U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 01-12-2013.

Regeling · BWBR0023734

Besluit energieprestatie gebouwen

Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 24 november 2006 tot implementatie van de richtlijn betreffende de energieprestatie van gebouwen (Besluit energieprestatie gebouwen)Besluit energieprestatie gebouwenWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 10 juli 2006, nr. DJZ2006283878, Directie Juridische Zaken, Afdeling Wetgeving;

Gelet op artikel 120 van de Woningwet en op richtlijn 2002/91/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2002 betreffende de energieprestatie van gebouwen (PbEU L1);

De Raad van State gehoord (advies van 8 september 2006, nr. W08.06.0310/V);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 22 november 2006, nr. DJZ2006327879, Directie Juridische Zaken, Afdeling Wetgeving;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

’s-Gravenhage24 november 2006BeatrixDe Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, P.Winsemiusde vijfde december 2006De Minister van Justitie, E. M. H.Hirsch Ballin

Voor een gebouw dat meerdere voor afzonderlijk gebruik ontwikkelde gedeelten bevat:

De eigenaar van een gebouw met een totale gebruiksoppervlakte van meer dan 1.000 m2, waarin door een overheidsdienst of overheidsinstelling diensten aan het publiek worden verleend en dat met het oog daarop door een groot aantal personen wordt bezocht, heeft een energieprestatiecertificaat. De eigenaar brengt dit aan op een voor het publiek duidelijk zichtbare plaats in het gebouw. Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat de tweede zin van toepassing is op een of meer bij die regeling aan te wijzen onderdelen van het energieprestatiecertificaat.

Bij ministeriële regeling worden nadere voorschriften gegeven omtrent het in dit besluit bepaalde.

Voor een gebouw waarvoor tussen 1 juli 2002 en het tijdstip van inwerkingtreding van dit artikel een Energie Prestatie Advies is uitgebracht dat voldoet aan de Tijdelijke regeling energiepremies 2003 zoals deze laatstelijk luidde voor haar intrekking, kan aan de in artikel 2.1 gestelde verplichtingen worden voldaan door het verstrekken van dit advies, mits dit niet ouder is dan tien jaar.

De artikelen van dit besluit treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit energieprestatie gebouwen.