U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 25-01-2014.
Wijzigingen Officiële bron
Wet van 20 november 2006, houdende regels omtrent instanties die verantwoordelijk zijn voor handhaving van de wetgeving inzake consumentenbescherming (Wet handhaving consumentenbescherming)Wet handhaving consumentenbeschermingWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het, mede ter uitvoering van verordening (EG) nr. 2006/2004 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 27 oktober 2004 betreffende samenwerking tussen de nationale instanties die verantwoordelijk zijn voor handhaving van de wetgeving inzake consumentenbescherming (PbEU L 364), noodzakelijk is regels te stellen inzake privaatrechtelijke en publiekrechtelijke handhaving van de wetgeving inzake consumentenbescherming;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te ’s-Gravenhage20 november 2006BeatrixDe Staatssecretaris van Economische Zaken, C. E. G. vanGennipde vijfde december 2006De Minister van Justitie, E. M. H.Hirsch Ballin

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

Vervallen

De Autoriteit Consument en Markt is belast met de handhaving van de wettelijke bepalingen, bedoeld in de onderdelen a en b van de bijlage bij deze wet. Zij is niet bevoegd indien de overtreding betrekking heeft op een financiële dienst of activiteit.

Deze paragraaf heeft, met uitzondering van artikel 2.10, tweede lid, uitsluitend betrekking op overtredingen van de wettelijke bepalingen, bedoeld in onderdeel b van de bijlage bij deze wet.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

De bestuurlijke boete, bedoeld in de artikelen 2.8 en 2.9 bedraagt ten hoogste € 450.000.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Gegevens die de Autoriteit Consument en Markt verkrijgt van andere bevoegde autoriteiten en andere overheidsinstanties als bedoeld in hoofdstukken 3 en 4 van deze wet maakt de Autoriteit Consument en Markt alleen openbaar met toestemming van de desbetreffende autoriteit of instantie.

Het Staatstoezicht op de volksgezondheid wordt aangewezen als bevoegde autoriteit voor intracommunautaire inbreuken op de wettelijke bepalingen, bedoeld in onderdeel e van de bijlage bij deze wet.

Het Commissariaat voor de Media wordt aangewezen als bevoegde autoriteit voor intracommunautaire inbreuken op de wettelijke bepalingen, bedoeld in onderdeel f van de bijlage bij deze wet.

De Inspectie Verkeer en Waterstaat wordt aangewezen als bevoegde autoriteit voor intracommunautaire inbreuken op de wettelijke bepalingen, bedoeld in onderdeel g van de bijlage bij deze wet.

De Voedsel en Warenautoriteit wordt aangewezen als bevoegde autoriteit voor intracommunautaire inbreuken op de wettelijke bepalingen, bedoeld in onderdeel h van de bijlage bij deze wet.

Alle informatie die een bevoegde autoriteit op grond van verordening 2006/2004 aan bevoegde autoriteiten van andere lidstaten en de Commissie verstrekt, verstrekt de bevoegde instantie eveneens aan de Autoriteit Consument en Markt als het verbindingsbureau.

Indien een andere overheidsinstantie toezichts- of handhavingsmaatregelen neemt ten aanzien van een gedraging, die eveneens een intracommunautaire inbreuk op kan leveren, stelt zij de Autoriteit Consument en Markt als het verbindingsbureau hiervan op de hoogte.

Bij algemene maatregel van bestuur kunnen instanties worden aangewezen die een rechtmatig belang hebben bij de beëindiging van of het verbieden van intracommunautaire inbreuken als bedoeld in artikel 4, tweede lid, van verordening 2006/2004.

Tegen een uitspraak in hoger beroep van het College van Beroep voor het bedrijfsleven kan de procureur-generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden beroep in cassatie in het belang der wet instellen wegens schending of verkeerde toepassing van artikel 8.8.

Consumentenorganisaties worden aangemerkt als belanghebbenden bij besluiten krachtens deze wet.

Degene die algemene voorwaarden gebruikt in een overeenkomst met een consument, bindt die consument niet aan een beding als bedoeld in artikel 236 van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek.

Een handelaar als bedoeld in artikel 50a, onderdeel b, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, die een overeenkomst aangaat als bedoeld in artikel 50a, onderdelen c tot en met f, van dat Boek, neemt de artikelen 50b en 50c van Boek 7 van dat Boek in acht. Op de vorige volzin zijn de artikelen 50g lid 1 en 50h van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek van overeenkomstige toepassing.

Een reisorganisator als bedoeld in artikel 500 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek neemt de bij of krachtens de artikelen 501 en 502 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek gestelde eisen in acht.

Het is een handelaar niet toegestaan oneerlijke handelspraktijken te verrichten als bedoeld in Afdeling 3A van Titel 3 van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek.

De dienstverrichter die diensten verricht als bedoeld in richtlijn 2006/123/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 12 december 2006 betreffende diensten op de interne markt (PbEU L 376), neemt de bepalingen van Afdeling 2a van titel 5 van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek in acht.

Treedt op een later tijdstip in werking.

Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden

Wijzigt het Burgerlijk Wetboek Boek 3.

Wijzigt de Wet bestuursrechtspraak bedrijfsorganisatie.

Wijzigt de Wet op de economische delicten.

Wijzigt de Prijzenwet.

Wijzigt de Elektriciteitswet 1998.

Wijzigt de Wet financiële dienstverlening.

Wijzigt de Wet marktordening gezondheidszorg.

Wijzigt de Gaswet.

Zolang het bij koninklijke boodschap van 8 december 2003 ingediende voorstel van wet tot vaststelling van een nieuwe Geneesmiddelenwet, Kamerstukken II, nr. 29 359, nog niet tot wet is verheven en in werking is getreden, zijn de krachtens artikel 22 van de Wet op de geneesmiddelenvoorziening aangewezen ambtenaren van het Staatstoezicht op de volksgezondheid belast met het toezicht, bedoeld in artikel 3.6, eerste lid.

Vervallen

Vervallen

Wijzigt deze wet.

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

Deze wet wordt aangehaald als: Wet handhaving consumentenbescherming.