Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is om de procesvertegenwoordigende bevoegdheid van de centrale autoriteit in zaken op grond van de verdragen inzake de civiele aspecten van internationale kinderontvoering en kinderbescherming af te schaffen en in teruggeleidingszaken de rechtspraak te concentreren, de bevoegdheid aan de rechter te verlenen om te beslissen dat het instellen van appel tegen teruggeleidingsbeschikkingen schorsende werking heeft, en het beroep in cassatie te beperken;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te ’s-Gravenhage10 november 2011BeatrixDe Minister van Veiligheid en Justitie,I. W.Opstelten de achttiende november 2011De Minister van Veiligheid en Justitie,I. W.OpsteltenWijzigt de Uitvoeringswet verdragen inzake internationale ontvoering van kinderen.
Wijzigt de Uitvoeringswet internationale kinderbescherming.
De artikelen 5, 7 en 12 van de Uitvoeringswet internationale kinderontvoering en de artikelen 5, 6, 13, 15 en 18 van de Uitvoeringswet internationale kinderbescherming, zoals deze ingevolge de onderhavige wet komen te luiden, zijn niet van toepassing op aanhangige procedures waarin op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet het gerecht waarbij de zaak aanhangig is, nog geen eindbeslissing heeft gegeven.
Artikel 11 van de Uitvoeringswet internationale kinderontvoering, zoals dit ingevolge de onderhavige wet komt te luiden, is niet van toepassing op aanhangige procedures waarin het inleidend verzoekschrift voor het tijdstip van de inwerkingtreding van deze wet is ingediend.
Artikel 13, achtste lid, van de Uitvoeringswet internationale kinderontvoering, zoals dit ingevolge de onderhavige wet komt te luiden, is niet van toepassing op procedures waarin het gerechtshof op het tijdstip van de inwerkingtreding van deze wet een eindbeslissing heeft gegeven.
Deze wet treedt in werking met ingang van de eerste dag van de tweede kalendermaand na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.