Ministeriële regeling · BWBR0016274
Aanwijzingsregeling verenigingen (representativiteitseisen Pensioen- en spaarfondsenwet)
Gelet op artikel 6a, vijfde lid, Pensioen- en spaarfondsenwet;
Besluit:
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Den Haag9 januari 2004 De Staatssecretaris van Sociale Zaken en WerkgelegenheidM.RutteAls verenigingen op wie artikel 6a, eerste lid, vierde volzin, en vierde lid, van de Pensioen- en spaarfondsenwet niet van toepassing zijn zijn aangewezen:
- a.
de Algemene Nederlandse Bond voor Ouderen (ANBO);
- b.
de Nederlandse Bond voor Oudere Migranten (NISBO);
- c.
de Nederlandse Vereniging van Organisaties van Gepensioneerden (NVOG);
- d.
de Protestants Christelijke Ouderen Bond (PCOB); en
- e.
de Unie van Katholieke Bonden van Ouderen (Unie KBO).
Deze aanwijzing geldt gedurende de looptijd van het op 28 februari 2003 gesloten Vernieuwd Convenant tussen de Stichting van de Arbeid en het Coördinatieorgaan Samenwerkende Ouderenorganisaties (CSO) tot op uiterlijk 1 juli 2007.
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 28 februari 2003.