U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 01-01-2016.
Wijzigingen Officiële bron
Wet van 10 april 2008, houdende regels inzake het gebruik van het burgerservicenummer in de zorg (Wet gebruik burgerservicenummer in de zorg) Wet gebruik burgerservicenummer in de zorg Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is in de zorgsector het burgerservicenummer te gebruiken teneinde te waarborgen dat verwerkte persoonsgegevens op de betrokken cliënt betrekking hebben;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te 's-Gravenhage10 april 2008BeatrixDe Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,A.Klinkde twintigste mei 2008De Minister van Justitie,E. M. H.Hirsch Ballin

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

Indien het betreft een zorgaanbieder waarbij natuurlijke personen of rechtspersonen gezamenlijk een organisatorisch verband vormen dat strekt tot de verlening van zorg, richten de uit deze wet voortvloeiende verplichtingen zich tot ieder van die personen.

Een zorgaanbieder gebruikt het burgerservicenummer van een cliënt met het doel te waarborgen dat de in het kader van de verlening van zorg te verwerken persoonsgegevens op die cliënt betrekking hebben.

De zorgaanbieder stelt de identiteit en het burgerservicenummer van een cliënt vast:

De zorgaanbieder neemt het burgerservicenummer van de cliënt in zijn administratie op bij het vastleggen van persoonsgegevens met betrekking tot de verlening van zorg.

De zorgaanbieder vermeldt bij het verstrekken van persoonsgegevens met betrekking tot de verlening van, indicatiestelling voor of verzekering van zorg aan een zorgaanbieder, een indicatieorgaan of een zorgverzekeraar steeds het burgerservicenummer van de cliënt.

Bij ministeriële regeling kan worden bepaald aan welke beveiligingseisen de gegevensverwerking, bedoeld in de artikelen 8 en 9, voldoet.

De zorgaanbieder verstrekt op verzoek aan de ambtenaren, bedoeld in artikel 86, eerste lid, van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg en de ambtenaren, bedoeld in artikel 24 van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg kosteloos alle inlichtingen en gegevens, waaronder persoonsgegevens als bedoeld in de Wet bescherming persoonsgegevens, die noodzakelijk zijn voor het toezicht op de naleving van de eerstgenoemde wetten voor wat betreft het gebruik van het burgerservicenummer.

De voordracht voor een krachtens deze wet vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan twee weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.

Wijzigt de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten.

Wijzigt de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg.

Wijzigt de Wet toelating zorginstellingen.

Wijzigt de Zorgverzekeringswet.

Wijzigt deze wet.

Wijzigt de Wet marktordening gezondheidszorg.

Wijzigt de Wet maatschappelijke ondersteuning.

Deze wet wordt aangehaald als: Wet gebruik burgerservicenummer in de zorg.

De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan alsmede voor verschillende vormen van zorg en categorieën van zorgaanbieders, indicatieorganen en zorgverzekeraars verschillend kan worden vastgesteld.