Ministeriële regeling · BWBR0021990
Sanctieregeling Noord-Korea 2007
Handelende in overeenstemming met de Minister van Financiën en de Staatssecretaris van Economische Zaken;
Gelet op Verordening (EG) nr. 329/2007 van de Raad van de Europese Unie van 27 maart 2007 betreffende beperkende maatregelen ten aanzien van de Democratische Volksrepubliek Korea (Pb EG L 88);
Gelet op de artikelen 2, tweede lid, en 3 van de Sanctiewet 1977;
Besluit:
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De Minister van Buitenlandse Zaken, M.J.M.VerhagenHet is verboden te handelen in strijd met de artikelen 2, 3, 4, 6 en 10, eerste lid, van Verordening (EG) nr. 329/2007 van de Raad van de Europese Unie van 27 maart 2007 betreffende beperkende maatregelen ten aanzien van de Democratische Volksrepubliek Korea (Pb EG L 88).
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, geldt niet in gevallen waarin de artikelen 5, 7, 8 of 9 van Verordening (EG) nr. 329/2007 van toepassing zijn.
De bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 5 jo de artikelen 2, eerste lid, onder a, 3, eerste lid, onder a, en 4, onder a, van Verordening (EG) nr. 329/2007 van de Raad van de Europese Unie van 27 maart 2007 betreffende beperkende maatregelen ten aanzien van de Democratische Volksrepubliek Korea (Pb EG L 88) is:
- –
Belastingdienst/Douane Noord.
De bevoegde autoriteit, bedoeld in artikelen 7, eerste en tweede lid, 8 en 9 van Verordening (EG) nr. 329/2007 is:
- –
Minister van Financiën.
Deze regeling wordt aangehaald als: Sanctieregeling Noord-Korea 2007.
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.