Beleidsregel · BWBR0023207
Beleidsregel advisering toelating vreemdelingen als zelfstandig ondernemer in Nederland
Gelet op artikel 3.30, eerste lid, onderdeel a, van het Vreemdelingenbesluit 2000 en artikel B5/7.7 van de Vreemdelingencirculaire;
Besluit:
Den Haag21 november 2007De Minister van Economische Zaken, M.J.A. van der HoevenIn deze beleidsregel wordt verstaan onder:
- a.
Minister: de Minister van Economische Zaken;
- b.
IND: de Immigratie en Naturalisatie Dienst;
- c.
zelfstandig ondernemer: een natuurlijk persoon die zelfstandig een beroep of een bedrijf uitoefent;
- d.
advies: het advies van de Minister van Economische Zaken aan de IND in verband met de toelating van een vreemdeling tot het verblijf in Nederland als zelfstandig ondernemer;
- e.
puntensysteem: een systeem om te kunnen bepalen of de vreemdeling een wezenlijke bijdrage levert aan de Nederlandse economie door op basis van het ondernemingsplan en andere stukken punten toe te kennen voor de criteria:
- 1°.
persoonlijke ervaring;
- 2°.
onderbouwing van de economische activiteiten en
- 3°.
de toegevoegde waarde van de economische activiteiten voor de Nederlandse economie.
- 1°.
De Minister brengt aan de IND advies uit over de toelating van een vreemdeling tot het verblijf in Nederland als zelfstandig ondernemer op basis van de uitkomst van het puntensysteem dat is toegepast op het bij de adviesaanvraag van de IND overgelegde ondernemingsplan en andere stukken.
Voor een positief advies dient voor elk criterium, bedoeld in artikel 1, onderdeel e, een minimum aantal punten van 30 te worden gescoord.
Het maximum aantal punten dat kan worden gescoord bedraagt 300.
Met betrekking tot het criterium, bedoeld in artikel 1, onderdeel e, onder 1°, kunnen de punten worden gescoord overeenkomstig de tabel die is opgenomen in de bij deze beleidsregel behorende bijlage 1.
Het maximum aantal punten dat op grond van het eerste lid kan worden gescoord bedraagt 100.
Met betrekking tot het criterium, bedoeld in artikel 1, onderdeel e, onder 2°, kunnen de punten worden gescoord overeenkomstig de tabel die is opgenomen in de bij deze beleidsregel behorende bijlage 2.
Het maximum aantal punten dat op grond van het eerste lid kan worden gescoord bedraagt 100.
Met betrekking tot het criterium, bedoeld in artikel 1, onderdeel e, onder 3°, kunnen de punten worden gescoord overeenkomstig de tabel die is opgenomen in de bij deze beleidsregel behorende bijlage 3.
Het maximum aantal punten dat op grond van het eerste lid kan worden gescoord bedraagt 100.
Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel advisering toelating vreemdelingen als zelfstandig ondernemer in Nederland.
Criterium Persoonlijke ervaring | |||
Subonderdelen | Punten | Te overleggen stukken | |
Opleiding | – PhD (Doctor) | 30 | 1. diploma |
(max. 30 punten) | – Technische Studies (master of science) | ||
Master (bijv MBA) | 25 | ||
– Bachelor (Hoge-School etc.) | 20 | ||
– MBO | 10 | ||
Ondernemerschapservaring (max. 35 punten) | 0 tot 35 punten Positieve indicatoren: | Indien sprake is van een onderneming in moeder- | |
– oprichter/eigenaar onderneming | 35 | land: 2. akte van oprichting | |
– lid directie onderneming | 25 | 3. statuten onderneming | |
Werkervaring | Bachelor/academisch | 4. referentie voormalige | |
(max. 10 punten) | 0–2 jaar | 1 | werkgever(s) |
2–5 jaar | 3 | 5. Arbeidscontract(en) | |
> 5 jaar | 6 | ||
Seniorniveau | |||
0–2 jaar | 3 | ||
2–5 jaar | 6 | ||
> 5 jaar | 9 | ||
Specialistische functie | |||
0–2 jaar | 5 | ||
2–5 jaar | 7 | ||
> 5 jaar | 10 | ||
Inkomen (max. 10 punten) | Bruto inkomen over 12 maanden vooraf gaand aan aanvraag: | 6. aanslag belastingen 7. loonstroken 8. jaaropgaaf | |
vanaf € 12.000 | 5 | ||
vanaf € 25.000 | 7 | ||
vanaf € 45.000 | 10 | ||
Ervaring met Nederland (max. 15 punten) | 0 tot 15 punten Positieve indicatoren: | 10. referenties Nederlandse partners/contacten | |
– referenties potentiële klanten of opdrachtgevers | 11. omzetgevens NL-markt 12. getuigschriften Nederlandse opleiding (diploma, promotie) | ||
– referenties Nederlandse (handels) partners | |||
– in Nederland gevolgde opleiding of afgerond proefschrift |
Criterium Ondernemingsplan | |||
Subonderdelen | Punten | Te overleggen stukken | |
Marktpotentie (max. 30 punten) | Marktanalyse: – marktonderzoek – potentiële klanten – concurrenten – toetredingsbarrières | 10 | 13. volledig ondernemingsplan (14. eventueel aangevuld met onderliggend onderzoek/analyses) |
– samenwerking | |||
– risico’s | |||
Product/dienst: | 15 | ||
– kenmerken | |||
– toepassing | |||
– behoefte | |||
– unique selling points | |||
– marketing/promotie | |||
Prijs: | 5 | ||
Duidelijke prijsopbouw met alle kosten daarin verdisconteerd | |||
Organisatie | 0 tot 10 punten | Zie ondernemingsplan | |
(max. 10 punten) | Beoordeling of voorgestelde structuur, competenties, kennis en vaardigheden passend zijn voor product of dienst | ||
Financiering (max. 50 punten) | Solvabiliteit (verhouding eigen vermogen) | Zie ondernemingsplan | |
Totaal vermogen) | |||
20% – 35% | 5 | ||
35% – 50% | 10 | ||
50% – > | 15 | ||
Omzet | |||
tot € 75.000 | 5 | ||
tot € 125.000 | 10 | ||
tot € 500.000 | 15 | ||
hoger | 25 | ||
Liquiditeitsprognose (gunstige verwachting gedurende): | |||
het eerste jaar | 5 | ||
de eerste 2 jaren | 8 | ||
de eerste 3 jaren | 10 |
Criterium Toegevoegde waarde voor Nederland | |||
Subonderdelen | Punten | Te overleggen stukken | |
Innovativiteit | 0 tot 20 punten | Zie ondernemingsplan | |
(max. 20 punten) | 2 criteria: | (15. eventueel aangevuld met referenties van kennisinstellingen en of marktpartijen/bedrijven) | |
– is product/dienst nieuw voor Nederlandse markt? | 10 | ||
– is sprake van nieuwe technologie bij productie, distributie, marketing? | 10 | ||
– octrooi | 20 | ||
Arbeidscreatie | Aantal arbeidsplaatsen (excl. | Zie ondernemingsplan | |
(max. 40 punten) | Aanvrager): | (16. eventueel aangevuld met referenties, contacten met arbeidsmarktinstellingen) | |
0,5 – 2 fte | 10 | ||
2 – 5 fte | 20 | ||
5 – 10 fte | 30 | ||
> 10 fte | 40 | ||
Bij hoogwaardige arbeidsplaatsen | |||
(> € 45.000): | |||
1 – 3 fte | 20 | ||
3 – 6 fte | 30 | ||
> 6 fte | 40 | ||
Investeringen (max. 40 punten) | Materiële en immateriële vaste activa: | Zie ondernemingsplan (17. eventueel aangevuld met referenties, contacten met financiële instellingen) | |
€ 0 – 50.000 | 10 | ||
€ 50.000 – 100.000 | 20 | ||
€ 100.000 – 1 milj. | 30 | ||
€ 1 milj. en meer | 40 |