U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 01-01-2010.

Regeling · BWBR0024235

Algemeen douanebesluit

Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 5 juli 2008 houdende regels ter uitvoering van de Algemene douanewet (Algemeen douanebesluit)Algemeen douanebesluitWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van de staatssecretaris van Financiën van 8 februari 2008, nr. DV2007/103 M, gedaan mede namens Onze minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en de staatssecretaris van Economische Zaken;

Gelet op de artikelen 1:4, 1:19, 1:25, 1:28, 1:30, 3:1, 4:1, 9:5, 10:10 en 12:1 van de Algemene douanewet;

De Raad van State gehoord 10 april 2008, nr. W06.08.0054/III;

Gezien het nader rapport van de staatssecretaris van Financiën van 2 juli 2008, nr. DV 2008-332U, uitgebracht mede namens Onze minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en de staatssecretaris van Economische Zaken;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

’s-Gravenhage5 juli 2008BeatrixDe Staatssecretaris van Financiën,J. C. deJagerDe Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,G.VerburgDe Staatssecretaris van Economische Zaken,F.Heemskerkde tweeëntwintigste juli 2008De Minister van Justitie,E. M. H.Hirsch Ballin

Dit besluit geeft uitvoering aan de artikelen 1:4, 1:19, 1:25, 1:28, 1:30, 3:1, 4:1, 9:5, 10:10 en 12:1 van de Algemene douanewet.

De inspecteur neemt van het op 10 december 1982 te Montego Bay tot stand gekomen Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van de zee (Trb. 1983, 83) bij de douanecontrole in acht:

Onze minister van Financiën kan aan organisaties de bevoegdheid verlenen, hetzij rechtstreeks, hetzij door tussenkomst van soortgelijke organisaties, carnets TIR (TIR-Overeenkomst) af te geven of in dat kader borg te staan. Hij kan daarbij voorwaarden en eisen stellen waaraan deze organisaties moeten voldoen.

Kosten zijn verschuldigd:

Voor de toepassing van deze afdeling wordt verstaan onder:

Het aanwenden van een geweldsmiddel door de ambtenaar is slechts geoorloofd om een persoon aan de kleding te onderzoeken ten aanzien van wie redelijkerwijs mag worden aangenomen dat hij een wapen bij zich heeft. Het onderzoek aan de kleding moet noodzakelijk zijn om te voorkomen dat bedoelde persoon gebruik gaat maken van het wapen.

De ambtenaar mag in verband met zijn eigen veiligheid of die van anderen slechts een geweldsmiddel ter hand nemen indien redelijkerwijs mag worden aangenomen dat een situatie ontstaat waarin hij bevoegd is het geweldsmiddel aan te wenden. Zodra blijkt dat een dergelijke situatie zich niet voordoet, wordt het geweldsmiddel terstond opgeborgen.

Voor de toepassing van dit hoofdstuk en voor de daarop gebaseerde bepalingen wordt verstaan onder:

Onze minister is bevoegd:

De vergunninghouder aan wie een vergunning is verleend ingevolge de douanewetgeving, die zodanige wijziging wenst aan te brengen in de door hem gevoerde administratie dan wel de administratieve organisatie of de maatregelen van interne beheersing of controle, dat daardoor de wijze waarop de douanecontrole op het gebruik van de vergunning wordt uitgeoefend, wordt beïnvloed, onderwerpt de wijziging vooraf aan de goedkeuring van de inspecteur. De wijziging wordt niet aangebracht dan na de verkregen goedkeuring.

Indien de belanghebbende, bedoeld in artikel 799 van de Toepassingsverordening Communautair douanewetboek, niet de inspecteur vooraf van de uitoefening van de activiteiten, bedoeld in artikel 172, eerste lid, van het Communautair douanewetboek, in kennis heeft gesteld, vormt dit een verzuim ter zake waarvan door de inspecteur een bestuurlijke boete kan worden opgelegd van ten hoogste € 300.

Indien niet aan de bij artikel 4:1 opgelegde verplichting is voldaan, vormt dit een verzuim ter zake waarvan door de inspecteur een bestuurlijke boete kan worden opgelegd van ten hoogste € 300.

Overtreding van het verbod, bedoeld in artikel 3:2, eerste lid, vormt een verzuim ter zake waarvan door de inspecteur een bestuurlijke boete kan worden opgelegd van ten hoogste € 300.

De in de artikelen 6:1, 6:2 en 6:3 genoemde bedragen worden elke vijf jaar, met ingang van 1 januari 2015, overeenkomstig artikel 9:6a van de wet, bij ministeriële regeling gewijzigd.

De belanghebbende, bedoeld in artikel 799 van de Toepassingsverordening Communautair douanewetboek, die niet de inspecteur vooraf van de uitoefening van de activiteiten, bedoeld in artikel 172, eerste lid, van het Communautair douanewetboek, in kennis heeft gesteld, maakt zich schuldig aan het plegen van een strafbaar feit.

Degene die de bij artikel 4:1 opgelegde verplichting schendt, maakt zich schuldig aan het plegen van een strafbaar feit.

Degene die het verbod, bedoeld in artikel 3:2, eerste lid, overtreedt, maakt zich schuldig aan het plegen van een strafbaar feit.

Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop de Algemene douanewet in werking treedt.

Dit besluit wordt aangehaald als: Algemeen douanebesluit.