U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 01-08-2021.

Regeling · BWBR0030380

Regeling modellen diploma’s VO BES

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 23 augustus 2011, nr. WJZ/316031 (4905) houdende modellen diploma’s, cijferlijsten, certificaten, getuigschrift, bewijs van ontheffing met verklaring vwo, havo, vmbo en getuigschrift praktijkonderwijs voor de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba (Regeling modellen diploma’s VO BES)Regeling modellen diploma’s VO BESDe Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

Gelet op de artikelen 72, derde lid, en 73 van de Wet voortgezet onderwijs BES, de artikelen 9, zesde lid, 39, vierde lid, 40, vierde lid, en 41, vierde lid, van het Eindexamenbesluit VO BES en de artikelen 10, zesde lid, 28, vijfde lid, en 29, derde lid, van het Staatsexamenbesluit VO BES;

Besluit:

Deze regeling zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,J.M. vanBijsterveldt-Vliegenthart

In deze regeling wordt verstaan onder:

Het invullen van de modellen, opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlagen en het beveiligen van het waardepapier geschiedt overeenkomstig de richtlijnen, opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 1.

De modellen voor de cijferlijsten eindexamen vwo, havo en vmbo zijn opgenomen in onderscheidenlijk de bij deze regeling behorende bijlagen 3a, 3b, en 3c.

De modellen voor de voorlopige cijferlijsten eindexamen vwo, havo en vmbo zijn opgenomen in onderscheidenlijk de bij deze regeling behorende bijlagen 4a, 4b, en 4c.

Het model voor het certificaat vmbo is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 5.

Het model voor het getuigschrift basisberoepsgerichte leerweg van het vmbo is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 6.

Het model voor het schooldiploma praktijkonderwijs van het vmbo is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 7.

De modellen voor:

Het model voor het bewijs van ontheffing ten behoeve van het vwo, havo en vmbo en de bijbehorende verklaring zijn opgenomen in onderscheidenlijk de bij deze regeling behorende bijlagen 14a en 14b.

Als model voor de verklaring die wordt uitgereikt aan de leerling die de school verlaat en aan wie geen diploma kan worden uitgereikt als bedoeld in artikel 76 WVO BES, wordt bijlage 15 gehanteerd.

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2012.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling modellen diploma’s VO BES.

Veiligheidseisen papier waardedocumenten

Het is noodzakelijk dat de waardedocumenten gedrukt worden op papier dat namaak en vervalsing tegengaat. Het papier dient daarom te zijn voorzien van: een uniek watermerk, UV-vezels, een vloeiend kleurverloop, microtekst en een beschermlaag die verkleurt bij mechanische of chemische aantasting. Met dit papier moet zorgvuldig worden om gegaan om te borgen dat het niet in handen van onbevoegden komt.

Gebruik van de modellen

Per vak wordt één regel gebruikt.

Afhankelijk van het aantal vakken worden de regels voor de vermelding van de vakken op de cijferlijst:

Naamvermelding van de school

Op de examendocumenten wordt steeds – voor zover van toepassing – achter het woord ‘aan’ vermeld: de naam van de school voor voortgezet onderwijs of instelling voor educatie en beroepsonderwijs. Betreft het zo'n instelling, dan komt er na 'aan' te staan: de opleiding vavo van ....

De naam van de school of de instelling is de naam zoals gebruikt door het bestuur in het dagelijks maatschappelijk verkeer en zoals geregistreerd bij DUO. In het geval van een nevenvestiging is het toegestaan dat na de officiële naam van de school een komma volgt en het woord ‘locatie’ gevolgd door de naam van de locatie. Indien de onderwijsaanbieder in het dagelijkse verkeer echter een andere naam hanteert dan bij DUO is geregistreerd, is het toegestaan deze naam te vermelden, echter alleen onder toevoeging van: ‘onderdeel van’ met daaropvolgend de naam zoals bij DUO geregistreerd. Omdat alle diploma’s/cijferlijsten worden opgenomen in het diplomaregister is het belangrijk dat de naamgeving van de school op het daadwerkelijk uitgereikte diploma direct te relateren is aan de naam van de school zoals opgenomen in het diplomaregister. Scholen moeten er voor zorgen dat de correcte naam van de school bij DUO staat geregistreerd, waarbij in het geval van een (neven)vestiging duidelijk wordt uit de naam van welke school c.q. scholengemeenschap deze deel uit maakt.

Naamvermelding examenkandidaat

Er is niet voorgeschreven dat de naam van de examenkandidaat op exact dezelfde wijze vermeld wordt als in het BRP c.q. zoals op ID/paspoort is vermeld. Echter, als de examenkandidaat in de praktijk wil aantonen dat het diploma van hem/haar is, is dit wel aan te bevelen. Slechts het hanteren van voorletter(s) of de roepnaam is ook toegestaan.

Vermelding geboorteplaats/ -gemeente

Achter ‘te’ wordt geacht de officiële gemeentenaam geplaatst te worden, waar de aangifte van geboorte destijds is gedaan, echter dit is geen voorschrift, maar wederom handig i.v.m. de gegevens op het ID (waar immers deze gemeentenaam ook op staat).

Datering

Op de examendocumenten wordt steeds achter het woord ‘datum’ vermeld: de datum (dd-mm-jjjj) waarop het document is ondertekend. Wanneer het examendocument een diploma, getuigschrift of certificaat betreft wordt de datum van uitreiking aan en ondertekening door de kandidaat gebruikt. Bij het staatsexamen wordt wanneer het examendocument een diploma, getuigschrift of certificaat betreft de datum van de vaststelling van de uitslag en/of de ondertekening van het examendocument door de staatsexamencommissie gebruikt.

Wanneer het examendocument een (voorlopige) cijferlijst, bewijs van ontheffing, of verklaring behorend bij het bewijs van ontheffing betreft wordt de datum van de ondertekening door de directeur dan wel de staatsexamencommissie VO gebruikt. Dit kan betekenen dat een cijferlijst een andere datering heeft dan het bijbehorende diploma.

Ondertekening

Ingevolge artikel 39, zesde lid, van het Eindexamenbesluit VO BES tekenen de directeur en de secretaris van het eindexamen de diploma's en de cijferlijsten. Ingevolge artikel 28 en 29 van het Staatsexamenbesluit VO BES tekent het College voor toetsen en examens de diploma’s, de certificaten en bijbehorende cijferlijsten.

De functionarissen die de examendocumenten moeten tekenen zijn en blijven onder alle omstandigheden verantwoordelijk voor de ondertekening. Tenzij anders bepaald door het bevoegd gezag, mogen zij, mits het bevoegd gezag hen die bevoegdheid heeft gegeven, een andere functionaris, die door hen daartoe schriftelijk gemandateerd is, laten tekenen, doch slechts met vermelding van ‘namens deze’ gevolgd door de handtekening, de naam en de functie van de ondertekenaar. De handtekening moet feitelijk (met pen) geschreven worden. Een gescande of gekopieerde handtekening is niet toegestaan.

Bovenstaande geldt ook in het geval een school geen directeur kent maar een centrale directie. Op het diploma dient dan voor directeur te worden gelezen de centrale directie. De centrale directie is in dat geval verantwoordelijk voor het ondertekenen van de diploma's. Het is echter ook mogelijk dat de centrale directie de tekenbevoegdheid overdraagt.

Het is vanzelfsprekend dat de mandatering in het examenreglement van de school wordt vermeld om examenkandidaten en ouders hiervan op de hoogte te stellen.

Vaknamen

De te hanteren wettelijke benamingen van de vakken staan opgenomen in een bijlage bij de jaarlijks te publiceren Regeling codetabellen school- en studiejaar [20xx–20xx].

De afgifte van cijferlijsten is voor scholen voor voortgezet onderwijs en instellingen voor educatie en beroepsonderwijs, voor zover het betreft de door die instellingen verzorgde opleidingen vavo, geregeld in artikel 41, eerste lid, van het Eindexamenbesluit VO BES en voor staatsexamens in artikel 28, eerste en tweede lid van het Staatsexamenbesluit VO BES.

Teksten in de cijferlijsten die niet van toepassing zijn worden weggelaten en het aantal regels wordt aangepast aan het aantal vakken.

Op de cijferlijst wordt/worden in de cijfer-/beoordelingstabel voor zover van toepassing vermeld:

Extra vakken

Indien in meer examenvakken examen is afgelegd dan in de vakken die ten minste samen een eindexamen/staatsexamen vormen, en deze vakken betrokken worden bij de uitslag, worden deze vakken vermeld in het vrije deel. Extra vakken die niet bij de vaststelling van de uitslag zijn betrokken, worden in het vrije deel op de cijferlijst vermeld, tenzij de examenkandidaat daartegen bedenkingen heeft geuit (zie artikel 49, tweede lid en artikel 39, derde lid, van het Eindexamenbesluit VO BES en artikel 28, vierde lid, van het Staatsexamenbesluit VO BES)

Afronding onderdelen na aanvang van het eerste tijdvak van het centraal examen in het laatste leerjaar

Artikel 19, derde en vierde lid, van het Eindexamenbesluit VO BES noemt uitzonderingen op de hoofdregel dat het schoolexamen wordt afgesloten voor de aanvang van het eerste tijdvak van het centraal examen. Het kan voorkomen dat een examenkandidaat uit het laatste leerjaar in alle vakken die met een eindcijfer worden beoordeeld examen heeft afgelegd op grond waarvan de uitslag kan worden vastgesteld, maar niet voldoet aan de aanvullende bepalingen. Het betreft hier de aanvullende bepalingen ten aanzien van de vakken of het profielwerkstuk waarvoor geen cijfer wordt vastgesteld, maar die ‘voldoende’ of ‘goed’ afgesloten moeten zijn. Deze examenkandidaat kan in dit geval niet slagen, maar ontvangt wel een cijferlijst. De uitslag luidt: afgewezen. Voor de onderdelen die niet naar behoren zijn afgerond wordt de vermelding gegeven: 'n.a.' (niet afgerond). Betreft dit een vmbo-kandidaat die de school verlaat, dan ontvangt hij tevens een certificaat.

Vak aan andere school

Indien een vak aan een andere school is afgesloten op grond van artikel 7 van het Eindexamenbesluit VO BES, dan wordt achter het betreffende vak tussen haakjes de naam van de andere school vermeld zoals opgenomen in BRIN.

Vrijstelling of ontheffing

Artikel 39, vijfde lid, van het Eindexamenbesluit VO BES respectievelijk artikel 28, zesde lid, van het Staatsexamenbesluit VO BES, regelt de vermelding op de cijferlijst van vakken waarvoor de kandidaat vrijstelling heeft of ontheffing is verleend bij het eindexamen/staatsexamen. Op de plaats het cijfer wordt bij de vakken waarbij er sprake is van vrijstelling zonder vermelding van een cijfer op de cijferlijst ‘Vr’ vermeld, (zie ook profielen vwo en havo). Het is ook toegestaan op de plaats voor het cijfer wanneer daar sprake van is of het woord ‘Vrijstelling’ of het woord ‘Ontheffing’ voluit te vermelden.

Vermelding van vakken die niet met een eindcijfer beoordeeld worden

Bij vakken waarvoor de eindbeoordeling niet in de vorm van een cijfer maar als ‘voldoende’ of ‘goed’ is gegeven, wordt deze beoordeling vermeld in de plaats van het cijfer (in de kolom in letters’).

Vermelding van vakken die op een hoger niveau zijn afgesloten

Vakken waarin het examen op een hoger niveau is afgelegd, worden op de cijferlijst vermeld met de naam van het vak uit het betreffende niveau met de toevoeging van dat niveau tussen haakjes. Een nadere uitwerking wordt gegeven onder de schoolsoorten.

Uitslag

Bij ‘uitslag’ voor het eindexamen of staatsexamen wordt het volgende ingevuld (zie artikel 36, tweede lid, van het Eindexamenbesluit VO BES en artikel 23, vijfde lid, Staatsexamenbesluit VO BES):

Indien de examenkandidaat een centraal examen, of een afsluitend schoolexamen in een of meer vakken of de rekentoets heeft afgelegd in het (voor)voorlaatste leerjaar en vervolgens de school verlaat zonder het eindexamen te voltooien, ontvangt hij een ‘voorlopige cijferlijst’.

Een voorlopige cijferlijst wordt dus uitgereikt als de examenkandidaat de school verlaat voordat de uitslag van het betreffende eindexamen definitief kan worden vastgesteld (artikel 40 van het Eindexamenbesluit VO). Dit geldt ook bij een examenkandidaat die het gespreid centraal examen, bedoeld in artikel 47, aflegt. Daarnaast geldt dit ook voor leerlingen die aan een andere school of instelling worden uitbesteed om daar hun gespreid examen voort te zetten.

De resultaten op de voorlopige cijferlijst kunnen worden betrokken bij de vaststelling van de uitslag van het betreffende eindexamen en overgenomen op de cijferlijst die op grond van de definitieve uitslag wordt uitgereikt. Ook als de examenkandidaat via staatsexamens of het vavo een diploma voortgezet onderwijs wenst te behalen kunnen eerder behaalde resultaten waar toepasbaar bij de uitslag worden betrokken. De voorlopige cijferlijst komt dan te vervallen, zodra de definitieve uitslag is vastgesteld

Op de voorlopige cijferlijst wordt/worden (conform de cijferlijst) voor zover van toepassing vermeld:

Op de voorlopige cijferlijst wordt geen profiel vermeld.

Op de cijferlijst deeleindexamen vavo en deelstaatsexamen worden alle vakken vermeld waarin deeleindexamen/deelstaatsexamen is afgelegd en voor zover van toepassing het profielwerkstuk, zoals voorgeschreven in artikel 41, eerste lid, van het Eindexamenbesluit VO BES voor het vavo en artikel 29, eerste lid, van het Staatsexamenbesluit BES. Deze cijferlijst kent geen verdeling in vakken van het gemeenschappelijk deel, profieldeel en vrij deel.

Ingevolge artikel 41, tweede en derde lid, van het Eindexamenbesluit VO BES en, artikel 29, tweede lid, van het Staatsexamenbesluit VO BES, krijgt een definitief voor het eindexamen vmbo afgewezen examenkandidaat die de school verlaat, een certificaat.

Op het certificaat wordt voor zover van toepassing vermeld:

Daarnaast wordt op het certificaat vermeld welk examen is afgelegd: op welk niveau, en waar van toepassing het betreffende leerwegschooltype c.q. de betreffende leerweg.

Afhankelijk van het aantal vakken worden de regels voor de vermelding van de vakken op het certificaat, waarbij per vak één regel wordt gebruikt. De school of het College voor toetsen en examens kan wanneer nodig meer regels toevoegen, en moeten niet gebruikte regels ongeldig maken of weglaten.

Op het bewijs van ontheffing dient achter de regel: ‘recht heeft op ontheffing bij het verwerven van het diploma’, de schoolsoort voluit te worden vermeld met indien van toepassing: de leerweg.

Op het bewijs van ontheffing dient achter de regel: ‘recht heeft op ontheffing bij het verwerven van het diploma, de schoolsoort voluit te worden vermeld en indien van toepassing: de leerweg.

Afwijkende/bijzondere vermeldingen

Als de examenresultaten voor twee of meer profielen leiden tot de uitslag ‘geslaagd’, dan worden de namen van de betreffende profielen vermeld op het diploma (zie artikel 39, tweede lid, van het Eindexamenbesluit VO BES en artikel 28, derde lid, van het Staatsexamenbesluit VO BES).

Op het diploma eindexamen/staatsexamen vwo wordt achter eindexamen/staatsexamen vermeld: gymnasium of atheneum.

Op het diploma van een examenkandidaat die is geslaagd wordt – indien van toepassing – ingevolge artikel 39a van het Eindexamenbesluit VO BES en artikel 28a van het Staatsexamenbesluit VO BES, het judicium cum laude vermeld.

Op het diploma worden alleen vakken op een hoger niveau vermeld wanneer deze meetellen bij de bepaling van de uitslag van het betreffende diploma.

Naar aanleiding van het advies Wetsvoorstel NLQF van de Onderwijsraad wordt op de diploma’s naast het vwo of havo niveau ook het corresponderend NLQF/EQF- niveau vermeld.

Er wordt geen NLQF/EQF-niveau vermeld voor onderdelen van opleidingen.

Voor:

wordt verwezen naar de volgende artikelen van het Eindexamenbesluit VO BES:

Alle andere vermeldingen dan de vermeldingen genoemd in bovenstaande artikelen maken de cijferlijst ongeldig.

Profielvermelding

Op de cijferlijst voor het eindexamen/staatsexamen wordt in het tekstgedeelte boven de cijfer- en beoordelingstabel achter de regel ‘heeft deelgenomen aan het eindexamen/staatsexamen voorbereidend wetenschappelijk onderwijs of hoger algemeen voortgezet onderwijs conform het profiel’, de officiële benaming van het profiel vermeld zoals genoemd in artikel 38, derde lid, van de WVO BES.

In het geval een examenkandidaat kan slagen voor twee of meer profielen, wordt voor elk profiel afzonderlijk een cijferlijst afgegeven. Om te kunnen slagen voor twee of meer profielen is het overigens voldoende om voor één profiel een profielwerkstuk te maken. Als dat profielwerkstuk past’ in de overige profielen, wordt het op elk van de cijferlijsten vermeld. Als het in één profiel niet past, wordt in de desbetreffende ruimte vermeld: n.v.t.

Combinatiecijfer

Onder het gemeenschappelijk deel wordt achter combinatiecijfer’ het rekenkundig gemiddelde van de afgeronde eindcijfers van de betreffende vakken/onderdelen, afgerond vermeld op de cijferlijst (in een cijfer en in letters). Deze afronding gebeurt overeenkomstig de vaststelling van het eindcijfer per vak, door het eerste cijfer achter de komma naar beneden af te ronden indien dat een 4 of lager is en naar boven, indien dat cijfer een 5 of hoger is (een 5,5 wordt dus een 6 en een 5,45 wordt een 5): artikel 37, achtste lid, van het Eindexamenbesluit VO BES.

De onderdelen/vakken die het combinatiecijfer samenstellen mogen om te slagen geen van alle lager zijn dan een 4 (zie artikel 50, eerste lid, onder d, van het Eindexamenbesluit VO en artikel 26a, eerste lid, onder d, van het Staatsexamenbesluit VO).

Achter het ‘combinatiecijfer’ (tot slot van het gemeenschappelijk deel) is een asterisk *) opgenomen die verwijst naar de vakken/onderdelen die deel uitmaken van het combinatiecijfer (zie artikel 37, zesde lid, van het Eindexamenbesluit VO BES, welke onder aan de cijferlijst worden genoemd. Onder '*) onderdelen van het ‘combinatiecijfer’ worden de betreffende vakken/onderdelen opgenomen met vermelding van het afgeronde cijfer en het(zelfde) afgeronde eindcijfer (in een cijfer en in letters). Inclusief het profielwerkstuk, dat als laatste een plaats krijgt in de daarvoor bestemde regel met vermelding van de titel of het onderwerp en het vak of de vakken waarop het betrekking heeft.

Vakken die in het havo en vwo in ieder geval tot het combinatiecijfer behoren zijn maatschappijleer, ckv (op een reguliere school), en het profielwerkstuk.

Daarnaast kan het bevoegd gezag de volgende vakken toevoegen aan het combinatiecijfer (zie hiervoor de voorwaarde uit artikel 37, zevende lid, van het Eindexamenbesluit VO BES):

Ontheffing van een taal

Indien in het atheneum op grond van artikel 23, vierde lid, van het Inrichtingsbesluit VO BES ontheffing is verleend voor het volgen van een taal, waarbij de taal moet worden vervangen door een ander examenvak, dan wordt dat vervangende examenvak vermeld op de cijferlijst in plaats van de taal (dus in het gemeenschappelijke deel).

Vrijstelling van maatschappijleer of ckv

Indien een examenkandidaat vwo in het bezit is van een diploma havo, en vrijstelling is verleend voor maatschappijleer wordt het vak maatschappijleer niet vermeld op de cijferlijst vwo. Hetzelfde geld voor een kandidaat vwo (atheneum) in het bezit is van een diploma havo, en vrijstelling is verleend voor ckv. Het vak ckv wordt in dat geval ook niet vermeld op de cijferlijst vwo (atheneum).

Vermelding van vrijstelling aan vavo/staatsexamen voor eerder behaalde vakken.

Wanneer de examenkandidaat is vrijgesteld van examens in een vak/ vakken op grond van artikel 8 van het Eindexamenbesluit VO BES en artikel 9 van het Staatsexamenbesluit BES wordt het vak/ de vakken op de cijferlijst opgenomen met vermelding van het eerder behaalde cijfer/ de eerder behaalde cijfers (zie artikel 39, vijfde lid, van het Eindexamenbesluit VO BES, artikel 28, zesde lid, van het Staatsexamenbesluit VO BES).

Vermelding van vrijstelling aan vavo/staatsexamen voor profielwerkstuk

Wanneer de examenkandidaat is vrijgesteld van het profielwerkstuk (op grond van artikel 8 van het Eindexamenbesluit VO BES en artikel 9 van het Staatsexamenbesluit BES) wordt het profielwerkstuk op de cijferlijst opgenomen met vermelding van het eerder behaalde cijfer (zie artikel 39, vijfde lid, van het Eindexamenbesluit VO BES en artikel 28, zesde lid, van het Staatsexamenbesluit VO BES).

Hierop bestaat een uitzondering indien de examenkandidaat zijn profielwerkstuk volgens de ‘oude profielen’ heeft gemaakt, dat is beoordeeld als ‘voldoende’ of ‘goed’, en vervolgens het diploma volgens de ‘nieuwe profielen’ aan het vavo of met het staatsexamen wil behalen. Het volgende is dan mogelijk:

Er wordt vervolgens óók achter ‘het combinatiecijfer’ ‘vr’ vermeld wanneer er:

Vrijstelling op basis van eerder behaalde resultaten op een hoger niveau

Artikel 39, vijfde lid, van het Eindexamenbesluit VO BES regelt dat de vakken waarvoor de examenkandidaat (met diploma) in het havo of vwo is vrijgesteld op grond van eerder afgelegd examen worden vermeld op de cijferlijst met overname van de eerder behaalde resultaten.

Vermelding bij twee kunstvakken (die naast elkaar gekozen mogen worden)

Indien de examenkandidaat met het profiel cultuur en maatschappij zowel in het profieldeel én in het vrije deel eindexamen aflegt in een van de vakken kunst (beeldende vormgeving, muziek, drama of dans), wordt bij het vak dat in het vrije deel staat het onderdeel kunst (algemeen) in het examen (en dus het centraal examen) vervangen door aanvullende verdiepende en/of verbredende onderdelen op het gebied van kunst als onderdeel van het schoolexamen. De onderdelen die het onderdeel kunst (algemeen) in het examen vervangen hebben een minimale normatieve studielast van 120 (havo) of 160 (vwo) studie klokuren. Omdat er voor dit kunstvak geen centraal examen is, wordt op de cijferlijst voor dit kunstvak alleen het cijfer voor het schoolexamen vermeld.

Op het diploma wordt niet alleen de leerweg, maar ook het profiel/de profielen vermeld. Dit houdt in dat op de regel die volgt na ‘aan het eindexamen/staatsexamen’ de officiële naam van de betreffende leerweg wordt ingevuld met daar achter ‘conform het profiel/de profielen’ met vermelding van de officiële naam/de namen van het profiel/de gevolgde profielen, zoals genoemd in:

Indien de examenkandidaat slaagt voor meer dan één profiel, dan wordt ook de naam het andere profiel dan wel de andere profielen vermeld.

Een examenkandidaat die de gemengde leerweg met goed gevolg heeft afgesloten op een scholengemeenschap die ook een school voor mavo omvat en daarnaast met een extra algemeen vak heeft afgerond kan op zijn verzoek een diploma vmbo theoretische leerweg ontvangen en een bijbehorende cijferlijst; zie artikel 39, achtste lid, van het Eindexamenbesluit VO BES.

Het eindexamen van de theoretische leerweg kan, op grond van artikel 14, zevende lid, onder b, van het Eindexamenbesluit VO BES en artikel 16, zevende-a lid van de WVO BES, een extra vak omvatten dat behoort tot het eindexamen van de gemengde leerweg. Extra vakken kunnen vermeld worden op de cijferlijst bij de theoretische leerweg. In de theoretische leerweg tellen extra beroepsgerichte keuzevakken alleen mee in de uitslagbepaling als die vakken samen een beroepsgericht programma in de gemengde leerweg vormen.

Indien een examenkandidaat ingevolge artikel 39a van het Eindexamenbesluit VO BES en artikel 28a van het Staatsexamenbesluit VO BES, is geslaagd met toekenning van het judicium cum laude, wordt het judicium cum laude vermeld op het diploma van deze examenkandidaat.

Op het diploma worden alleen vakken op een hoger niveau vermeld wanneer deze meetellen bij de bepaling van de uitslag van het betreffende diploma.

Naar aanleiding van het advies van de Onderwijsraad inzake het Wetsvoorstel NLQF wordt op de diploma’s naast het vmbo niveau en leerweg ook het corresponderend NLQF/EQF- niveau vermeld.

Op de diploma’s moet per leerweg het passende NLQF/EQF-niveau vermeld worden, het andere niveau moet worden verwijderd/ongeldig worden gemaakt.

Er wordt geen NLQF/EQF-niveau vermeld voor onderdelen van opleidingen.

Voor:

wordt verwezen naar de volgende artikelen:

Alle andere vermeldingen dan de vermeldingen genoemd in bovenstaande artikelen, maken de cijferlijst ongeldig.

Profielwerkstuk

De vermelding van ‘thema of titel van profielwerkstuk’ is alleen voor de theoretische en de gemengde leerweg van toepassing en dient bij de basis- en kaderberoepsgerichte leerweg weggelaten te worden. Het profielwerkstuk krijgt een plaats in de daarvoor bestemde regel, onder vermelding van het thema of de titel ervan.

Combinatiecijfer

Onder de ‘vakken van het vrije deel’ wordt ‘het combinatiecijfer’ genoemd. Net als in havo/vwo al langer het geval is, is er voor elke leerweg van het vmbo bepaald dat de eindcijfers voor de kleine vakken, in het geval van het vmbo bepaalde onderdelen van het beroepsgerichte examenprogramma, worden gecombineerd tot één combinatiecijfer, zodat deze vakken op een evenredige wijze met de eindcijfers voor grotere vakken kunnen meewegen in de uitslagbepaling:

Het combinatiecijfer wordt achter ‘combinatiecijfer’ aangemerkt als één vak conform het rekenkundig gemiddelde van de afgeronde eindcijfers van de betreffende vakken/onderdelen. Het eindcijfer voor dit vak wordt afgerond vermeld op de cijferlijst (in een cijfer en een letter).

Deze afronding gebeurt overeenkomstig de vaststelling van het eindcijfer per vak, door het eerste cijfer achter de komma naar beneden af te ronden indien dat een 4 of lager is en naar boven, indien dat cijfer een 5 of hoger is (een 5,5 wordt dus een 6 en een 5,45 wordt een 5) (zie artikel 37, vijfde lid, van het Eindexamenbesluit VO BES).

Achter het ‘combinatiecijfer’ (tot slot van het vrije deel) is een asterisk *) opgenomen die verwijst naar de (beroepsgerichte keuze-)vakken/onderdelen die deel uitmaken van het combinatiecijfer (zie artikel 37, derde en vierde lid, van het Eindexamenbesluit VO BES), welke onder aan de cijferlijst worden genoemd. Onder ‘*) onderdelen van het combinatiecijfer’ worden de betreffende vakken/onderdelen opgenomen met vermelding van het afgeronde cijfer en het(zelfde) afgeronde eindcijfer (in een cijfer en in letters).

De onderdelen/vakken die het combinatiecijfer samenstellen mogen om te slagen geen van alle lager zijn dan een 4: artikel 37, eerste lid, onder c. van het Eindexamenbesluit VO BES en artikel 24, eerste lid, onder c, van het Staatsexamenbesluit VO BES.

Indien een vmbo-tl leerling het volledige beroepsgerichte programma heeft gevolgd zoals aangeboden in het vmbo-gl, wordt er zoals gebeurd bij vmbo-gl een combinatiecijfer vastgesteld dat meetelt in de uitslagbepaling. De vakken die tezamen het combinatiecijfer vormen, worden op de cijferlijst vermeld in het vrije deel.

Vermelding leerweg én profiel(en)

Ook op de cijferlijst wordt nu in het tekstgedeelte boven de cijfer-/beoordelingstabel achter de regel ‘heeft deelgenomen aan het eindexamen voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs’ de leerweg conform het profiel vermeld.

In het geval een examenkandidaat kan slagen voor twee of meer profielen, wordt voor elk profiel afzonderlijk een cijferlijst afgegeven. Om te kunnen slagen voor twee of meer profielen is het overigens voldoende om voor één profiel een profielwerkstuk te hebben gemaakt. Als dat profielwerkstuk ‘past’ in de betreffende profielen, wordt het op elk van de cijferlijsten vermeld. Als het in één profiel niet past, wordt in de desbetreffende ruimte vermeld: n.v.t.

Op de voorlopige cijferlijst wordt geen profiel vermeld.

Vak op hoger niveau

Indien toepassing is gegeven aan de mogelijkheid één of meer vakken op een hoger niveau af te sluiten, dan wordt achter de desbetreffende vaknaam (uit dat niveau) tussen haakjes de leerweg (kb, gl of tl) of schoolsoort (vwo of havo), afgekort vermeld op de cijferlijst.

De vakken waarvoor de examenkandidaat met een diploma basis- of kaderberoepsgerichte leerweg in de theoretische leerweg is vrijgesteld op grond van een eerder afgelegd examen in vakken van de theoretische leerweg of vwo/havo, worden op de cijferlijst vermeld met overname van de eerder behaalde resultaten (artikel 39, vijfde lid, van het Eindexamenbesluit VO BES).

Indien het een leer-werktraject van de basisberoepsgerichte leerweg betreft, worden minimaal de cijfers van het vak Nederlandse taal (gemeenschappelijk deel) en het beroepsgerichte programma (vrije deel) vermeld (zie artikel 19 van de WVO BES).

Omdat op dit certificaat geen niveau aanduiding staat en leerlingen vakken op hoger niveau gevolgd kunnen hebben, wordt achter ieder vak tussen haakjes het niveau vermeld.

SCHOOLDIPLOMA

PRAKTIJKONDERWIJS

De ondergetekenden verklaren dat

.....................................,

geboren ............. te ...................,

van ......... tot ..........................

met gunstig gevolg heeft deelgenomen aan het praktijkonderwijs als bedoeld in artikel 31 van de Wet op het voortgezet onderwijs BES gevolgd aan

......................................

te ...................................

Handtekening van de kandidaat:

...............

Doorhalingen en/of wijzigingen maken dit schooldiploma ongeldig.