U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 01-01-2024.
Wijzigingen Officiële bron
Wet van 17 februari 2007, houdende regeling voor de toelating, het op de markt brengen en het gebruik van gewasbeschermingmiddelen en biociden (Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden)Wet gewasbeschermingsmiddelen en biocidenWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is nieuwe regels te stellen voor de toelating, het op de markt brengen en het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen alsmede voor de toelating en registratie, het op de markt brengen en het gebruik van biociden, mede gelet op richtlijn nr. 91/414/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 15 juli 1991 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen (PbEG L 230) en richtlijn nr. 98/8/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 16 februari 1998 betreffende het op de markt brengen van biociden (PbEG L 123);

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te Lech17 februari 2007BeatrixDe Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, G.VerburgDe Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, J. M.Cramerde tiende april 2007De Minister van Justitie,E. M. H.Hirsch Ballin

Een ieder is verplicht op zorgvuldige wijze om te gaan met gewasbeschermingsmiddelen, biociden, de daarbij behorende werkzame stoffen of daarbij gebruikte toevoegingsstoffen, alsmede restanten daarvan of de aangebroken verpakkingen. Die zorgvuldigheid houdt in ieder geval in, dat een ieder, die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat door zijn handelen of nalaten gevaar ontstaat of kan ontstaan voor een mens, voor een dier of voor planten waarvan de instandhouding gewenst is, voor planten die aan anderen toebehoren, voor de bodem of voor het water, verplicht is dergelijk handelen achterwege te laten, tenzij zulks in redelijkheid niet van hem kan worden gevergd, dan wel onverwijld alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van hem kunnen worden gevergd teneinde voornoemd gevaar te voorkomen of de nadelige gevolgen daarvan te beperken en zoveel mogelijk ongedaan te maken.

Er is een College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden. Het college bezit rechtspersoonlijkheid.

Vervallen

Vervallen

De inkomsten van het college bestaan uit:

Onze Minister stelt na overleg met het college een informatiestatuut vast. Het informatiestatuut bevat regels met betrekking tot de informatievoorziening tussen Onze Ministers en het college.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

In dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

Het is verboden een werkzame stof die niet is opgenomen in een toegelaten gewasbeschermingsmiddel te gebruiken, tenzij de stof is goedgekeurd als basisstof op grond van artikel 23 van verordening (EG) 1107/2009.

Het is verboden zaad van een plant, dat met een gewasbeschermingsmiddel is behandeld, op de markt te brengen of te gebruiken in Nederland, tenzij aangetoond kan worden dat het zaad is behandeld met een gewasbeschermingsmiddel dat als zodanig is toegelaten in een lidstaat van de Europese Unie.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Het college kan ter uitvoering van artikel 71, eerste lid, van verordening (EG) 1107/2009 het op de markt brengen of het gebruik van een toegelaten gewasbeschermingsmiddel, met inbegrip van met een gewasbeschermingsmiddel behandeld zaaizaad, of een goedgekeurde werkzame stof, beschermstof, synergist of formuleringshulpstof tijdelijk beperken of verbieden, indien er duidelijke aanwijzingen bestaan dat het gewasbeschermingsmiddel, het met een gewasbeschermingsmiddel behandelde zaaizaad of de stof een ernstig risico inhoudt voor de gezondheid van mens en dier of voor het milieu.

Een besluit tot toelating of vrijstelling van een gewasbeschermingsmiddel, alsmede een tijdelijke beperking van of verbod op het op de markt brengen of gebruik van een toegelaten gewasbeschermingsmiddel, wordt in de Staatscourant bekendgemaakt en medegedeeld aan de aanvrager.

Dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen zijn mede van toepassing op biociden en behandelde voorwerpen binnen de exclusieve economische zone.

In dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

De in artikel 43 bedoelde verboden gelden niet in de respijtperiode bedoeld in artikel 52 van verordening (EU) Nr. 528/2012.

Bij regeling van Onze Minister kunnen ter uitvoering van verordening (EU) Nr. 528/2012 regels worden gesteld over:

Het college is belast met de uitvoering van artikel 27 van verordening (EU) Nr. 528/2012.

Het college is belast met de uitvoering van artikel 88 van verordening (EU) Nr. 528/2012.

Een besluit omtrent toelating of vrijstelling van een biocide van Onze Minister of het college, wordt in de Staatscourant bekendgemaakt en medegedeeld aan de aanvrager en de houder van de toelating.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

De klant, bedoeld in artikel 73, legitimeert zich op verzoek van de distributeur of zijn personeel met een document als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht.

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de uitvoering van goede praktijken bij het toepassen van gewasbeschermingsmiddelen of biociden.

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen of biociden in specifieke gebieden als bedoeld in artikel 12 van richtlijn 2009/128/EG. Deze regels kunnen een verbod inhouden dan wel zijn gericht op een vermindering van het gebruik van alle of een bepaald type gewasbeschermingsmiddelen of biociden in bij die maatregel aangewezen gebieden.

Onze Minister wordt aangewezen als bevoegde autoriteit als bedoeld in artikel 3, derde lid, van verordening (EU) 2017/625 voor zover het betreft het gebied, genoemd in artikel 1, tweede lid, onderdeel h, van verordening (EU) 2017/625.

Bij regeling van Onze Ministers kunnen regels worden gesteld over de wijze van monsterneming, het verpakken en het verzegelen van monsters.

Een toezichthouder is bevoegd met medeneming van de benodigde apparatuur een woning binnen te treden zonder toestemming van de bewoner.

Onze Minister is bevoegd tot oplegging van een last onder bestuursdwang ter handhaving van de bij of krachtens deze wet gestelde regels.

Onze Minister is bevoegd ter handhaving van de bij of krachtens deze wet gestelde regels maatregelen te treffen als bedoeld in artikel 138, tweede lid, onderdelen d en g, van verordening (EU) 2017/625.

Titel 5.2 van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing voor zover een krachtens artikel 82, eerste lid, aangewezen ambtenaar bijstand verleent aan een markttoezichtautoriteit als bedoeld in artikel 3, onderdeel 4, van verordening (EU) nr. 2019/1020, uit een andere lidstaat van de Europese Unie op grond van artikel 22 of artikel 23 van die verordening.

Vervallen

Onze Minister kan een bestuurlijke boete opleggen in geval van overtreding van het bepaalde bij of krachtens artikel 2a, 19, 20, 21, 22, 28, 29, 37, derde lid, 38, derde lid, 39, 43, met uitzondering van het vijfde lid, 71 tot en met 81, 87, zesde lid, 115 of 118.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Indien de ernst van de overtreding of de omstandigheden waaronder zij is begaan daartoe aanleiding geven, wordt zij aan het openbaar ministerie voorgelegd.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Bij gebreke van volledige betaling binnen de in artikel 4:87 van de Algemene wet bestuursrecht bedoelde termijn kan Onze Minister de verschuldigde bestuurlijke boete invorderen bij dwangbevel.

Vervallen

Vervallen

Een ieder is tot naleving van een voor hem geldende algemeen verbindend verklaarde overeenkomst gehouden tegenover ieder ander, die bij de naleving een redelijk belang heeft.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Onze Minister zendt binnen vier jaar na de inwerkingtreding van deze wet en vervolgens telkens na vier jaar aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk.

Vervallen

De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

Deze wet wordt aangehaald als: Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden.