Ministeriële regeling · BWBR0017448

Regeling meetmethoden verbranden afvalstoffen

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 6 november 2004, nr. KVI2004111184, Directoraat Generaal Milieubeheer, Directie Klimaatverandering en Industrie, houdende regels met betrekking tot het uitvoeren van metingen van emissies (Regeling meetmethoden verbranden afvalstoffen)Regeling meetmethoden verbranden afvalstoffen De Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

Gelet op de voorschriften 2.1, eerste lid, 2.8, eerste en tweede lid, en 2.14, tweede lid, van de bijlage bij het Besluit verbranden afvalstoffen;

Besluit:

Den Haag6 november 2004De Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, P.L.B.A. vanGeel

Een grootheid, genoemd in tabel A in de bijlage bij deze regeling, wordt continu gemeten overeenkomstig de in die tabel voor die grootheid aangewezen norm.

In afwijking van artikel 1 kan bij het continu meten van de concentratie van stikstofoxiden in het rookgas worden volstaan met het continu meten van de concentratie van stikstofmonoxide in het rookgas indien de kalibratie is uitgevoerd ten opzichte van de meting van de totale concentratie stikstofoxide in het rookgas.

Het continu meten van de procesparameters, bedoeld in voorschrift 2.4, eerste lid, van de bijlage bij het Besluit verbranden afvalstoffen, alsmede van de concentratie waterstoffluoride in het rookgas van een verbrandingsinstallatie wordt uitgevoerd volgens een methode die in overeenstemming is met de algemeen aanvaarde meetpraktijk.

Een periodieke meting en een parallelmeting van een grootheid, genoemd in tabel B in de bijlage bij deze regeling, wordt uitgevoerd overeenkomstig de in die tabel voor die grootheid aangewezen norm.

Het meten van de hoeveelheid organische koolstof in de slakken en de bodemas in een afvalverbrandingsinstallatie, alsmede van het gloeiverlies van de slakken en de bodemas in een afvalverbrandingsinstallatie wordt uitgevoerd overeenkomstig de in tabel D in de bijlage bij deze regeling aangewezen normen.

De kwaliteit van metingen wordt geborgd overeenkomstig de in tabel C in de bijlage bij deze regeling aangewezen normen.

Een periodieke meting en een parallelmeting worden uitgevoerd onder normale bedrijfsomstandigheden.

Bij een meting worden tevens alle parameters die noodzakelijk zijn voor de vaststelling of aan de ingevolge het Besluit verbranden afvalstoffen van toepassing zijnde eisen betreffende emissies, temperatuur, slakken en bodemas is voldaan, gelijktijdig gemeten.

Indien meer dan een derde deel van de gemeten concentraties waaruit een gemiddelde wordt berekend ontbreekt, wordt het op basis van die waarden gemeten gemiddelde buiten beschouwing gelaten bij de toetsing aan de van toepassing zijnde emissie-eisen.

Bij een verbrandingsinstallatie worden de voorzieningen aangebracht die noodzakelijk zijn voor het uitvoeren van de voorgeschreven metingen.

Indien de meetapparatuur voor continue metingen geïnstalleerd bij verbrandingsinstallaties niet goed functioneert:

Indien geen gebruik wordt gemaakt van de resultaten van een meting, wordt dit met opgave van redenen gemeld aan het bevoegd gezag. Bij deze melding worden die meetresultaten gevoegd.

De in de bijlage bij deze regeling aangewezen normen alsmede de aanvullingen en correctiebladen met betrekking tot deze normen worden ter inzage gelegd bij de bibliotheek van het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer te Den Haag.

Met de in de bijlage bij deze regeling aangewezen normen worden gelijkgesteld normen die worden vastgesteld of aangewezen in een andere lidstaat van de Europese Unie, Turkije dan wel een staat, niet zijnde een lidstaat van de Europese Unie, die partij is bij de overeenkomst inzake de Europese Economische Ruimte, die een beschermingsniveau bieden dat ten minste gelijkwaardig is aan het niveau dat met de in de bijlage bij deze regeling aangewezen normen wordt nagestreefd.

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling meetmethoden verbranden afvalstoffen.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

In de hieronder staande tabellen wordt verstaan onder:

De omrekening van een concentratie van een in de onderstaande tabel genoemde gasvormig component in het rookgas uitgedrukt als volumefractie (ppm) naar een concentratie uitgedrukt in massa per kubieke meter (mg/m3) geschiedt volgens de onderstaande formule:

waarin:

Mc = molmassa voor de desbetreffende component uitgedrukt in grammen per mol zoals opgenomen in de onderstaande tabel:

De omrekening van een concentratie koolwaterstoffen uitgedrukt als volumefractie aan koolwaterstof van een bekende samenstelling CnHm (ppm) naar een concentratie organisch koolstof uitgedrukt in massa per kubieke meter (mg/m3) geschiedt volgens de onderstaande formule:

waarin:

n = aantal koolstofatomen C per molecule organische component CnHm in het gebruikte kalibratiegas.

De omrekening van een concentratie in nat rookgas naar een concentratie in droog rookgas geschiedt volgens een van de volgende formules:

waarin:

C = concentratie betrokken op droog rookgasmengsel uitgedrukt in ppm of mg/m3

Cm = concentratie betrokken op vochtig rookgasmengsel uitgedrukt in ppm of mg/m3

XH2O = vochtgehalte in kilogram per kubieke meter droog rookgasmengsel [kg/m3]

CH2O = concentratie vocht betrokken op vochtig rookgasmengsel uitgedrukt in volumepercentage.