Op de voordracht van Onze Minister van Justitie van 29 mei 2007, nr. 5485761/07/6;
Gelet op artikel 41, tweede lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie;
De Raad van State gehoord (advies van 21 juni 2007, nr. W03.07.0146/II);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Justitie van 11 juli 2007, nr. 5494087/07/6;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
Tavarnelle21 juli 2007BeatrixDe Minister van Justitie,E. M. H.Hirsch Ballinde zestiende augustus 2007De Minister van Justitie,E. M. H.Hirsch BallinWijzigt het Besluit nevenvestigings- en nevenzittingsplaatsen.
De zaken die ingevolge de wet door de kantonrechter worden behandeld en die op de datum van inwerkingtreding van dit besluit aanhangig zijn bij een rechtbank in een nevenzittingsplaats die op die datum wordt opgeheven, kunnen gedurende een termijn van zes maanden, te rekenen vanaf die datum, nog in die nevenzittingsplaats worden behandeld.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.