U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 09-10-2004.

Ministeriële regeling · BWBR0017272

Tijdelijke stimuleringsregeling buurt, onderwijs en sport

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 4 oktober 2004, nr. DJB-BOS 2520154, houdende regels met betrekking tot het verlenen van uitkeringen ten behoeve van de uitvoering van BOS-projecten (Tijdelijke stimuleringsregeling buurt, onderwijs en sport)Tijdelijke stimuleringsregeling buurt, onderwijs en sport De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Gelet op artikel 10 van de Welzijnswet 1994 en artikel 3, tweede lid, van de Kaderwet volksgezondheidssubsidies;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, C.I.J.M.Ross-van Dorp

In een beschikking waarbij een meerjarige uitkering wordt verleend, wordt vermeld welk bedrag elk jaar van de betrokken periode als voorschot zal worden verstrekt.

De gemeente doet zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling aan de minister van omstandigheden die van belang kunnen zijn voor een beslissing tot wijziging, intrekking of vaststelling van een uitkering. Daarbij worden de relevante stukken overgelegd.

De gemeente verstrekt de minister binnen dertien weken na afloop van ieder projectjaar waarover de uitkering is verleend, met uitzondering van het laatste projectjaar, een verslag. Dit verslag geeft inzicht in het verloop van het project en de behaalde resultaten.

Binnen zes maanden na afloop van de periode waarvoor een uitkering is verstrekt, zendt de gemeente een schriftelijk verslag aan de minister over de activiteiten waarvoor de uitkering is verstrekt.

Binnen zes maanden na ontvangst van het verslag, bedoeld in artikel 10, en de verklaring van het college van burgemeester en wethouders, bedoeld in artikel 11, eerste lid, geeft de minister een beschikking tot vaststelling van de uitkering. De artikelen 4:46, 4:49, 4:52, 4:56 en 4:57 van de Algemene wet bestuursrecht zijn van overeenkomstige toepassing.

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 januari 2007, met dien verstande dat de regeling van toepassing blijft ten aanzien van de uitkeringen of voorschotten die op grond van deze regeling zijn verstrekt.

Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke stimuleringsregeling buurt, onderwijs en sport.

Overeenkomstig de toelichting bij de regeling komen alleen directe kosten die samenhangen met activiteiten die een bijdrage leveren aan het verminderen van de door de gemeente vastgestelde achterstanden voor een uitkering in aanmerking.

Bijdrage gemeente €

Bijdrage VWS €

Bijdrage gemeente €

Bijdrage VWS €

Bijdrage gemeente €

Bijdrage VWS €

Naast de samenvattende begroting van totale kosten dient tevens een begroting op arrangementniveau te worden aangeleverd. Deze detailbegroting dient helder aan te sluiten bij de arrangementen/activiteiten uit de BOS-projectaanvraag.

Tot de G-30 gemeenten behoren de volgende gemeenten:

Alkmaar, Almelo, Amersfoort, Amsterdam, Arnhem, Breda, ’s-⁠Gravenhage, Deventer, Dordrecht. Eindhoven, Emmen, Enschede, Groningen, Haarlem, Heerlen, Helmond, Hengelo (Overijssel), ’s-Hertogenbosch, Leeuwarden, Leiden, Lelystad, Maastricht, Nijmegen, Rotterdam, Schiedam, Tilburg, Utrecht, Venlo, Zaanstad, Zwolle.