Ministeriële regeling · BWBR0018341
Aanwijzingsregeling boeteopleggers arbeidstijden vervoer
Gelet op artikel 10:5, tweede lid, van de Arbeidstijdenwet;
Besluiten:
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De Minister van Verkeer en Waterstaat,K.M.H.PeijsDe Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, A.J. deGeusHet hoofd van het Bureau Bestuurlijke Boete van de Inspectie Verkeer en Waterstaat wordt aangewezen als de ambtenaar, bedoeld in artikel 10:5, tweede lid, van de Arbeidstijdenwet voorzover het de in artikel 5:12, tweede lid, van die wet onderscheiden categorieën van arbeid betreft, met uitzondering van het eigen vervoer als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g, van de Wet goederenvervoer over de weg.
Het hoofd van de afdeling Bestuurlijke Boete van de directie Inspectieondersteuning van de Arbeidsinspectie wordt aangewezen als de ambtenaar, bedoeld in artikel 10:5, tweede lid, van de Arbeidstijdenwet voorzover het betreft arbeid, verricht in het kader van eigen vervoer als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g, van de Wet goederenvervoer over de weg.
Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop artikel II van het koninklijk besluit van 10 september 2004 tot wijziging van het Arbeidstijdenbesluit en het Arbeidstijdenbesluit vervoer in verband met de invoering van de bestuurlijke boete (Stb. 487) in werking treedt.
Deze regeling wordt aangehaald als: Aanwijzingsregeling boeteopleggers arbeidstijden vervoer.