Ministeriële regeling · BWBR0023812
Regeling aanwijzing ambtenaren toezicht en opsporing Binnenschepenwet provincie Fryslân
In overeenstemming met de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
Gelet op de artikelen 28, tweede lid, en 48, eerste lid, van de Binnenschepenwet;
Gezien het verzoek van gedeputeerde staten van de provincie Fryslân van 13 maart 2008 (kenmerk 00753001);
Besluit:
Deze beschikking zal in de Staatscourant worden geplaatst.
De Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat, J.C.Huizinga-HeringaDe inspecteur en adjunct-inspecteur scheepvaart, de administratief-nautisch medewerkers en de scheepvaartmeesters, die als ambtenaren werkzaam zijn bij de sector provinciale waterstaat van de provincie Fryslân, worden aangewezen tot:
- a.
toezichthouder belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de hoofdstukken II en IV van de Binnenschepenwet;
- b.
ambtenaar belast met de opsporing van de bij of krachtens de hoofdstukken II en IV van de Binnenschepenwet strafbaar gestelde feiten.
Met betrekking tot hoofdstuk II van de Binnenschepenwet is het toezicht en de opsporing, bedoeld in het eerste lid, beperkt tot:
- a.
de aanwezigheid van het certificaat van onderzoek aan boord van een schip;
- b.
de geldigheid van het certificaat van onderzoek aan boord van een schip;
- c.
de zone of het vaargebied van een schip overeenkomstig het certificaat van onderzoek;
- d.
de inzinking van een schip in het water ten opzichte van de op dat schip aangebrachte inzinkingskenmerken;
- e.
bijzondere voorschriften voor het gebruik van een schip als vermeld in het certificaat van onderzoek.
Deze beschikking treedt in werking met ingang van 4 mei 2008 en vervalt na twee jaar.