Ministeriële regeling · BWBR0026779

Regeling dubbeltelling betere biobrandstoffen

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 27 november 2009, nr. K&L2009063964, houdende uitvoering van de zwaardere weging van betere biobrandstoffen (Regeling dubbeltelling betere biobrandstoffen)Regeling dubbeltelling betere biobrandstoffenDe Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

Gelet op artikel 21, tweede lid, van richtlijn 2009/28/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 23 april 2009 ter bevordering van het gebruik van energie uit hernieuwbare bronnen en houdende wijziging en intrekking van Richtlijn 2001/77/EG en Richtlijn 2003/30/EG (PbEU 140), artikel 9.2.2.1, derde lid, van de Wet milieubeheer en artikel 2, eerste lid, van het Besluit biobrandstoffen wegverkeer 2007;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag27 november 2009De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, J.M. Cramer

In deze regeling wordt verstaan onder:

Wijzigt de Regeling administratie biobrandstoffen wegverkeer.

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling dubbeltelling betere biobrandstoffen.

¹ Zie deel C punt 16

Deze uitkomsten zijn berekend zonder rekening te houden met verandering van landgebruik.

Vul in de onderstaande tabel de waarden in van de grondstof die is gebruikt voor productie van biobrandstof. Indien de grondstoffensamenstelling kan fluctueren:

¹ de vrije suikers die geen onderdeel uitmaken van het zetmeel, de cellulose en de hemicellulose

Beschrijf op welke wijze(n) de grondstof kan worden toegepast, buiten het gebruik als grondstof voor biobrandstofproductie.

Het gaat hierbij om de grondstofsoort in zijn algemeenheid, rekening houdende met de samenstelling en met eventuele wettelijke beperkingen die aan een toepassing van deze grondstofsoort zijn opgelegd, en niet om een batch/partij grondstof waar deze aanvraag betrekking op heeft.

Geef de waarde voor de reductie van broeikasgasemissie van de biobrandstof ten opzichte van de fossiele biobrandstof die hij vervangt.Geef als de grondstofsamenstelling of de (efficiëntie van) de productiewijze in de tijd varieert, ook minimum- en maximumwaarden en leg uit waarvan deze variatie het gevolg is.

Ik verklaar dit formulier volledig en naar waarheid te hebben ingevuld.

Naam vergunninghouder:

Vergunningnummer:

Adres:

Postcode en plaats:

Postbus:

Postcode en plaats:

Contactpersoon vergunninghouder:

Naam:

voor zover afwijkend van bovenstaand:

Adres:

Postcode woonplaats:

Postbus:

Postcode en plaats:

Telefoonnummer:

E-mailadres:

Plaats:

Datum:

Ondertekening door vergunninghouder:

Inspectie-instelling:

Adres:

Postcode en plaats:

Contactpersoon:

Het formulier dient te worden ingevuld voor iedere partij van een type biobrandstof (bijvoorbeeld ‘bio-ethanol uit stro’ of ‘bio-ethanol uit gewasresten van koolzaad’) waarop de wegingsfactor van artikel 2 wordt toegepast. Een grondstof kan zijn een geteeld product, een gewasrest die vrijkomt bij teelt van andere producten, of een residu of afvalstroom uit een verwerkend proces. Indien de grondstofsamenstelling varieert in de tijd, dienen naast gemiddelde waarden ook minimum- en maximumwaarden gegeven te worden.

Voor wat betreft types biobrandstoffen die zijn opgenomen in bijlage III kan volgens de regeling volstaan worden met beperktere informatie (tot en met aanhef vraag A.3),

De getallen kunnen worden afgerond op hele getallen, met uitzondering van de onderste verbrandingswaarde in MJ per liter, bedoeld in hoofdstuk A, onder 2, daar dient het getal met een decimaal achter de komma te worden ingevuld.

Indien er alternatieve toepassingen zijn anders dan opwekking van elektriciteit of warmte, compostering of benutting van het lignocellulose deel van de biomassa als diervoer, moet, om de wegingsfactor te kunnen toepassen, met een marktanalyse onderbouwd worden dat met die alternatieve aanwendingen geen of slechts een deel van de totaal beschikbare hoeveelheid grondstof kan worden verwerkt. Hiermee kan dan het overige deel van de grondstof alsnog beschikbaar zijn voor energieopwekking (incl. vergisting) of compostering of moet worden gezien als afvalstroom.

De waarde dient bepaald te worden conform bijlage I bij de regeling.

Wijzigt de Regeling administratie biobrandstoffen wegverkeer.