U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 01-07-2009.

Ministeriële regeling · BWBR0026045

Patentreglement Rijn

Wijzigingen Officiële bron
Patentreglement RijnPatentreglement Rijn

In dit reglement wordt verstaan onder:

Dit reglement regelt de verplichting tot het hebben van een patent voor de scheepvaart op de Rijn voor het betreffende scheepstype en -afmetingen en voor de te bevaren riviergedeelten alsmede de voorwaarden betreffende het verkrijgen van een patent.

Ingevolge dit reglement zijn te onderscheiden

De Centrale Commissie voor de Rijnvaart kan voor de toepassing van dit reglement richtlijnen vaststellen. De bevoegde autoriteiten dienen zich aan deze richtlijnen te houden.

De Centrale Commissie voor de Rijnvaart kan voorschriften van tijdelijke aard vaststellen, wanneer het voor een aanpassing aan de technische ontwikkeling van de binnenscheepvaart noodzakelijk wordt geacht om in dringende gevallen afwijkingen van dit reglement toe te laten dan wel proefnemingen mogelijk te maken, waardoor de veiligheid en de vlotte afwikkeling van het scheepvaartverkeer niet worden benadeeld. Deze voorschriften van tijdelijke aard worden door de bevoegde autoriteit gepubliceerd en hebben een geldigheidsduur van ten hoogste drie jaren.

Zij worden in alle Oeverstaten en België op hetzelfde tijdstip in werking gesteld en worden onder dezelfde voorwaarden buiten werking gesteld.

Ongeacht het soort patent is specifieke kennis van riviergedeelten daarenboven verplicht tussen de sluizen te Iffezheim (km 335,92) en het Spijksche Veer (km 857,40).

De bevoegde autoriteit geeft aan degene die het examen voor de riviergedeelten ingevolge artikel 2.06, tweede lid, met goed gevolg heeft afgelegd een bewijs voor riviergedeelten af volgens het model van de bijlage A3.

Het examen, de afgifte, de uitbreiding en het verstrekken van het Rijnpatent of een bewijs voor riviergedeelten, evenals het vervangen en het omruilen worden gedaan tegen een redelijke vergoeding van de kosten door de aanvrager. De hoogte van de kosten wordt door de bevoegde autoriteit vastgesteld. Deze kan de kosten geheel of ten dele vanaf het tijdstip van aanvraag vorderen.

Het door de CCR als gelijkwaardig erkend vaarbevoegdheidsbewijs verliest, ook zonder beschikking, of zonder dat daarvoor een bijzondere beslissing nodig is, de geldigheid op de Rijn, wanneer het bewijs van lichamelijke en geestelijke geschiktheid conform bijlage B3 niet wordt getoond, of binnen drie maanden na de in artikel 2.19, eerste lid, bedoelde verlengingstermijn niet wordt voorgelegd of vernieuwd.

Degene die een radarpatent wil verkrijgen moet:

Het radarpatent kan door de bevoegde autoriteit worden ingetrokken, wanneer de houder bij het voeren van een schip met behulp van radar een voor de scheepvaart gevaar veroorzakende onbekwaamheid aan de dag heeft gelegd. Het radarpatent kan tijdelijk dan wel permanent worden ingetrokken.

Het examen, de afgifte, het vervangen en het omruilen van het radarpatent worden gedaan tegen een redelijke vergoeding van de kosten door de aanvrager. De hoogte van de kosten wordt door de bevoegde autoriteit vastgesteld. Deze kan de kosten geheel of ten dele vanaf het tijdstip van aanvraag vorderen.

De vaartijd en de reizen op bepaalde riviergedeelten, die vóór de inwerkingtreding van dit reglement zijn gemaakt, worden volgens de normen van de voorafgaande voorschriften berekend.

Rijnpatent

(85 mm × 54 mm – Grondkleur blauw)

Voorlopig Rijnpatent

Autoriteit die het patent afgeeft

* doorhalen wat niet van toepassing is

(voorzijde)

(Achterzijde)

(Voorzijde)

(Achterzijde)

Minimumeisen ten aanzien van de lichamelijke geschiktheid van gegadigden voor het Rijnpatent

Het gehoor is als voldoende te beschouwen, indien het gemiddeld gehoorverlies van beide oren bij de frequenties 500, 1000, 2000 en 3000 Hz de waarde van 40 dB(A) niet overschrijdt. Indien de waarde van 40 dB wordt overschreden, is het gehoorvermogen toch als voldoende aan te merken, als de conversatiespraak met een hoortoestel op 2 m met elk oor afzonderlijk duidelijk wordt verstaan.

Indien de navolgende ziekten of lichamelijke gebreken voorkomen kan dit aanleiding geven tot twijfel aan de lichamelijke geschiktheid van de gegadigde als schipper:

Medische verklaring van het onderzoek naar de geschiktheid in de Rijnscheepvaart

* Rijnpatent of Aanduiding van het type vaarbewijs conform Bijlage C1 en van het land van afgifte b.v. ‘NL’

** Doorhalen wat niet van toepassing is.

*** Uitsluitend in geval als voorzien in artikel 2.20, tweede lid en in artikel 2.21, tweede lid van Patentreglement Rijn.

Als gelijkwaardig erkend Vaarbevoegdheidsbewijs

Duits model:

Schipperspatent voor de binnenvaart A en B

(85 mm × 54 mm – basiskleur blauw; overeenkomstig ISO-Norm 78.10)

(voorzijde)

(achterzijde)

Nederlands model:

Groot vaarbewijs A en B

(85 mm × 54 mm – achtergrond blauw)

Groot vaarbewijs I en II:

Groot vaarbewijs I*

(Voorzijde)

(achterzijde)

Groot vaarbewijs II*

*) Dit document kan ook door de ‘Minister van Verkeer en Waterstaat, namens deze, De Directeur-Generaal Luchtvaart en Maritieme Zaken’ worden afgegeven.

Belgisch model:

Het materiaal van de kaart moet voldoen aan ISO-norm 78.10

Carte conforme à la norme ISO 78.10

Vaarbevoegdheidsbewijs klasse A

Voorzijde

Afgevende autoriteit : AUTORITÉ NAVALE ROUMAINE

Achterzijde

Vaarbevoegdheidsbewijs klasse B

Voorzijde

Afgevende autoriteit: AUTORITÉ NAVALE ROUMAINE

Achterzijde

Als gelijkwaardig erkend radargetuigschrift

MODEL VAN HET ROEMEENSE BEVOEGDHEIDSBEWIJS VOOR HET VAREN OP RADAR

(Voorzijde)

(Achterzijde)

Examenprogramma

ter verkrijging van een Rijnpatent

Opmerking vooraf:

Soorten patent (kolom 4 tot en met 7)

A – Groot patent

B – Klein patent

C – Sportpatent

D – Overheidspatent

Vereiste kennis (kolom 3)

1 – Gedetailleerde kennis

2 – Basiskennis