U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 10-05-2006.

Wet · BWBR0019756

Wet overige BZK-subsidies

Wijzigingen Officiële bron
Wet van 13 april 2006, houdende regels inzake de verstrekking van subsidies door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de Minister voor Bestuurlijke Vernieuwing en Koninkrijksrelaties (Wet overige BZK-subsidies)Wet overige BZK-subsidiesWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de Wet overige BiZa-subsidies te vervangen door een nieuwe regeling;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te ’s-Gravenhage13 april 2006BeatrixDe Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ,J. W.RemkesDe Minister voor Bestuurlijke Vernieuwing en Koninkrijksrelaties , A.Pechtoldde negende mei 2006De Minister van Justitie ,J. P. H.Donner

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder Onze Minister: Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties of Onze Minister voor Bestuurlijke Vernieuwing en Koninkrijksrelaties.

Dit hoofdstuk is van toepassing op subsidies die door Onze Minister worden verstrekt en:

Een subsidie ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld, wordt verleend onder de voorwaarde, bedoeld in artikel 4:34, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

Bij algemene maatregel van bestuur of bij ministeriële regeling kan jaarlijks een subsidieplafond worden vastgesteld voor de activiteiten waarvoor subsidie kan worden verstrekt, alsmede regels voor de wijze van verdeling van de subsidie.

Indien Onze Minister subsidie verstrekt voor activiteiten die mede door andere bestuursorganen worden gesubsidieerd, kan hij afwijken van bij of krachtens deze wet aan de subsidie verbonden of te verbinden verplichtingen, voor zover

Voorzover bij algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling krachtens deze wet niet anders is bepaald, is op per boekjaar verstrekte subsidies Afdeling 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing.

Onze Minister kan subsidies verstrekken ten behoeve van activiteiten inzake openbare orde en veiligheid die gericht zijn op:

Onze Minister kan subsidies verstrekken ten behoeve van activiteiten inzake de Koninkrijksrelaties die gericht zijn op:

Onze Minister kan subsidies verstrekken ten behoeve van activiteiten inzake het bevorderen van de democratische rechtsstaat en ten behoeve van activiteiten op het gebied van het decentraal bestuur die gericht zijn op:

Onze Minister kan subsidies verstrekken ten behoeve van activiteiten inzake het management en personeelsbeleid van de openbare dienst, die gericht zijn op:

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur of bij ministeriële regeling kunnen de activiteiten bedoeld in hoofdstuk 2 nader worden bepaald, alsmede criteria voor de verstrekking worden vastgesteld.

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur of bij ministeriële regeling kunnen voor subsidies die verstrekt worden op grond van hoofdstuk 2, regels worden gesteld met betrekking tot:

Na de inwerkingtreding van deze wet berusten de algemene maatregelen van bestuur en de ministeriële regelingen, vastgesteld krachtens artikel 2 van de Wet overige BiZa-subsidies op de artikelen 14 en 15 van deze wet.

De Wet overige BiZa-subsidies wordt ingetrokken.

Deze wet treedt in werking met ingang van de eerste dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.

Deze wet wordt aangehaald als: Wet overige BZK-subsidies.