Regeling · BWBR0029694
Uitvoeringsbesluit sociale kanstrajecten jongeren BES
Op de voordracht van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 21 september 2010, nr. WJZ/236477 (4870), directie Wetgeving en Juridische Zaken, gedaan mede namens de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
Gelet op de artikel 11, vijfde lid, en artikel 17, tweede lid van de Wet sociale kanstrajecten jongeren BES;
De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 21 oktober 2010, no. W05.10.0459/I);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 31 januari 2011, nr. WJZ 256170 (4870), directie Wetgeving en Juridische Zaken, uitgebracht mede namens Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
’s-Gravenhage3 februari 2011BeatrixDe Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,J. M. vanBijsterveldt-VliegenthartDe Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,J. P. H.DonnerUitgegeven de zevende maart 2011De Minister van Veiligheid en Justitie,I. W.OpsteltenIn dit besluit wordt verstaan onder:
bijzondere uitkering: de bijzondere uitkering, bedoeld in artikel 17 van de Wet sociale kanstrajecten jongeren BES;
Onze Minister stelt jaarlijks voor de openbare lichamen tezamen een bedrag vast ten behoeve van de bijzondere uitkeringen.
De vaststelling van de bijzondere uitkering voor een openbaar lichaam geschiedt door de verdeling van het ingevolge het eerste lid vastgestelde bedrag over de drie openbare lichamen.
Bij ministeriële regeling worden verdeelmaatstaven vastgesteld.
Onze Minister stelt de hoogte van de kanstrajecttoelage bij ministeriële regeling vast.
Een deelnemer vraagt een kanstrajecttoelage schriftelijk aan bij het projectbureau van het desbetreffende openbare lichaam.
De aanvraag wordt ondertekend en bevat de naam, de geboortedatum, het adres van de aanvrager en een dagtekening.
De aanvrager geeft in de aanvraag aan of hij in aanmerking wil komen voor een bijdrage in de kinderopvang.
Een deelnemer die in aanmerking wil komen voor een bijdrage in de kinderopvang legt bij de aanvraag een geboortebewijs van het kind of de kinderen over en verklaart dat hij de verzorger van het kind of de kinderen is.
Het projectbureau kan de kanstrajecttoelage van een deelnemer intrekken of ten nadele van de deelnemer wijzigen:
- a.
indien hij de overeenkomst, bedoeld in artikel 4, vierde lid, van de wet niet nakomt;
- b.
op grond van feiten of omstandigheden waarvan het projectbureau bij de vaststelling van de toelage redelijkerwijs niet op de hoogte kon zijn en op grond waarvan de kanstrajecttoelage anders zou zijn vastgesteld;
- c.
op grond gewijzigde omstandigheden die leiden tot een andere vaststelling van de kanstrajecttoelage.
Bij intrekking of wijziging van de kanstrajecttoelage ten nadele van de deelnemer, kan het projectbureau tot onmiddellijke invordering van de middelen bij de deelnemer overgaan.
Tot het tijdstip waarop de ministeriële regeling, bedoeld in artikel 2, derde lid, in werking treedt, wordt het budget voor kanstrajecten over de openbare lichamen verdeeld naar rato van de bedragen die de onderscheiden eilanden in 2009 van het Land Nederlandse Antillen ontvingen voor de uitvoering van de sociale vormingsplicht.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst, en werkt terug tot en met 1 januari 2011 in Bonaire, St. Eustatius en Saba.
Dit besluit wordt aangehaald als: Uitvoeringsbesluit sociale kanstrajecten jongeren BES.