire tarievenDe Minister van Buitenlandse Zaken,

Gelet op artikel 1, tweede en derde lid, enartikel 4, tweede lid, van het Rijksbesluit op de consulaire tarieven, alsmede op artikel 3 van de Rijkswet op de consulaire tarieven;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Buitenlandse ZakenB.R.Bot

De vergoeding die ingevolge artikel 2, eerste lid, van de Rijkswet op de consulaire tarieven is verschuldigd, bedraagt voor:

De vergoeding voor het uitvoeren van een bijzondere opdracht bedraagt het aantal uren dat aan de dienst is besteed vermenigvuldigd met het brutosalaris per uur van de ambtenaar die met de uitvoering van de opdracht is belast.

Voor het behandelen van een aanvraag tot het verlenen van een machtiging tot voorlopig verblijf met het oog op gezinshereniging of gezinsvorming is de vergoeding, genoemd in artikel 1, onderdeel s, onder 6°, niet verschuldigd indien de belanghebbende:

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2004.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling op de consulaire tarieven.