Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 9 november 2004 tot vaststelling van een inconveniëntenregeling voor bepaalde functies bij de Eerste Kamer der Staten-Generaal (Inconveniëntenregeling Eerste Kamer der Staten-Generaal)Inconveniëntenregeling Eerste Kamer der Staten-Generaal Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 29 oktober 2004, DGMOS 04/79239, directoraat-generaal Management Openbare Sector, directie Arbeidszaken Openbare Sector, afdeling Arbeidsverhoudingen en Overlegstelsel;

Gelet op artikel 22a, vierde lid, en artikel 25, eerste lid, onderdeel a, van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is belast met de uitvoering van dit besluit dat met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

's-Gravenhage9 november 2004BeatrixDe Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ,J. W.Remkesde veertiende december 2004De Minister van Justitie , J. P. H. Donner

In dit besluit wordt verstaan onder:

Indien een betrokkene op zijn aanvraag een andere functie, niet zijnde een vergadergebonden functie gaat vervullen eindigt zijn aanspraak op de inconveniëntentoeslag.

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 juli 2004.

Dit besluit wordt aangehaald als: Inconveniëntenregeling Eerste Kamer der Staten-Generaal.