U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 01-04-2009.

Wet · BWBR0025572

Postwet 2009

Wijzigingen Officiële bron
Wet van 25 maart 2009, houdende regels inzake de volledige liberalisering van de postmarkt en de garantie van de universele postdienstverlening (Postwet 2009)Postwet 2009Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het, rekening houdend met richtlijn 97/67/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 15 december 1997 betreffende gemeenschappelijke regels voor de ontwikkeling van de interne markt voor postdiensten in de Gemeenschap en de verbetering van de kwaliteit van de dienst (PbEG 1998 L 15), wenselijk is de bepalingen met betrekking tot het postvervoer aan te passen aan een volledig geliberaliseerde markt voor postdiensten;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te ’s-Gravenhage25 maart 2009BeatrixDe Staatssecretaris van Economische Zaken,F.Heemskerkde dertigste maart 2009De Minister van Justitie,E. M. H.Hirsch Ballin

Een postvervoerbedrijf zorgt ervoor dat bij de uitvoering van postvervoerdiensten het grondwettelijk briefgeheim niet wordt geschonden.

Gesloten poststukken die in het kader van postvervoerdiensten als onbestelbaar zijn aan te merken en niet aan de afzender kunnen worden teruggegeven, kunnen slechts worden geopend op last van de kantonrechter te ’s-Gravenhage, zulks uitsluitend ter opsporing van de voor teruggave of aflevering nodige gegevens omtrent de afzender of de geadresseerde.

Beslag op poststukken welke in het kader van postvervoerdiensten aan een postvervoerbedrijf zijn toevertrouwd, is slechts toegelaten in de gevallen dat de wet een zodanig beslag uitdrukkelijk regelt.

Bij algemene maatregel van bestuur kunnen voorschriften worden gesteld over in acht te nemen arbeidsvoorwaarden indien:

Een ieder die een systeem met adresgegevens, betreffende de verhuisgegevens van een geadresseerde of de gegevens over het tijdelijk stopzetten van de postbezorging op verzoek van de geadresseerde, exploiteert of beheert is verplicht binnen redelijke termijn en tegen redelijke, objectief gerechtvaardigde, transparante en non-discriminatoire voorwaarden en tarieven de voor doelmatige postbezorging benodigde gegevens uit dit systeem aan postvervoerbedrijven te verstrekken.

Een ieder die postbussen exploiteert, is verplicht aan postvervoerbedrijven toegang te verlenen tot zijn postbussen tegen redelijke, objectief gerechtvaardigde, transparante en non-discriminatoire voorwaarden en tarieven.

Dit hoofdstuk is van toepassing op de verlener van de universele postdienst voor zover deze postvervoerdiensten verricht die tot de universele postdienst behoren.

Een verlener van de universele postdienst kan gedeelten van de universele postdienst door anderen onder zijn verantwoordelijkheid doen uitvoeren.

In afwijking van de artikelen 24 en 25 worden de kosten van het vervoer van poststukken die in hoofdzaak tekst bevatten in voor blinden bestemde tekens en die elk afzonderlijk ten hoogste zeven kilogram wegen door de verlener van de universele postdienst gedragen.

De gemeenteraad kan voor de plaatsing van brievenbussen aan de openbare weg regels stellen, tenzij door het stellen van regels:

De afbeelding van de Koning op een postzegel of postzegelafdruk behoeft Diens goedkeuring.

Een postvervoerbedrijf deelt aan het college in ieder geval de naam, het adres, de vestigingsplaats en een beschrijving van de aangeboden postvervoerdiensten mee.

Het college is verantwoordelijke in de zin van artikel 1, onderdeel d, van de Wet bescherming persoonsgegevens voor de gegevensverzameling, bedoeld in artikel 42, tweede lid, en voor het register, bedoeld in artikel 44, eerste lid.

Een postvervoerbedrijf volgt het door het college op grond van artikel 60 genomen besluit op. Het college kan daarbij een termijn stellen.

Het college doet mededeling in de Staatscourant van een besluit als bedoeld in artikel 60.

In bijzondere omstandigheden in verband met de handhaving van de internationale rechtsorde of met de internationale betrekkingen is Onze Minister bevoegd om in overeenstemming met Onze Minister van Buitenlandse Zaken aan een verlener van de universele postdienst en zo nodig aan een ander postvervoerbedrijf aanwijzingen te geven met betrekking tot het postvervoer van of naar gebieden buiten Nederland.

In geval voor Nederland of een gedeelte daarvan, op grond van de artikelen 7, eerste lid, of 8, eerste lid, van de Coördinatiewet uitzonderingstoestanden, bepalingen uit de Oorlogswet voor Nederland in werking zijn gesteld, oefent Onze Minister de in artikel 70, eerste lid, bedoelde bevoegdheid uit in overeenstemming met Onze Minister van Defensie.

Treedt op een later tijdstip in werking.

Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden

Onze Minister geeft aan een verlener van de universele postdienst voorschriften ten aanzien van de door deze te nemen organisatorische en personele maatregelen met betrekking tot de voorbereiding van de uitvoering van de universele postdienst in buitengewone omstandigheden als bedoeld in artikel 68 en de door deze daarover aan Onze Minister te verstrekken informatie. Onze Minister bepaalt in die voorschriften welke kosten van de uitvoering redelijkerwijs ten laste van een verlener van de universele postdienst komen.

In afwijking van artikel 8:7 van de Algemene wet bestuursrecht is voor beroep tegen besluiten op grond van deze wet de rechtbank te Rotterdam bevoegd.

Wijzigt het Burgerlijk Wetboek Boek 8.

Wijzigt de Faillissementswet.

Wijzigt de Wet bestuursrechtspraak bedrijfsorganisatie.

Wijzigt het Wetboek van Strafrecht.

Wijzigt het Wetboek van Strafvordering.

Wijzigt de Coördinatiewet uitzonderingstoestanden.

Wijzigt de Postbankwet.

Wijzigt de Wet op de omzetbelasting 1968.

Wijzigt de Luchtvaartwet.

Wijzigt de Wet Onafhankelijke post- en telecommunicatieautoriteit.

In afwijking van artikel 15, eerste lid, wordt met ingang van het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 15, eerste lid, een bij besluit van Onze Minister te bepalen rechtspersoon aangewezen als verlener van de universele postdienst.

Onze Minister zendt binnen vier jaar na de inwerkingtreding van deze wet en vervolgens telkens na vier jaar aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk.

De Postwet wordt ingetrokken.

Wijzigt deze wet.

Deze wet wordt aangehaald als: Postwet met vermelding van het jaartal van het Staatsblad waarin zij zal worden geplaatst.