Wijzigingen Officiële bron
Verordening van het Productschap Vis van 12 oktober 2006 tot vaststelling van algemene bepalingen over de verstrekking en verwerking van gegevens alsmede tot intrekking van de Verordening Algemene Bepalingen Productschap Vis 2000 (Verordening Algemene Bepalingen Productschap Vis 2006)Verordening Algemene Bepalingen Productschap Vis 2006Het bestuur van het Productschap Vis;

Gelet op de artikelen 93, 95 en 102 van de Wet op de bedrijfsorganisatie en de artikelen 5 en 6 van het Instellingsbesluit Productschap Vis (Stb. 2003, 253);

Besluit:

Rijswijk12 oktober 2006B.J.OdinkvoorzitterW.G. van deFliertsecretaris

Goedgekeurd door de Bestuurskamer van de Sociaal-Economische Raad bij besluit van 5 april 2007.

In deze verordening wordt verstaan onder:

De door de afslag voorlopig berekende en bij ondernemers geïnde heffingsbedragen moeten door de afslag uiterlijk binnen één maand na afloop van de kalendermaand waarin de vis en visproducten zijn verhandeld, aan het productschap worden afgedragen.

De uit hoofde van de heffingsverordeningen verschuldigde heffingen worden door de ondernemer betaald uiterlijk binnen zes weken na de dag waarop zij bij besluit definitief zijn vastgesteld en aan hem zijn opgelegd en in rekening gebracht.

Een nagevorderd bedrag als bedoeld in artikel 3, derde lid, wordt door de ondernemer betaald uiterlijk binnen veertien dagen na de dag waarop het bedrag hem door het productschap in rekening is gebracht.

De door de voorzitter, namens het bestuur, aan te stellen functionaris voor de gegevensbescherming wordt door de voorzitter aangemeld bij het College bescherming persoonsgegevens.

De in artikel 1, eerste lid, met uitzondering van het bepaalde in onderdeel c, gestelde regelen binden naast de ondernemers mede de bij die ondernemingen, waarvoor het productschap is ingesteld, werkzame personen, alsmede andere natuurlijke en rechtspersonen, voor zover deze andere personen handelingen verrichten, welke bedrijfsmatig plegen te worden verricht in de ondernemingen waarvoor het productschap is ingesteld.

Op overtreding van het bij of krachtens artikel 2 van deze verordening bepaalde kunnen tuchtrechtelijke maatregelen worden opgelegd.

Het Besluit aanwijzing gemandateerde rechtspersonen van 13 oktober 2005, houdende de uitvoering van artikel 13, vierde lid, van de Heffingsverordening 2006 (gepubliceerd in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie van 16 december 2005, afl. 72, VIS 17) blijft van kracht totdat conform artikel 5, vierde lid, een nieuw besluit is vastgesteld.