U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 01-01-2006.

Ministeriële regeling · BWBR0019322

Vrijstellingsregeling Wfd

Wijzigingen Officiële bron
Vrijstellingsregeling WfdVrijstellingsregeling WfdDe Minister van Financiën,

Gelet op artikel 9 van de Wet financiële dienstverlening;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag19 december 2005De Minister van Financiën,G.Zalm

In deze regeling wordt, voor zover niet anders is bepaald, verstaan onder:

Van hetgeen bij of krachtens de wet is bepaald zijn vrijgesteld ondernemingen die de juridische eigendom verkrijgen van vorderingen uit hoofde van overeenkomsten inzake krediet die zij niet zelf als wederpartij zijn aangegaan, voor zover het beheer en de uitvoering daarvan krachtens overeenkomst geschiedt door een kredietbeheerder aan wie het ingevolge de wet is toegestaan te bemiddelen in krediet en die kredietbeheerder de in artikel 49 van het besluit bedoelde informatie verstrekt op de ingevolge dat artikel voorgeschreven wijze.

Van hetgeen bij of krachtens de wet is bepaald zijn vrijgesteld financiële dienstverleners voor zover zij, zonder daarvoor provisie te ontvangen, financiële diensten verlenen, met uitzondering van financiële diensten ten aanzien van krediet, aan:

Van hetgeen bij of krachtens de wet is bepaald zijn vrijgesteld financiële dienstverleners, voor zover zij, zonder daarvoor provisie te ontvangen, bemiddelen in of adviseren over verzekeringen aan:

Van hetgeen bij of krachtens de wet is bepaald zijn vrijgesteld aanbieders van effecten, voor zover zij anders dan bij uitgifte effecten aanbieden als bedoeld in artikel 3, eerste of vierde lid, van de Wet toezicht effectenverkeer 1995.

Van hetgeen bij of krachtens de wet is bepaald zijn vrijgesteld beheerders als bedoeld in artikel 1, onderdeel e, van de Wet toezicht beleggingsinstellingen, voor zover zij diensten verlenen als bedoeld in artikel 6, vierde lid, van die wet.

Van hetgeen bij of krachtens de wet is bepaald zijn vrijgesteld aanbieders van elektronisch geld op wie artikel 6 van de Vrijstellingsregeling Wtk 1992 van toepassing is, bemiddelaars via wie deze aanbieders overeenkomsten met consumenten aangaan en adviseurs die het door deze aanbieders aangeboden elektronisch geld aanbevelen.

Van hetgeen bij of krachtens de wet is bepaald zijn vrijgesteld financiële dienstverleners:

Van hetgeen is bepaald ingevolge de paragrafen 2 en 3 van hoofdstuk 3 van de wet, van de paragrafen 2 en 3 van hoofdstuk 4 van de wet en van de artikelen 16 tot en met 18 van het besluit, zijn vrijgesteld herverzekeringsbemiddelaars waarvan, voor zover het de vrijstelling van de artikelen 16 tot en met 18 van het besluit betreft, ten minste een van de feitelijk leidinggevenden ten minste drie jaar relevante werkervaring heeft.

Van hetgeen bij of krachtens de wet is bepaald, met uitzondering van het bepaalde ingevolge de artikelen 30, 31, tweede lid, derde lid, onderdeel b, en vierde lid, 35, 38, 39, 40, 41, 42, 44, 49 en 100, voor zover het betrekking heeft op de verstrekking van informatie, bedoeld in artikel 31, eerste lid en derde lid, onderdeel a, en op artikel 32 van de wet, zijn vrijgesteld financiële dienstverleners die beschikken over een vergunning als bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de Wet toezicht effectenverkeer 1995, voor zover zij bemiddelen in goederenkrediet dat dient ter verschaffing van het genot aan een consument van effecten in het kader van een overeenkomst die bestaat uit de belening van:

Van hetgeen is bepaald ingevolge artikel 100 van de wet, voor zover het betrekking heeft op een beroepsaansprakelijkheidsverzekering of een daarmee vergelijke voorziening als bedoeld in artikel 29 van de wet, zijn vrijgesteld financiële dienstverleners:

Van hetgeen is bepaald ingevolge artikel 100, voor zover het betrekking heeft op een beroepsaansprakelijkheidsverzekering of een daarmee vergelijke voorziening als bedoeld in artikel 29 van de wet, zijn vrijgesteld financiële dienstverleners als bedoeld in artikel 19, eerste lid, voor zover zij bemiddelen in verzekeringen en de voor hen verantwoordelijke onderneming als bedoeld in artikel 19, tweede lid:

Van hetgeen is bepaald ingevolge artikel 37 van de wet en de artikelen 30, eerste lid, onder c, en 41, eerste lid, onder c, van het besluit, zijn vrijgesteld financiële dienstverleners als bedoeld in de artikelen 13 en 14, eerste lid, onder b, van de wet en aanbieders van zorgverzekeringen als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Zorgverzekeringswet.

Tot 1 mei 2006 zijn van hetgeen is bepaald ingevolge de artikelen 28 en 36 van het besluit vrijgesteld financiële dienstverleners voor zover zij krediet aanbieden of daarin bemiddelen en daarbij voldoen aan het Besluit kredietaanbiedingen, zoals dat gold voor het tijdstip van inwerkingtreding van de wet.

Tot 1 mei 2006 zijn van hetgeen is bepaald ingevolge artikel 31 van het besluit vrijgesteld financiële dienstverleners voor zover zij schadeverzekeringen aanbieden of daarin bemiddelen en daarbij voldoen aan de artikelen 1 en 3 van de Regeling informatieverstrekking aan verzekeringnemers 1998, zoals die gold voor het tijdstip van inwerkingtreding van de wet.

Tot 1 mei 2006 zijn van hetgeen is bepaald ingevolge artikel 32 van het besluit vrijgesteld financiële dienstverleners voor zover zij levensverzekeringen aanbieden of daarin bemiddelen en daarbij voldoen aan de artikelen 2 en 3 van de Regeling informatieverstrekking aan verzekeringnemers 1998, zoals die gold voor het tijdstip van inwerkingtreding van de wet.

Tot 1 mei 2006 zijn van hetgeen is bepaald ingevolge artikel 34 van het besluit vrijgesteld financiële dienstverleners voor zover zij natura-uitvaartverzekeringen aanbieden of daarin bemiddelen en daarbij voldoen aan de artikelen 1 en 2 van de Regeling informatieverstrekking WTN, zoals die gold voor het tijdstip van inwerkingtreding van de wet.

Tot 1 juli 2006 zijn van hetgeen is bepaald ingevolge artikel 60, eerste lid, van het besluit vrijgesteld aanbieders van krediet voor zover zij financiële diensten verlenen ten aanzien van krediet waarvan de kredietsom, dan wel kredietlimiet, meer dan € 250,– en minder dan € 1.000,– bedraagt.

Tot 1 oktober 2006 zijn van hetgeen is bepaald ingevolge de artikelen 27, 38 en 39 van het besluit vrijgesteld:

Wijzigt de Vrijstellingsregeling Wet toezicht beleggingsinstellingen.

Wijzigt de Vrijstellingsregeling Wet toezicht effectenverkeer 1995.

Wijzigt de Vrijstellingsregeling Wtk 1992.

Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop de wet in werking treedt.

Deze regeling wordt aangehaald als: Vrijstellingsregeling Wfd.