U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 01-01-2006.

Regeling · BWBR0019103

Besluit borgstelling scheepsnieuwbouw

Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 22 november 2005, houdende regels inzake de verstrekking van borgstellingen ter zake van kredieten voor scheepsnieuwbouw (Besluit borgstelling scheepsnieuwbouw)Besluit borgstelling scheepsnieuwbouwWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Economische Zaken van 25 april 2005, nr. WJZ 5022793;

Gelet op artikel 3 van de Kaderwet EZ-subsidies;

De Raad van State gehoord (advies van 22 juli 2005, nr. W10.05.0157/II);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Economische Zaken van 21 november 2005, nr. WJZ 5716536;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

's-Gravenhage22 november 2005BeatrixDe Staatssecretaris van Economische Zaken ,C. E. G. vanGennipde zesde december 2005De Minister van Justitie ,J. P. H.Donner

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

Onze Minister kan ten behoeve van de financiering van de bouw in Nederland van een nieuw schip op aanvraag van een kredietinstelling een subsidie verlenen aan een kredietinstelling in de vorm van een borgstelling voor de terugbetaling van een krediet dat de kredietinstelling op grond van een kredietovereenkomst aan een in Nederland gevestigde scheepswerf heeft verstrekt.

Onze Minister beslist in ieder geval afwijzend op een aanvraag indien:

Onze Minister verdeelt het bij of krachtens artikel 4 vastgestelde bedrag in de volgorde van ontvangst van de aanvragen, met dien verstande dat indien een aanvrager niet heeft voldaan aan enig wettelijk voorschrift voor het in behandeling nemen van de aanvraag en met toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvraag voldoet aan de wettelijke voorschriften met betrekking tot de verdeling als datum van ontvangst geldt.

De beschikking tot het verlenen van een borgstelling bevat de opschortende voorwaarde dat binnen twee weken na de beschikking een overeenkomst van borgtocht, overeenkomstig het model, bedoeld in artikel 10, tot stand is gekomen tussen de Staat en de kredietinstelling. Daartoe wordt een aanbod overeenkomstig het model, bedoeld in artikel 10, bij de beschikking tot het verlenen van een borgstelling gevoegd.

Onze Minister beziet eenmaal per jaar of de bij of krachtens dit besluit gestelde voorwaarden moeten worden herzien.

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2006.

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit borgstelling scheepsnieuwbouw.