Wijzigingen Officiële bron
Besluit houdende aanwijzing van de Stichting VAMEX als exameninstelling voor het klein vaarbewijs (Aanwijzing exameninstelling klein vaarbewijs 2007)Beschikking aanwijzing exameninstelling klein vaarbewijs 2007De Minister van Verkeer en Waterstaat,

Gelet op artikel 22, eerste lid, van de Binnenschepenwet;

Besluit:

Deze beschikking wordt gepubliceerd in de Staatscourant en in afschrift toegezonden aan de exameninstelling.

De Minister van Verkeer en Waterstaat, K.M.H.Peijs

In deze beschikking wordt verstaan onder:

De Stichting VAMEX wordt aangewezen als exameninstelling bevoegd tot het afnemen van examens ter verkrijging van een klein vaarbewijs voor de periode van 1 januari 2007 tot en met 31 december 2011 en voert daarbij de taken uit zoals omschreven in de artikelen 13 tot en met 22 van het Besluit vaarbewijzen binnenvaart en het Reglement examens klein vaarbewijs.

Aan deze beschikking zijn de volgende voorwaarden verbonden:

Deze beschikking treedt in werking met ingang van 1 januari 2007.

De kwaliteitsborging omvat ten minste:

Het door de minister uit te oefenen toezicht op het systeem van examinering omvat:

De jaarlijkse informatieverplichting betreft:

In de volgende situaties wordt de minister tussentijds informatie verstrekt:

De exameninstelling kent een Examencommissie, bestaande uit onafhankelijke deskundigen, die zorg draagt voor voldoende toepasselijke examenvragen van voldoende zwaarte en de beoordeling van inhoudelijke bezwaarschriften. Het bestand met examenvragen wordt als geheim behandeld.

De Domeinadviescommissie adviseert aan de exameninstelling over het examenbeleid van de instelling. De commissie vormt een afspiegeling van de partijen die belang hebben bij een veilige en vlotte vaart op de binnenwateren. De opleiders Klein Vaarbewijzen zijn vertegenwoordigd in deze Commissie. De Adviescommissie komt ten minste 1 keer per kalenderjaar bijeen.

In de Raad van Advies onderhouden het CBR en de VAMEX een samenwerking met als doel onderlinge uitwisseling van expertise door middel van structureel en periodiek overleg. De Raad van Advies komt minimaal twee maal per jaar bijeen voor structureel overleg. Het voorzitterschap van de Raad wordt jaarlijks gerouleerd tussen de VAMEX en het CBR. Jaarlijks wordt een samenvatting van rapportages van de bijeenkomsten gemaakt waarna dit – eventueel separaat maar in ieder geval ook als onderdeel van het jaarverslag – aangeboden wordt aan de Minister.

Indien naar het oordeel van de Minister de exameninstelling zijn taak ernstig verwaarloost, kan de Minister de volgende noodzakelijke voorzieningen treffen.

De exameninstelling vormt een egalisatiereserve. Het verschil tussen de gerealiseerde baten en de gerealiseerde lasten van de activiteiten komt ten gunste onderscheidenlijk ten laste van de egalisatiereserve. De van de egalisatiereserve genoten rente wordt aan de egalisatiereserve toegevoegd.

Uitgangspunten:

Op basis hiervan geldt dat:

Artikel 1.

Dit controleprotocol bevat de uitgangspunten die in aanmerking dienen te worden genomen bij de controle van de verantwoording over de uitvoering van de publieke taken met betrekking tot de examinering klein vaarbewijs door de Stichting VAMEX.

Artikel 2.

De volgende regelgeving, documenten en begrippen zijn van toepassing:

Artikel 3.

1. De controle dient de getrouwheid van de verantwoording met betrekking tot de uitvoering van de publieke taken door de Stichting VAMEX te omvatten.

2. De externe accountant controleert of de besteding en de inning van de publieke middelen door het de Stichting VAMEX rechtmatig zijn en gaat na of de baten en lasten uit de publieke taakuitvoering passen binnen het kader van de geldende regelgeving.

3. De externe accountant stelt een verslag op van zijn bevindingen in hoeverre het beheer en de organisatie van de Stichting VAMEX voldoen aan de daaraan te stellen eisen conform artikel 3 van het besluit Aanwijzing exameninstelling klein vaarbewijs 2007. Het verslag bevat aandachtpunten die naar het oordeel van de externe accountant relevant zijn voor de oordeelsvorming van de Minister van Verkeer en Waterstaat in relatie tot de publieke taakuitvoering door de Stichting VAMEX.

4. Ten aanzien van de planning en uitvoering van de jaarrekening geldt voor de controle door de externe accountant, dat de externe accountant zijn controle zo inricht dat een redelijke mate van zekerheid wordt verkregen dat de jaarrekening geen onjuistheden of onzekerheden van materieel belang bevat. Bij de beoordeling van de jaarrekening conform artikel 3, onderdeel c, van het besluit Aanwijzing exameninstelling klein vaarbewijs 2007 geldt dat de externe accountant de beoordeling zo inricht dat een dermate zekerheid wordt verkregen die past bij de aard van de opdracht.

5. Voor de uitvoering van de controle van de jaarrekening door de externe accountant geldt een algemene tolerantie die gebruikelijk wordt gehanteerd bij de controle van soort gelijke jaarrekeningen door de externe accountant.

6. Voor de uitvoering van de controle van de relevante passages in het jaarverslag en de beoordeling conform artikel 3, onderdeel c, geldt een kwalitatieve tolerantie waarbij bepalend is of afwijkingen van belang zijn voor de oordeelsvorming van de Minister van Verkeer en Waterstaat.

Artikel 4.

1. Bij de uitvoering van de controle van de jaarrekening dient vastgesteld te worden dat:

2. Bij de uitvoering van de beoordeling van het jaarverslag dient vastgesteld te worden dat:

3. Ten aanzien van het in het eerste lid, onderdeel b, opgenomen specifieke aandachtspunt geldt dat de accountant alle bij de controle geconstateerde en niet gecorrigeerde fouten en onzekerheden, waarvan het belang individueel of in het totaal groter is dan 1 % van de lasten uit hoofde van de publieke taakuitoefening, rapporteert.

4. Ten aanzien van de in het eerste lid, onderdeel a en het tweede lid opgenomen specifieke aandachtspunten geldt dat de accountant alle bij de controle geconstateerde niet-financiële afwijkingen, niet gecorrigeerde fouten en onzekerheden rapporteert.

Artikel 5.

1. Het model van de accountantsverklaring luidt als volgt:

‘Opdracht

Wij hebben de (in dit rapport/verslag) opgenomen jaarrekening .......... van de Stichting Vaarbewijzen en Marifoonexamens (hierna te noemen Stichting VAMEX) te Den Haag gecontroleerd. De jaarrekening is opgesteld onder verantwoordelijkheid van het bestuur van de stichting. Het is onze verantwoordelijkheid een accountantsverklaring inzake de jaarrekening te verstrekken.

Werkzaamheden

Onze controle is verricht overeenkomstig in Nederland algemeen aanvaarde richtlijnen met betrekking tot controleopdrachten. Volgens deze richtlijnen dient onze controle zodanig te worden gepland en uitgevoerd, dat een redelijke mate van zekerheid wordt verkregen dat de jaarrekening geen onjuistheden van materieel belang bevat. Een controle omvat onder meer een onderzoek door middel van deelwaarnemingen van informatie ter onderbouwing van de bedragen en de toelichtingen in de jaarrekening. Tevens omvat een controle een beoordeling van de grondslagen voor financiële verslaggeving die bij het opmaken van de jaarrekening zijn toegepast en van belangrijke schattingen die daarbij zijn gemaakt onder verantwoordelijkheid van het bestuur van de Stichting VAMEX alsmede een evaluatie van het algemene beeld van de jaarrekening. Voorts hebben wij het controleprotocol inzake de controle op de verantwoording van de publieke taakuitoefening door de Stichting VAMEX. Wij zijn van mening dat onze controle een deugdelijke grondslag vormt voor ons oordeel.’

‘Oordeel

Wij zijn van oordeel dat de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de grootte en de samenstelling van het vermogen op ultimo 31 december ..... en van het resultaat over ..... en dat de jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met in Nederland algemeen aanvaarde grondslagen voor financiële verslaggeving en voldoet aan de wettelijke bepalingen inzake jaarrekeningen zoals opgenomen in Titel 9 Boek 2 BW. Voorts hebben wij vastgesteld dat is voldaan aan de verplichtingen die zijn opgenomen in het besluit Aanwijzing exameninstelling klein vaarbewijs 2007 inzake de publieke taakuitoefening.’

2. De Stichting VAMEX neemt in zijn jaarrekening het model bedoeld in het eerste lid op.