Wijzigingen Officiële bron
Algemeen reglement van het Fonds voor CultuurparticipatieAlgemeen reglement van het Fonds voor CultuurparticipatieDe Stichting Fonds voor Cultuurparticipatie,

Gelet op artikel 10 vierde lid van de Wet op het specifiek cultuurbeleid;

Met goedkeuring van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 26 oktober 2011;

Besluit vast te stellen het navolgende Algemeen reglement:

Het bestuur van Stichting Fonds voor Cultuurparticipatie,J.J.K.Knol

In dit reglement wordt verstaan onder:

Het bestuur van het fonds kan, in overeenstemming met artikel 3 van zijn statuten en volgens de bepalingen vastgesteld in de wet en dit reglement subsidie verstrekken ten behoeve van een project indien het project naar het oordeel van het fonds een positieve bijdrage levert aan het bevorderen van actieve participatie aan het culturele leven van burgers in het Koninkrijk der Nederland ongeacht leeftijd, herkomst, opleiding en woonplaats, indien is voldaan aan alle formele en materiële vereisten zoals in dit reglement vermeld. Met het verstrekken van subsidies richt het bestuur zich op het ontwikkelen, stimuleren, spreiden of anderszins bevorderen of verbreiden van uitingen op het gebied van amateurkunst, cultuureducatie en volkscultuur.

Ter verwezenlijking van zijn doelstelling kan het bestuur van het fonds bij beschikking als bedoeld in artikel 11 van de Wet op het specifiek cultuurbeleid de volgende subsidies verstrekken:

Het bestuur van het fonds verstrekt slechts subsidie voor zover de Minister daartoe in enig tijdvak financiële middelen aan het fonds ter beschikking stelt.

De aanvraag voor subsidie wordt uiterlijk drie maanden voor de aanvang van het project ingediend. Het bestuur van het fonds kan bij deelreglement een andere indieningtermijn vaststellen. Een aanvraag die te laat is ingediend wordt afgewezen.

De aanvraag voor subsidie gaat in ieder geval vergezeld van de volgende informatie, benodigd voor de beslissing op die aanvraag:

Een aanvraag voor subsidie kan naast de in de artikelen 4:25, 4:34 en 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht genoemde gevallen worden geweigerd indien:

In de beslissing tot subsidieverlening kan het bestuur van het fonds verplichtingen stellen in ieder geval ter zake van de voorbereiding en/of uitvoering van het project en de presentatie van de resultaten, onverminderd hetgeen is geregeld in artikel 27c.

De subsidieontvanger zorgt ervoor dat de doelstelling van het project op doelmatige en financieel verantwoorde wijze wordt nagestreefd en uitgevoerd. In dat kader zorgt de subsidieontvanger ervoor dat hij een goed beleid en beheer voert, dat de subsidie op efficiënte wijze wordt gebruikt voor de doeleinden waarvoor zij is verleend en dat alle verplichtingen die het bestuur van het fonds aan het toekennen van de subsidie heeft verbonden, worden nageleefd.

Indien de subsidie minder dan € 25.000 bedraagt, toont de subsidieontvanger op verzoek van het fonds aan dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verstrekt, zijn verricht en dat is voldaan aan de verplichtingen die aan de subsidie zijn verbonden. Bij regeling of bij beschikking wordt aangegeven op welke wijze dit wordt aangetoond.

Indien de subsidie € 125.000 of meer bedraagt, legt de subsidieontvanger, onverminderd artikel 19, rekening en verantwoording af aan de hand van een financieel verslag. Artikel 4:76 van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing.

Een beschikking tot subsidievaststelling wordt gegeven:

Binnen acht weken na dagtekening van de beschikking tot vaststelling van de subsidie wordt het subsidiebedrag betaald of verrekend met betaalde voorschotten; tenzij in het besluit tot vaststelling anders is bepaald.

Onverschuldigd betaalde subsidiebedragen en voorschotten kunnen worden teruggevorderd voor zover na de dag waarop de subsidie is vastgesteld, dan wel de handeling als bedoeld in artikel 31 lid 1 sub d heeft plaatsgevonden, nog geen vijf jaren zijn verstreken.

Het bestuur van het fonds kan in individuele gevallen en in bijzondere gevallen voor één of meerdere verplichtingen van deze regeling ontheffing verlenen.

Het bestuur van het fonds kan in bijzondere gevallen ten gunste van de belanghebbende van het bepaalde in dit reglement of de daarop gebaseerde beleidsregels afwijken, indien de toepassing van de betreffende bepaling tot onbillijkheden van overwegende aard leidt.

In alle gevallen waarin de wet, de statuten, het Huishoudelijk reglement, dit reglement of deelreglementen niet voorzien, beslist het bestuur van het fonds.

Dit Algemeen reglement treedt in werking met ingang van 1 januari 2012 en vervangt het voorgaande Algemeen reglement van het Fonds voor Cultuurparticipatie dat na 31 december 2011 komt te vervallen.

Ten aanzien van het nemen van beslissingen die zijn aangevraagd voor de inwerkingtreding van dit Algemeen reglement maar waarop nog niet is beslist ten tijde van de inwerkingtreding van dit reglement, geldt hetgeen in dit reglement is bepaald indien dit voor betrokkenen tot een gunstiger uitkomst leidt.

Van toepassing op dit reglement is de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Deze regeling wordt aangehaald als: Algemeen reglement van het Fonds voor Cultuurparticipatie.