U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 15-02-2014.

Algemene maatregel van bestuur · BWBR0028542

Wet medisch tuchtrecht BES

Wijzigingen Officiële bron
Wet medisch tuchtrecht BESWet medisch tuchtrecht BES

In de artikelen van deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

De geneeskundige of tandheelkundige, die zich schuldig maakt aan gedragingen, welke het vertrouwen dat men in een geneeskundige of een tandheelkundige moet kunnen hebben ondermijnen, of aan nalatigheid, waardoor schade ontstaat voor een persoon, te wiens behoeve hem geneeskundige of tandheelkundige raad of bijstand gevraagd wordt of aan wie hij die raad of bijstand verleent, of die in de uitoefening van de geneeskunst of tandheelkunst blijk geeft van niet toelaatbare onkunde, kan, onverminderd zijn aansprakelijkheid ingevolge andere wettelijke voorschriften, worden onderworpen aan een van de maatregelen vermeld in artikel 7.

De verloskundige, die zich schuldig maakt aan gedragingen, welke het vertrouwen dat men in een verloskundige moet kunnen hebben, ondermijnen, of aan nalatigheid, waardoor schade ontstaat voor een zwangere vrouw of kraamvrouw, te wier behoeve haar verloskundige raad of bijstand gevraagd wordt of aan wie zij die raad of bijstand verleent, of voor een met haar bijstand geboren kind, of die in de uitoefening van de verloskunst, voorzover zij daartoe bevoegd is, blijk geeft van niet toelaatbare onkunde, kan, onverminderd haar aansprakelijkheid ingevolge andere wettelijke voorschriften, worden onderworpen aan een van de maatregelen, vermeld in artikel 7.

De apotheker, die zich schuldig maakt aan gedragingen, welke het vertrouwen dat men in een apotheker moet kunnen hebben, ondermijnen, of aan nalatigheid, waardoor schade ontstaat voor een persoon, te wiens behoeve hem wordt gevraagd geneesmiddelen te bereiden of tot geneeskundig doel af te leveren of voor wie hij geneesmiddelen bereidt of tot geneeskundig doel aflevert, of die in de uitoefening van de artsenijbereidkunde blijk geeft van niet toelaatbare onkunde, kan, onverminderd zijn aansprakelijkheid ingevolge andere wettelijke voorschriften, worden onderworpen aan een van de maatregelen, vermeld in artikel 7.

Ten aanzien van een geneeskundige, een tandheelkundige, een verloskundige of een apotheker, die door ziels- of lichaamsziekte of door ouderdoms- of lichaamsgebreken ongeschikt moet worden geacht voor de uitoefening van de praktijk, kunnen de maatregelen, vermeld onder d en e van het eerste lid van artikel 7, worden toegepast.

Indien Onze Minister van oordeel is dat een reden van ontslag als bedoeld in artikel 10a, eerste lid, onderdeel b, of tweede lid, aanwezig is, is hij bevoegd het betrokken lid in afwachting van het ontslag te schorsen en in de waarneming van diens functie tijdelijk te voorzien.

Aan het College worden een secretaris zomede een plaatsvervangende secretaris toegevoegd. Deze worden door Onze Minister benoemd, geschorst en ontslagen.

Indien tegen een geneeskundige, een tandheelkundige, een verloskundige of een apotheker een klacht is ingediend ingevolge artikel 12 van deze wet en bij de behandeling van deze klacht blijkt, dat in de strafzaak ten aanzien van het feit waarop de klacht betrekking heeft, door de Rechter is gedaan óf blijkt, dat de betrokkene ten aanzien van dat feit een civiele procedure heeft gevoerd, kan op eenvoudig verzoek v.d. voorzitter van het College door de president van het Gemeenschappelijk Hof worden bepaald, dat het betreffende dossier geheel of ten dele door de griffier van dat Hof voor ten hoogste 14 dagen ter inzage van het college wordt gegeven.

Indien de betreffende zaak nog in behandeling is kan zodanige inzage ook worden verleend, doch kan hierbij worden bepaald, dat zulks slechts ter Griffie van het Gemeenschappelijk Hof op een door de President eerder vermeld vast te stellen tijdstip plaats vinden.

Bij een met redenen omklede beschikking kan inzage als bedoeld in lid 1 en 2 van dit artikel door de President van het Gemeenschappelijk Hof worden geweigerd.

Het bepaalde in artikel 201 van het Wetboek van Strafrecht BES vindt overeenkomstige toepassing ten aanzien van de geneeskundige, tandheelkundige, verloskundige of apotheker, die

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur wordt verder geregeld de wijze van behandeling van klachten, zo in eerste aanleg als in hoger beroep, zomede alles wat voor de uitvoering van deze wet verder voorziening vordert.

Op klachten die aanhangig zijn gemaakt voor de datum van inwerkingtreding van deze wet zijn de bepalingen van de Landsverordening van de 4de maart 1957, houdende regeling van de tuchtrechtspraak over personen die geneeskunst uitoefenen, zomede over apothekers (P.B. 1957, no. 30), zoals deze luidden op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet van toepassing.

Deze wet wordt aangehaald als: Wet medisch tuchtrecht BES.