Ministeriële regeling · BWBR0016279
Wijzigingsbesluit Besluit buitengewoon opsporingsambtenaren reinigingsagenten Dienst Stadstoezicht Amsterdam 2000
Handelende in overeenstemming met de betrokken Ministers;
Gelezen het verzoek van de directeur van de Dienst Stadstoezicht van de gemeente Amsterdam;
Gelet op:
– artikel 17, eerste lid, aanhef en onder ten tweede, van de Wet op de economische delicten;
– artikel 8, zevende lid, van de Politiewet 1993;
– artikel 142, eerste lid, onder b en c, en het derde lid, van het Wetboek van Strafvordering;
– het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar;
Besluit:
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant en het Algemeen Politieblad worden geplaatst.
Den Haag14 januari 2004De Minister van Justitienamens deze:de coördinator Buitengewoon Opsporingsambtenaar, A.A.A.M.HuldyWijzigt het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar Reinigingsagenten Dienst Stadstoezicht Amsterdam 2000
De op naam gestelde akten van opsporingsbevoegdheid en beëdiging en de overige benoemingsbescheiden van de buitengewoon opsporingsambtenaren die in dienst van de dienst Stadstoezicht Amsterdam de functie van reinigingsagent vervullen, worden voor de duur van hun geldigheid of tot daarover nader zal zijn beslist, geacht te zijn akten en overige benoemingsbescheiden afgegeven mede op basis van onderhavige besluit.
Dit besluit treed in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.