Ministeriële regeling · BWBR0020711
Regeling geurhinder en veehouderij
Handelende in overeenstemming met de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;
Gelet op de artikelen 1, 4, tweede lid, en 10 van de Wet geurhinder en veehouderij;
Besluit:
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Den Haag8 december 2006De Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, P.L.B.A. vanGeelIn deze regeling wordt verstaan onder:
bijlage: bij deze regeling behorende bijlage;
wet: Wet geurhinder en veehouderij;
emissiepunt: punt waar een relevante hoeveelheid geur buiten:
- a.
het geheel overdekt dierenverblijf treedt, dan wel wordt gebracht; of
- b.
het overdekte gedeelte van het gedeeltelijk overdekt dierenverblijf treedt, dan wel wordt gebracht.
De geurbelasting vanwege een veehouderij wordt berekend met inachtneming van het verspreidingsmodel ‘V-Stacks vergunning’.
Het geometrisch gemiddelde van de emissiepunten wordt aangemerkt als punt waar de geur uit het dierenverblijf treedt of wordt gebracht.
De geurbelasting wordt bepaald op de dichtstbijzijnde buitenzijde van een geurgevoelig object, gerekend vanaf het geometrisch gemiddelde van de emissiepunten.
Indien het dierenverblijf niet is overdekt, wordt de geurbelasting bepaald op de dichtstbijzijnde buitenzijde van een geurgevoelig object, gerekend vanaf het punt van de begrenzing dat het dichtst is gelegen bij het desbetreffende geurgevoelig object.
De geuremissie vanuit een veehouderij is de som van de voor de verschillende diercategorieën, gehouden in de onderscheiden dierenverblijven, berekende aantallen odour units per seconde per dier.
Het aantal odour units per seconde per dier van een diercategorie, is het aantal dieren van een diercategorie vermenigvuldigd met de voor de betreffende diercategorie in bijlage 1 opgenomen geuremissiefactor.
Indien voor een diercategorie geen geuremissiefactor is vastgesteld, wordt de diercategorie in de berekening van de geurbelasting buiten beschouwing gelaten.
De afstand, bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de wet is opgenomen in bijlage 2.
De afstand, bedoeld in de artikelen 3, tweede en derde lid, en 4, eerste lid, van de wet wordt gemeten vanaf de buitenzijde van het geurgevoelig object tot het dichtstbijzijnde emissiepunt.
Indien het dierenverblijf niet is overdekt, wordt de afstand gemeten vanaf de buitenzijde van een geurgevoelig object tot het punt van de begrenzing van het dierenverblijf dat het dichtst is gelegen bij het desbetreffende geurgevoelig object.
Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop de wet in werking treedt.
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling geurhinder en veehouderij.
RAV-nr. | Diercategorie | Geuremissiefactor |
Rundvee | ||
A 1 | Melk- en kalfkoeien ouder dan 2 jaar | niet vastgesteld |
A 2 | Zoogkoeien ouder dan 2 jaar | niet vastgesteld |
A 3 | Vrouwelijk jongvee tot 2 jaar | niet vastgesteld |
A 4 | Vleeskalveren tot 8 maanden | 35,6 |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 24,9 | |
A 5 | Vleesstierkalveren tot 6 maanden | 35,6 |
A 6 | Vleesstieren en overig vleesvee van 6 tot 24 maanden (roodvleesproductie) | 35,6 |
A 7 | Fokstieren en overig rundvee ouder dan 2 jaar | niet vastgesteld |
Schapen | ||
B 1 | Schapen ouder dan één jaar, inclusief lammeren tot 45 kilo12 | 7,8 |
Geiten | ||
C 1 | Geiten ouder dan één jaar | 18,8 |
C 2 | Opfokgeiten van 61 dagen tot en met één jaar | 11,3 |
C 3 | Opfokgeiten en afmestlammeren tot en met 60 dagen | 5,7 |
Varkens3 | ||
D 1 | Fokzeugen, inclusief biggen tot 25 kilo | |
D 1.1 | Biggenopfok (gespeende biggen) | |
emissiearme huisvesting (a.e. ≤ 0,3 kg/dierplaats)4 | 5,4 | |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 3,8 | |
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 3,0 | |
overige huisvesting | 7,8 | |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 5,5 | |
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 4,3 | |
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.14 (70% reductie) | 2,3 | |
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.15 (80% reductie) | 1,6 | |
D 1.2 | Kraamzeugen (inclusief biggen tot spenen) | |
emissiearme en overige huisvesting | 27,9 | |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 19,5 | |
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 15,3 | |
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.14 (70% reductie) | 8,4 | |
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.15 (80% reductie) | 5,6 | |
D 1.3 | Guste en dragende zeugen | |
emissiearme en overige huisvesting | 18,7 | |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 13,1 | |
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 10,3 | |
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.14 (70% reductie) | 5,6 | |
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.15 (80% reductie) | 3,7 | |
D 2 | Dekberen, 7 maanden en ouder | |
emissiearme en overige huisvesting | 18,7 | |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 16,1 | |
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 12,7 | |
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.14 (70% reductie) | 5,6 | |
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.15 (80% reductie) | 3,7 | |
D 3 | Vleesvarkens, opfokberen van 25 kilo tot 7 maanden, opfokzeugen van 25 kilo tot eerste dekking5 | |
emissiearme huisvesting (a.e. ≤ 1,5 kg/dierplaats) | 17,9 | |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 12,5 | |
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 9,8 | |
overige huisvesting | 23,0 | |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 16,1 | |
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 12,7 | |
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.14 (70% reductie) | 6,9 | |
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.15 (80% reductie) | 4,6 | |
Kippen | ||
E 1 | Opfokhennen en hanen van legrassen; jonger dan 18 weken | |
Batterijhuisvesting | ||
emissiearme en overige huisvesting | 0,18 | |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 0,13 | |
Niet-batterijhuisvesting | ||
emissiearme en overige huisvesting – chemische luchtwasser (30% reductie) | 0,18 0,13 | |
E 2 | Legkippen en (groot-)ouderdieren van legrassen | |
Batterijhuisvesting | ||
Mestopslag onder de batterij | 0,69 | |
emissiearme en overige huisvesting | 0,35 | |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 0,25 | |
Niet-batterijhuisvesting | ||
emissiearme en overige huisvesting | 0,34 | |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 0,23 | |
E 3 | (Groot-)ouderdieren van vleeskuikens in opfok, jonger dan 19 weken | |
emissiearme en overige huisvesting | 0,18 | |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 0,13 | |
E 4 | (Groot-)ouderdieren van vleeskuikens | |
emissiearme en overige huisvesting | 0,93 | |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 0,65 | |
E 5 | Vleeskuikens | |
emissiearme en overige huisvesting | 0,24 | |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 0,17 | |
Kalkoenen | ||
F 1 | Ouderdieren van vleeskalkoenen in opfok tot 6 weken | 0,29 |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 0,20 | |
F 2, F 3 | Ouderdieren van vleeskalkoenen in opfok vanaf 6 weken | 1,55 |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 1,09 | |
F 4 | Vleeskalkoenen | 1,55 |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 1,09 | |
Eenden | ||
G 1 | Ouderdieren van vleeseenden | 0,49 |
G 2 | Vleeseenden | 0,49 |
Parelhoenders | ||
J 1 | Parelhoenders voor de vleesproductie | 0,24 |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 0,17 | |
Overig | ||
M 1 | Landbouwhuisdieren die in veehouderijen worden gehouden | niet vastgesteld |
De afstanden voor pelsdieren (nertsen en vossen) worden als volgt bepaald.
RAV-nr. | Diercategorie | Aantal fokteven | ||||
Pelsdieren | ||||||
H 1 | Nertsen | 1–1000 | 1001–1500 | 1501–3000 | 3001–6000 | 6001–9000 |
Binnen bebouwde kom | 175 meter | 200 | 225 | 250 | 275 | |
Buiten bebouwde kom | 100 | 125 | 150 | 175 | 200 |
In de berekening worden jongen en reuen buiten beschouwing gelaten.
Indien zowel nertsen als vossen, dan wel uitsluitend vossen worden gehouden, worden voor het bepalen van de afstand 10 vossen (fokmoeren) gelijkgesteld met 15 nertsen (fokteven). Indien (nadat de eventueel aanwezige vossen zijn omgerekend naar nertsen) meer dan 9000 fokteven worden gehouden, wordt de afstand voor elke extra 3000 fokteven met 25 meter extra vergroot.
Indien de pelsdieren in emissiearme huisvesting (a.e. ≤ 0,25 kg/dierplaats) worden gehouden, worden de afstanden uit de tweede rij van de tabel (‘buiten bebouwde kom’) met 25 meter verminderd.