Op de voordracht van Onze Minister van Justitie van 14 mei 2004, nr. 5286108/04/6;
Gelet op artikel 54 van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren;
De Raad van State gehoord (advies van 11 juni 2004, nr. W03.04.0196/I);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Justitie van 30 juni 2004, nr. 5294723/04/6;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
Tavarnelle9 juli 2004BeatrixDe Minister van Justitie ,J. P. H.Donnerde tweeëntwintigste juli 2004De Minister van Justitie ,J. P. H. DonnerWijzigt het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren.
Over het jaar 2002 wordt de eindejaarsuitkering, bedoeld in artikel 38g, eerste lid, onder a, van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren, verhoogd met 0,6% van het in dat jaar genoten salaris.
Over het jaar 2003 wordt de eindejaarsuitkering, bedoeld in artikel 38g, eerste lid, onder a, van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren verhoogd met 0,4% van het in dat jaar genoten salaris.
De rechterlijk ambtenaar die in het jaar 2003 werkzaamheden verricht als rechter-commissaris in strafzaken of piketofficier ontvangt een tijdelijke toelage.
Onze Minister van Justitie stelt de hoogte van de tijdelijke toelage vast.
Onze Minister van Justitie stelt vast voor welke datum de functionele autoriteit de opdracht tot uitbetaling van de tijdelijke toelage aan de in het eerste lid bedoelde rechterlijk ambtenaar geeft.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt als volgt terug:
- a.
wat artikel I, onderdelen, A, onder b, B, C en D, betreft: tot en met 1 januari 2004;
- b.
wat de artikelen I, onderdeel A, onder a, III en IV betreft: tot en met 1 januari 2003;
- c.
wat artikel II betreft: tot en met 1 januari 2002.