U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 01-04-2022.

Ministeriële regeling · BWBR0029232

Regeling naturalisatietoets Sint Maarten 2011

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 15 december 2010, nr. 5678825/10, tot vaststelling van de Regeling naturalisatietoets Sint Maarten 2011Regeling naturalisatietoets Sint Maarten 2011De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

Gelet op artikel 23 van de Rijkswet op het Nederlanderschap en artikel 6 van het Besluit naturalisatietoets;

Besluit:

Deze regeling wordt met de toelichting in de Staatscourant en het Afkondigingsblad van Sint Maarten geplaatst.

Den Haag15 december 2010De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, J.P.H.Donner

In deze regeling wordt verstaan onder:

Bevoegd tot het afnemen van de naturalisatietoets is de Dienst Examens Sint Maarten.

Behoudens in het voorkomende geval van computergestuurde beoordeling worden de resultaten van overige onderdelen standaard door twee correctoren beoordeeld. Er vindt geen nadere inhoudelijke beoordeling plaats.

Van het afleggen van het onderdeel dat de mate van kennis van de Nederlandse taal toetst, is vrijgesteld de verzoeker die beschikt over één van de volgende Certificaten van het Certificaat Nederlands als Vreemde Taal:

Vervallen

Een jaarverslag van de Dienst Examens Sint Maarten met betrekking tot de naturalisatietoets wordt gezonden aan de Gouverneur alsmede aan de in artikel 1, eerste lid, aanhef en onder a van de Rijkswet op het Nederlanderschap bedoelde Minister.

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2011.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling naturalisatietoets Sint Maarten 2011

Vragen van het examen ‘Kennis van de staatsinrichting en samenleving’ worden uitsluitend gesteld over de thema’s:

De volgende eindtermen gelden:

De kandidaat is in staat stappen te zetten om werk te zoeken, te behouden en in eigen onderhoud te voorzien.

De kandidaat is in staat om te gaan met algemeen geldende omgangsvormen, waarden en normen.

De kandidaat is in staat passende huisvesting te vinden en nutsvoorzieningen te regelen. Hij draagt zorg voor de veiligheid in de woning en voor milieu en schone leefomgeving.

De kandidaat is in staat om gebruik te maken van de aanwezige gezondheidszorg.

De kandidaat is in staat om, door kennis van geschiedenis en geografie, betrokken te zijn bij het Koninkrijk der Nederlanden en de samenlevingen op de Carïbische eilanden die deel uitmaken van het Koninkrijk.

De kandidaat is op de hoogte van de dienstverlening van de lokale overheid, de belastingdienst, politie en instanties voor sociale en juridische dienstverlening.

De kandidaat is in staat om, door kennis van de staatkundige inrichting van het Koninkrijk der Nederlanden en de daarvan deeluitmakende Caribische landen, betrokken te zijn bij de samenleving waarin hij woont.

De kandidaat kent het onderwijsstelsel, onderkent het belang van onderwijs in de samenleving en acht schoolgang van minderjarigen van groot belang.