U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 23-07-2025.
Wijzigingen Officiële bron
Regeling verstrekkingen asielzoekers en andere categorieën vreemdelingen 2005Regeling verstrekkingen asielzoekers en andere categorieën vreemdelingen 2005 De Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie,

Gelet op artikel 12 van de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers;

Besluit:

De Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie, M.C.F.Verdonk

Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder:

Het recht op opvang van een asielzoeker wiens asielaanvraag die recht op opvang heeft gegeven is afgewezen, eindigt indien de vertrektermijn als bedoeld in artikel 62 van de Vreemdelingenwet 2000 is verstreken, tenzij de uitzetting van betrokkene ingevolge de Vreemdelingenwet 2000 of een rechterlijke uitspraak achterwege dient te blijven.

Het recht op opvang van een alleenstaande minderjarige vreemdeling eindigt:

Vervallen

Vervallen

Een asielzoeker wordt alleen overgeplaatst indien dit noodzakelijk is.

Vervallen

Vervallen

Indien blijkt dat een asielzoeker in strijd met de waarheid gegevens heeft verstrekt of verzwegen, waardoor hij of zijn gezinsleden ten onrechte, of tot een te hoog bedrag, de verstrekkingen, bedoeld in artikel 9, eerste lid, hebben verkregen, dan wel dit op andere wijze heeft bewerkstelligd, is het COA bevoegd de waarde van de ten onrechte toegekende verstrekkingen terug te vorderen en in het geval van de vergunninghouder bedoeld in artikel 3, derde lid, en onder c, de verstrekkingen tevens direct stop te zetten.

Voor de verstrekkingen op basis van deze regeling geldt een beslagvrije voet ten aanzien van alle verstrekkingen die in natura geschieden en viervijfde deel van de verstrekkingen op grond van artikel 9, eerste lid, onderdeel b van deze regeling.

Indien het COA met het college is overeengekomen dat het college verantwoordelijk is voor de exploitatie van een opvangvoorziening en het COA de asielzoeker heeft geplaatst in of overgeplaatst naar een door het college geëxploiteerde opvangvoorziening zijn van toepassing of van overeenkomstige toepassing de artikelen 1, 3, eerste lid, tweede lid, onder a, derde en vierde lid, 4, eerste lid, met dien verstande dat uitsluitend het COA bepaalde categorieën kan uitsluiten van opvang, tweede lid en derde lid, onder a, 5, 7, 9, eerste, derde en vierde lid, achtste tot en met elfde lid, 10, eerste tot en met derde lid, vijfde en zesde lid, 12, 14, eerste tot en met achtste lid, 16, 17, 18, 18a, 18c, 19, eerste lid, 20, 21 en 22.

Van exploitatie door het college zijn uitgezonderd de opvangvoorzieningen met opvangplaatsen van bijzondere aard, bedoeld in artikel 1.1 van het Besluit gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvangvoorzieningen.

Indien er ten aanzien van een asielzoeker

eindigen de verstrekkingen, in afwijking van artikel 7, eerste lid, aanhef en onder b van deze regeling, op de dag waarop de asielzoeker Nederland ingevolge de mededeling van de korpschef dient te verlaten.

Artikel 7, eerste lid, aanhef en onder b van deze regeling is, in afwijking van artikel 23 van deze regeling, eveneens van toepassing op de vreemdeling ten aanzien van wie:

Deze regeling treedt in werking de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst

Deze regeling kan wordt aangehaald als de Regeling verstrekkingen asielzoekers en andere categorieën vreemdelingen 2005.