U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 19-12-2013.
Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 23 augustus 2005, houdende vaststelling van bekwaamheidseisen voor leraren in het basisonderwijs, het speciaal en voortgezet speciaal onderwijs, het voortgezet onderwijs en voor docenten educatie en beroepsonderwijs, alsmede houdende aanwijzing van vakken voor bekwaamheid als vakleerkracht in het primair onderwijs (Besluit bekwaamheidseisen onderwijspersoneel)Besluit bekwaamheidseisen onderwijspersoneelWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, mede namens Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, van 10 februari 2005, nr. WJZ/2005/2292 (3753), directie Wetgeving en Juridische Zaken;

Gelet op de artikelen 3, eerste lid, onder b.1°, 32, zesde lid, en 32a, eerste en vierde lid, van de Wet op het primair onderwijs, de artikelen 3, eerste lid, onder b.1°, 32, zesde lid, en 32a, eerste en vierde lid, van de Wet op de expertisecentra, de artikelen 35a en 36, eerste, vierde en vijfde lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs, en artikel 4.2.3, eerste en derde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs;

De Raad van State gehoord (advies van 4 april 2005, nr. W05.05.0034/III);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, mede namens Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, van 18 augustus 2005, nr. WJZ/2005/36434 (3753), directie Wetgeving en Juridische Zaken;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

’s-Gravenhage23 augustus 2005BeatrixDe Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap ,M. J. A. van derHoevenDe Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit , C. P.Veermande zevenentwintigste september 2005De Minister van Justitie ,J. P. H.Donner

In dit besluit wordt verstaan onder:

Dit besluit heeft geen betrekking op leraren of docenten godsdienstonderwijs of levensbeschouwelijk vormingsonderwijs.

De bekwaamheid tot het geven van onderwijs omvat de volgende competenties:

In deze titel wordt verstaan onder:

Deze titel heeft betrekking op:

In deze titel wordt verstaan onder:

Deze titel heeft betrekking op het voorbereidend hoger onderwijs, bedoeld in artikel 12, eerste lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs.

In deze titel wordt verstaan onder:

De op grond van artikel 3, eerste lid onder b.1°, van de Wet op het primair onderwijs aan te wijzen onderwijsactiviteiten, bedoeld in artikel 9 van die wet, zijn:

De op grond van artikel 3, eerste lid onder b.1°, van de Wet op de expertisecentra aan te wijzen onderdelen en vakken als bedoeld in artikel 13, eerste, tweede, vijfde en zesde lid, van die wet, zijn:

De op grond van artikel 3, eerste lid, onder b.1°, van de Wet op de expertisecentra aan te wijzen onderdelen en vakken ingevolge de artikelen 14a, tweede lid, 14c en 14f, van die wet, zijn alle in die bepalingen genoemde en bedoelde onderdelen en vakken.

De op grond van artikel 33, lid 1b, van de Wet op het voortgezet onderwijs aan te wijzen vakken zijn:

De verklaring omtrent het gedrag, bedoeld in artikel 32, negende lid, van de Wet op het primair onderwijs en artikel 32, negende lid, van de Wet op de expertisecentra, is bij overlegging aan het bevoegd gezag niet ouder dan zes maanden.