U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 08-08-2024.
Wijzigingen Officiële bron
Reglement betreffende het scheepvaartpersoneel op de Rijn (RSP)Reglement betreffende het scheepvaartpersoneel op de Rijn (RSP)

Dit reglement is van toepassing op

tenzij in dit reglement anders is bepaald.

In dit reglement wordt verstaan onder:

Typen vaartuigen

Samenstellen van vaartuigen

Scheepbouwkundige begrippen

Personeel

Overige begrippen

In het belang van een eenvoudige en uniforme toepassing van het onderhavige reglement kan de CCR dienstinstructies voor de bevoegde autoriteiten vaststellen. De bevoegde autoriteiten dienen zich aan deze dienstinstructies te houden. Daarnaast publiceert de CCR met het oog op de toepassing van het RSP diverse lijsten en tabellen in een digitaal format.

Indien een kwalificatiecertificaat, dienstboekje of vaartijdenboek onbruikbaar is geworden, verloren is gegaan of om andere reden niet meer voorhanden is, wordt dit door de autoriteit van afgifte in het nationale register geregistreerd. De autoriteit van afgifte verstrekt op verzoek een nieuw kwalificatiecertificaat, dienstboekje of vaartijdenboek. De houder moet bij de autoriteit van afgifte het verlies aannemelijk maken. Een onbruikbaar geworden of een teruggevonden kwalificatiecertificaat, dienstboekje of vaartijdenboek, moet bij de autoriteit van afgifte worden ingeleverd of worden overgelegd om ongeldig te worden gemaakt.

Het examen of de afgifte van een kwalificatiecertificaat, dienstboekje of vaartijdenboek, evenals de afgifte van een duplicaat en het omruilen worden gedaan tegen een redelijke vergoeding van de kosten door de aanvrager. De hoogte van de kosten wordt door de lidstaten van de CCR overeenkomstig nationale regelingen vastgesteld.

In afwijking van artikel 4.01, eerste lid, tweede zin, zijn voor de houder van een kwalificatiecertificaat machinist voor het gezichtsvermogen de volgende voorwaarden voor de medische geschiktheid van toepassing:

De in de STCW Code tabel A-I/9: ‘Minimum in service eyesight standards for seafarers’ vermelde voorwaarden voor ‘All engineer officers’, behalve voor wat betreft het kleuren zien. Voor machinisten is een stoornis van het kleurenzien toegestaan.

Ter verkrijging van een kwalificatiecertificaat moeten de leden van de dekbemanning op instroom- en operationeel niveau voldoen aan de volgende minimumeisen inzake leeftijd, naleving van de administratieve voorschriften, competentie en vaartijd:

Ter verkrijging van een kwalificatiecertificaat moet de machinist voldoen aan de volgende minimumeisen inzake leeftijd, naleving van de administratieve voorschriften, competentie en vaartijd:

Overeenkomstig dit reglement wordt een onderscheid gemaakt tussen:

Met de bovengenoemde patenten is het eveneens geoorloofd een vaartuig te voeren als bedoeld in artikel 11.01, derde lid.

Het praktijkexamen kan worden afgelegd aan boord van een sportvaartuig of aan een door de bevoegde autoriteit hiervoor toegelaten simulator.

Het praktijkexamen kan worden afgelegd aan boord van een overheidsvaartuig of aan een door de bevoegde autoriteit hiervoor toegelaten simulator.

Indien de kandidaat na het slagen voor het examen voor een fysiek document kiest, verstrekt de bevoegde autoriteit voor de periode tussen het succesvol afleggen van het examen en de afgifte van de patentkaart een voorlopig Rijnpatent. Hiertoe print de autoriteit een uittreksel uit de elektronische gegevensbank, dat als voorlopig Rijnpatent geldt. De bevoegde autoriteit kan ook een voorlopig Rijnpatent verstrekken voor de tijd tussen de vervaldatum voor de verlenging van het patent en de afgifte van het nieuwe Rijnpatent.

Voor het besturen van een vaartuig dat vloeibaar aardgas als brandstof gebruikt, is een specifieke vergunning vereist. Deze wordt aangetoond door een kwalificatiecertificaat voor LNG-deskundige, dat wordt verkregen zoals bepaald in artikel 15.02 tot en met 15.04.

Onverminderd de bepalingen van Richtlijn 2008/68/EG is aan boord van schepen die gevaarlijke stoffen vervoeren een persoon aanwezig zoals bedoeld in de randnummers 7.1.3.15 en 7.2.3.15 van het ADN die houder is van een verklaring van deskundigen volgens het model van randnummer 8.6.2. van het ADN.

De schipper en de personen die houder zijn van een kwalificatiecertificaat en die betrokken zijn bij de bunkerprocedure van schepen die op vloeibaar aardgas (LNG) varen, zijn gekwalificeerd als deskundige op het gebied van vloeibaar aardgas (LNG).

De lijst van goedgekeurde cursussen wordt door de CCR op de website geplaatst.

Om het kwalificatiecertificaat deskundige voor de passagiersvaart te verkrijgen, moet de kandidaat ten minste 18 jaar zijn en de vereiste kwalificatie bezitten. Deze wordt geacht aanwezig te zijn, indien de betreffende persoon:

Aan het theoretisch gedeelte van het examen wordt voldaan wanneer de kandidaat aantoont dat hij beschikt over de kennis die onderwezen werd in de opleiding zoals bedoeld in het eerste lid, tweede zin, onderdeel a.

Aan het praktijkgedeelte wordt voldaan wanneer de kandidaat met goed gevolg een praktijkexamen heeft afgelegd overeenkomstig de ES-QIN (Deel II, hoofdstuk 2). Het praktijkgedeelte van het examen wordt afgelegd aan boord van een schip of met behulp van een installatie aan de wal die voldoet aan de technische eisen zoals vastgelegd in de ES-QIN (Deel II, hoofdstuk 2).

De opfriscursus wordt gevolgd in het kader van een hiervoor door de bevoegde autoriteit overeenkomstig de in artikel 16.05 vastgelegde voorwaarden georganiseerde of goedgekeurde opleiding.

De lijst van de goedgekeurde opleidingen wordt door de CCR op de website geplaatst.

De eerstehulpverlener moet ten minste 17 jaar zijn en de vereiste kwalificatie bezitten. Deze wordt geacht aanwezig te zijn, indien de desbetreffende persoon

De persluchtmaskerdrager moet ten minste 18 jaar zijn en geschikt zijn om de ademhalingsapparatuur zoals bedoeld in artikel 19.12, tiende lid, onderdeel a, van de ES-TRIN, voor de redding van personen te kunnen gebruiken. Deze wordt geacht aanwezig te zijn, indien de betreffende persoon de lichamelijke en geestelijke geschiktheid en de kwalificatie overeenkomstig de nationale voorschriften van de Rijnoeverstaten of België aantoont en regelmatig overeenkomstig artikel 16.09 aan de opfriscursussen heeft deelgenomen.

De opleiding en opfriscursussen voor eerstehulpverleners en persluchtmaskerdragers worden gevolgd overeenkomstig de voorschriften van één van de Rijnoeverstaten of België.

Deze cursusbewijzen gelden als verklaring, als deze zijn afgegeven door een volgens het nationale recht van de Rijnoeverstaten of België erkend opleidingsinstituut en het dienovereenkomstige model door de CCR bekend gemaakt is.

Zolang zich passagiers aan boord bevinden, moet er ’s nachts ieder uur een controleronde gemaakt worden. Er moet op een adequate wijze kunnen worden gecontroleerd of deze rondes plaatsvinden.

Er mag van deze tijden worden afgeweken, indien de vaartijd wordt geregistreerd door middel van een tachograaf die voldoet aan de eisen van Bijlage 5, Onderdeel V van de ES-TRIN betreffende minimumeisen en voorschriften omtrent de inbouw en de controle van het functioneren van tachografen in de binnenvaart, en naar behoren functioneert. De tachograaf moet ten minste vanaf het begin van de laatste ononderbroken rusttijd van acht, respectievelijk zes uur zijn ingeschakeld en voor de controlerende diensten te allen tijde bereikbaar zijn.

In dit geval moeten de dienovereenkomstige documenten waaruit de bekwaamheid van de bemanningsleden en hun aantal blijkt, aan boord aanwezig zijn. Bovendien bevindt zich een persoon aan boord die houder is van het kwalificatiecertificaat schipper dat geldig is voor het te bevaren riviergedeelte. Na een vaartijd van ten hoogste 14 uur per periode van 24 uur wordt deze houder van het kwalificatiecertificaat schipper door een andere houder van het kwalificatiecertificaat schipper vervangen.

In het logboek worden de volgende aantekeningen gemaakt:

De bepalingen van dit hoofdstuk zijn niet van toepassing op kanaalspitsen. Desalniettemin bestaat de bemanning ten minste uit:

De bepalingen van dit hoofdstuk zijn niet van toepassing op pleziervaartuigen.

Desalniettemin moet de bemanning ten minste bestaan uit:

Voor de vaart beneden het Spijksche Veer (km 857,40) kan, voor zover de Duits-Nederlandse grens tijdens de vaart noch in de ene, noch in de andere richting wordt overschreden, worden volstaan met de toepassing van de voorschriften van de Nederlandse ‘Binnenvaartwet’ (Staatsblad 2007, Nummer 498).

De overheids- en sportpatenten die geldig zijn op grond van de voorschriften die van toepassing waren tot aan de inwerkingtreding van dit reglement blijven zonder wijziging geldig.

De houder van een groot of klein Rijnpatent, een overheids- of sportpatent dat werd afgegeven overeenkomstig de voorschriften die van toepassing waren tot aan de inwerkingtreding van dit reglement dan wel waarvan de geldigheid verlengd werd en die voor de in bijlage 5 van dit reglement genoemde riviergedeelten met succes het examen afgelegd heeft dat in dit reglement voorgeschreven is, mag met inachtneming van die voorschriften de riviergedeelten waarvoor het genoemde examen voor het bewijs van kennis van riviergedeelten werd afgelegd, blijven bevaren.

Bemanningsleden van zeeschepen die op de Rijn varen, kunnen hun kwalificatie bewijzen door middel van een in overeenstemming met de STCW-Overeenkomst afgegeven of erkend kwalificatiecertificaat. Dit geldt voor schippers slechts tot 17 januari 2038 en op voorwaarde dat de binnenvaartactiviteit wordt uitgevoerd bij het begin of aan het eind van een reis in het kader van zeevervoer.

Er kan rekening worden gehouden met de volbrachte vaartijd die op grond van het onderhavige reglement vereist is, wanneer deze vaartijd werd volbracht overeenkomstig de voorschriften die van toepassing waren tot aan de inwerkingtreding van dit reglement werd volbracht.

De lichamelijke en geestelijke geschiktheid van de bovengenoemde persoon werd onderzocht overeenkomstig de ES-QIN-standaarden inzake de medische geschiktheid (algemene medische geschiktheid, gezichtsvermogen, gehoorvermogen). De resultaten daarvan zijn de volgende:

Stempel

..............................

Datum en handtekening van de arts

Opmerking vooraf:

Soorten patent (kolom 4 tot en met 6)

A – Sportpatent

B – Overheidspatent

Vereiste kennis (kolom 3)

1 – Gedetailleerde kennis

2 – Basiskennis

De lijst van de sportpatenten van de Rijnoeverstaten en België, alsmede de modellen staan op de website van de CCR: www.ccr-zkr.org.

De lijst van de overheidspatenten van de Rijnoeverstaten en België, alsmede de modellen staan op de website van de CCR: www.ccr-zkr.org.

Aanvullende competentie

Een schipper die met een vaartuig dit binnenwaterwegtraject met specifieke risico’s bevaart, moet met het oog op de veiligheid de eigenschappen en plaatselijke omstandigheden van dit gedeelte van de Rijn kennen.

De aanvullende competentie komt overeen met de aanvullende competentie die genoemd wordt onder nummer I (Rijn van kmr 335,92 (sluis Iffezheim) tot kmr 352,07 (Duits-Franse grens)).

Aanvullende competentie

Een schipper die met een vaartuig dit binnenwaterwegtraject met specifieke risico’s bevaart, moet met het oog op de veiligheid de eigenschappen en plaatselijke omstandigheden van dit gedeelte van de Rijn kennen.

Aanvullende competentie

Een schipper die met een vaartuig dit gedeelte van de Rijn met specifieke risico’s bevaart, moet met het oog op de veiligheid de eigenschappen en plaatselijke omstandigheden van dit gedeelte van de Rijn kennen.

Aanvullende competentie

Een schipper die met een vaartuig dit gedeelte van de Rijn met specifieke risico’s bevaart, moet met het oog op de veiligheid de eigenschappen en plaatselijke omstandigheden van dit gedeelte van de Rijn kennen.

Aanvullende competentie

Een schipper die met een vaartuig dit gedeelte van de Rijn met specifieke risico’s bevaart, moet met het oog op de veiligheid de eigenschappen en plaatselijke omstandigheden van dit gedeelte van de Rijn kennen.

(geldt alleen tezamen met het dienstboekje,

respectievelijk met het kwalificatiecertificaat schipper zoals bedoeld in artikel 11.01, eerste lid, respectievelijk het voorlopig Rijnpatent zoals bedoeld in artikel 12.08 Rsp)

Naam en voornaam:

Nummer van het dienstboekje, respectievelijk van het kwalificatiecertificaat schipper:

Aanwijzingen voor het bijhouden van de verklaring