Regeling · BWBR0028603

Rijksbesluit rechtspositie Gouverneurs

Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 27 september 2010, houdende regeling van de materiële rechtspositie van de Gouverneur van Curaçao en de Gouverneur van Sint Maarten (Rijksbesluit rechtspositie Gouverneur van Curaçao en Gouverneur van Sint Maarten)Rijksbesluit rechtspositie GouverneursWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 16 juli 2010, nr. 2010-0000484646;

Gelet op artikel 1, vierde lid, van het Reglement voor de Gouverneur van Curaçao en artikel 1, vierde lid, van het Reglement voor de Gouverneur van Sint Maarten;

De Raad van State van het Koninkrijk gehoord (advies 12 augustus 2010, nr. W04.10.0367/I/K);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Binnenlandse en Koninkrijksrelaties van 22 september 2010, nr. 2010-0000578407;

De bepalingen van het Statuut voor het Koninkrijk in acht genomen zijnde;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad, in het Publicatieblad van de Nederlandse Antillen en in het Afkondigingsblad van Aruba zal worden geplaatst.

’s-Gravenhage27 september 2010BeatrixDe Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,A. Th. B.Bijleveld-Schoutende eerste oktober 2010De Minister van Justitie,E. M. H.Hirsch Ballin

In dit besluit wordt verstaan onder:

De Gouverneur is niet tevens waarnemend Gouverneur van een ander land binnen het Koninkrijk.

Uit hoofde van de ambtsaanvaarding wordt aan de Gouverneur een verhuiskostenvergoeding toegekend, bestaande uit:

Voor de vervulling van het ambt heeft de Gouverneur de beschikking over een gouverneurshuis en de daarin van rijkswege aangebrachte inboedel.

In het geval van buitenlandse dienstreizen worden de noodzakelijke faciliteiten ter beschikking gesteld ten behoeve van vervoer en verblijf voor de Gouverneur.

De Gouverneur heeft aanspraak op:

Uit hoofde van de ambtsbeëindiging worden aan de eervol ontslagen Gouverneur toegekend:

De waarnemend Gouverneur heeft gedurende de uitoefening van het ambt aanspraak op:

Onverminderd artikel 2, vierde lid, kunnen de bedragen, genoemd in de artikelen 2, eerste en tweede lid, en 5, bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister, worden gewijzigd.

Indien de eerste Gouverneur na de inwerkingtreding van dit besluit de laatste Gouverneur van de Nederlandse Antillen was, blijft het Positiebesluit Gouverneur van de Nederlandse Antillen op hem van toepassing.

Dit besluit wordt aangehaald als: Rijksbesluit rechtspositie Gouverneurs.