Regeling · BWBR0030031
Uitvoeringsbesluit koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen
Op de voordracht van Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 9 november 2010, nr. IVV/OOG/2010/21091, gedaan in overeenstemming met de Staatssecretaris van Financiën en Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
Gelet op artikel 3 van de Wet mogelijkheid koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen, artikel 7, eerste lid, van de Remigratiewet, artikel 34, eerste lid, van de Wet op de loonbelasting 1964 en artikel 17b, zesde lid, van de Algemene Ouderdomswet;
De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 9 december 2010, nr. W12.10.0510/III);
Gezien het nader rapport van de Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 18 mei 2011, nr. IVV/OOG/2011/8650, uitgebracht in overeenstemming met de Staatssecretaris van Financiën en Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
’s-Gravenhage24 mei 2011BeatrixDe Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,H. G. J.Kampde eenendertigste mei 2011De Minister van Veiligheid en Justitie,I. W.OpsteltenDe tegemoetkoming, bedoeld in artikel 3 van de Wet mogelijkheid koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen, bedraagt € 25,12 per kalendermaand.
Dit bedrag wordt jaarlijks aangepast overeenkomstig de tabelcorrectiefactor, bedoeld in artikel 10.2 van de Wet inkomstenbelasting 2001.
Van het aangepaste bedrag en de dag waarop deze aanpassing plaatsvindt, wordt door Onze Minister mededeling gedaan in de Staatscourant.
Met betrekking tot de periode in het kalenderjaar nadat een persoon de leeftijd heeft bereikt waarop recht kan ontstaan op de ouderenkorting of in een ander land is gaan wonen wordt voor de vaststelling of ten minste 90% van zijn wereldinkomen, na toepassing van regelingen ter voorkoming van dubbele belasting, in Nederland aan de belastingheffing naar het inkomen zal zijn onderworpen het erop volgende kalenderjaar in aanmerking genomen.
Met betrekking tot de periode in het kalenderjaar voordat een persoon in een ander land is gaan wonen wordt voor de vaststelling of ten minste 90% van zijn wereldinkomen, na toepassing van regelingen ter voorkoming van dubbele belasting, in Nederland aan de belastingheffing naar het inkomen zal zijn onderworpen het voorafgaande kalenderjaar in aanmerking genomen.
Wijzigt het Besluit voorzieningen Remigratiewet.
Wijzigt het Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965.
Wijzigt het Maatregelenbesluit socialezekerheidswetten.
Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet mogelijkheid koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen in werking treedt.
Dit besluit wordt aangehaald als: Uitvoeringsbesluit koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen.