Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 31 januari 2011 tot wijziging van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren en enige andere besluiten in verband met onder meer de formalisering van de Arbeidsvoorwaardenovereenkomst Rechterlijke Macht 1/1/2005–31/7/2007 en de Arbeidsvoorwaardenovereenkomst sector Rechterlijke macht 1/8/2007 tot 31/12/2010Wijzigingsbesluit Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren, enz. (formalisering Arbeidsvoorwaardenovereenkomst Rechterlijke Macht 1/1/2005–31/7/2007 en Arbeidsvoorwaardenovereenkomst sector Rechterlijke macht 1/8/2007 tot 31/12/2010)Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Veiligheid en Justitie van 26 november 2010, directie Wetgeving, nr. 5676519/10/6,

Gelet op de artikelen 86, achtste lid, 145, tweede lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie en de artikelen 5d, 7, derde lid, 9, tweede lid, 19a, 19b en 54 van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren;

De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 20 december 2010, nr. W03.10.0545/II);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Veiligheid en Justitie van 26 januari 2011, nr. 5683380/11/6;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

’s-Gravenhage31 januari 2011BeatrixDe Minister van Veiligheid en Justitie,I. W.Opstelten de tiende februari 2011De Minister van Veiligheid en Justitie,I. W.Opstelten

Wijzigt het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren.

Wijzigt het Besluit bovenwettelijke uitkeringen bij werkloosheid van rechterlijke ambtenaren.

Wijzigt het Besluit rechtspositie leden gerechtsbesturen en Raad voor de rechtspraak.

Wijzigt het Uitvoeringsbesluit pacht.

De rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding aan wie een tegemoetkoming overeenkomstig de Regeling ziektekostenvoorziening rijkspersoneel is verleend met betrekking tot een tijdvak dat loopt tot en met december 2005, heeft recht op een uitkering. Deze uitkering bedraagt 150% van de tegemoetkoming, bedoeld in de eerste volzin, die is verleend over het tot en met december 2005 lopende tijdvak, vermenigvuldigd met de breuk waarbij de teller staat voor het aantal maanden waarover die tegemoetkoming is verleend, en de noemer 12 bedraagt, met dien verstande dat de uitkering het bedrag van € 2500,– niet te boven gaat.

In afwijking van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren zoals dat luidde op 30 juni 2010 wordt voor de toepassing van dat besluit met ingang van 29 december 2005:

De artikelen 1, eerste lid, onderdeel k, en 12 van het Besluit bovenwettelijke uitkeringen bij werkloosheid van rechterlijke ambtenaren, zoals deze luidden op de dag voor 1 januari 2007, blijven van toepassing ten aanzien van de betrokkene die ter zake van eenzelfde ontslag recht heeft op een bovenwettelijke uitkering als bedoeld in het Besluit bovenwettelijke uitkeringen bij werkloosheid van rechterlijke ambtenaren en recht heeft op suppletie overeenkomstig de suppletieregeling, bedoeld in artikel 33 van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren, zoals dat luidde op 31 december 2006.

De eindejaarsuitkering, bedoeld in artikel 6e, eerste lid, onderdeel a, van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren, die van december 2006 tot en met juli 2007 is opgebouwd, wordt uitbetaald in november 2007.

In afwijking van artikel 38, eerste lid, van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren, zoals dat luidde op 30 juni 2010, worden in plaats van de bedragen, genoemd in de onderdelen a, b en c van dat lid, ter vergoeding van een zitting in een in de kolom vermeld kalenderjaar, de hierna in de tabel opgenomen bedragen gelezen:

In afwijking van artikel 38a van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren, zoals dat luidde op 30 juni 2010, wordt de korting, bedoeld in het vierde lid van dat artikel, vanaf 1 augustus 2007 teruggebracht tot 70% van 5% onderscheidenlijk 10% van het salaris, indien na 52 weken ongeschiktheid tot het verrichten van arbeid wegens ziekte de doorbetaling van het salaris van de rechterlijk ambtenaar op grond van artikel 17, tweede lid, van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren wordt teruggebracht tot 70%.

In afwijking van artikel 38d van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren, zoals dat luidde op 30 juni 2010, wordt de korting, bedoeld in het zesde lid van dat artikel, vanaf 1 augustus 2007 teruggebracht tot 70% van 5% onderscheidenlijk 10% van het salaris voor zover op grond van artikel 17, tweede lid, 70% van de bezoldiging wordt doorbetaald.

In afwijking van artikel 38da van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren, zoals dat luidde op 30 juni 2010, wordt de korting, bedoeld in het eerste en tweede lid van dat artikel, vanaf 1 augustus 2007 teruggebracht tot 70% van 5% onderscheidenlijk 10% van het salaris voor zover op grond van artikel 17, tweede lid, 70% van de bezoldiging wordt doorbetaald.